Aanhef
De burgemeester van de gemeente Bloemendaal,
Artikel 1 Procedure voor een ontzegging van meer dan 24 uur
1Voor het opleggen van een gebiedsontzegging van meer dan 24 uur is de ontvangst van de bestuurlijke rapportage/mutatie of een (mini)proces-verbaal voor de burgemeester de basis. De gebiedsontzegging kan voor maximaal 12 weken worden opgelegd. In de rapportage/mutatie worden de strafbare feiten vermeld waarvan betrokkene wordt verdacht deze gepleegd te hebben. Aan de hand van de feitentabel, die onderdeel is van deze beleidsregel, wordt vastgesteld voor hoe lang de gebiedsontzegging wordt opgelegd. Onder “strafbaar feit “wordt ook poging tot strafbaar feit” verstaan indien hierdoor de openbare orde wordt verstoord.
Als in de bestuurlijke rapportage strafbare feiten worden vermeld, die niet voorkomen in de feitentabel, zoekt de burgemeester aansluiting bij het onderscheid dat het Wetboek van Strafrecht maakt tussen overtreding en misdrijf.
Wordt het strafbare feit in het Wetboek van Strafrecht aangemerkt als een overtreding, dan valt deze onder categorie 1 of 2 van de feitentabel. Als het strafbare feit in het Wetboek van Strafrecht wordt aangemerkt als misdrijf, dan valt deze onder categorie 2 of 3 van het feitentabel. Om de categorie te bepalen weegt de burgemeester de impact van het strafbare feit(en) op de in artikel 2:78 APV genoemde belangen af.
2Het uitgangspunt is vervolgens dat binnen 10 werkdagen na ontvangst van genoemde rapportage/ (mini) proces verbaal een voornemen voor het opleggen van gebiedsontzegging en/of een bestuurlijke waarschuwing naar de betrokkene wordt gestuurd.
3Conform artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht wordt de betrokkene in de gelegenheid gesteld om zijn zienswijze te geven. De termijn voor het geven van de zienswijze is binnen 10 werkdagen gerekend vanaf de dag na verzending van het voornemen en/of de in het voornemen vermelde datum. Van de zienswijze wordt afgezien bij spoedeisende gevallen.
4De burgemeester neemt een besluit binnen 10 werkdagen na ontvangst van de zienswijze/of na verloop van de zienswijzetermijn. Deze termijn kan worden verlengd als door de zienswijze en/of informatie van de politie nader onderzoek door de burgemeester noodzakelijk wordt geacht.
5Bij het besluit wordt een kaart gevoegd waarop het gebied, waarvoor de gebiedsontzegging geldt, is aangegeven. Indien voor de burgemeester voldoende aannemelijk is dat de betrokkene een zwaarwegend belang heeft om zich in het gebied op te houden, worden het gebied of de tijden waarop het verbod van toepassing is dienovereenkomstig aangepast.
Het zal dan gaan om belangen in de persoonlijke sfeer, zoals wonen, werken, het bezoek aan een huisarts, advocaat of hulpverleningsinstanties.
6De ontzegging kan voor maximaal 12 weken worden opgelegd en geldt voor de gehele dag (24 uur). Tegen een gebiedsontzegging kan binnen zes weken gerekend vanaf de dag na verzending van het besluit bezwaar worden aangetekend.
Artikel 2 Procedure 24-uurs gebiedsontzegging
1Een gebiedsontzegging kan worden opgelegd voor de duur van 24 uur in het belang van de openbare orde, het voorkomen of beperken van overlast, het voorkomen of beperken van aantastingen van het woon- of leefklimaat, de veiligheid van personen of goederen, de gezondheid of zedelijkheid.
2Een gebiedsontzegging kan worden opgelegd nadat betrokkene door de politie is aangehouden en/of geverbaliseerd voor overtreding van een of meer van de in de feitentabel genoemde wettelijke bepalingen.
3De politie geeft de burgemeester een afschrift van de in mandaat uitgereikte 24-uurs gebiedsontzegging.
4Bij het besluit wordt een kaart van het gebied gevoegd waarvoor de gebiedsontzegging geldt. Indien voor de burgemeester voldoende aannemelijk is dat de betrokkene een zwaarwegend belang heeft om zich in het gebied op te houden, worden het gebied of de tijden waarop het verbod van toepassing is dienovereenkomstig aangepast.
Het zal dan gaan om belangen in de persoonlijke sfeer, zoals wonen, werken, het bezoek aan een huisarts, advocaat of hulpverleningsinstanties.
5De burgemeester kan na het verstrijken van de 24-uurs gebiedsontzegging besluiten om een nieuwe gebiedsontzegging op te leggen voor de duur van 24 uur, indien nog steeds, dan wel op zeer korte termijn opnieuw, vrees bestaat voor een verstoring van de openbare orde.
Artikel 3 Overige procedureregels
1Meerdere feiten
De burgemeester kan een langere gebiedsontzegging opleggen indien de betrokkene meerdere strafbare feiten heeft gepleegd, met een maximum van 12 weken.
2Betrokkene in voorlopige hechtenis/Opschorting gebiedsontzegging
In het geval de gebiedsontzegging wordt opgelegd op het moment dat de betrokkene zich (nog) in voorlopige hechtenis bevindt, gaat de gebiedsontzegging in op de dag na vrijlating en/of opheffing van de voorlopige hechtenis.
De burgemeester kan afzien van het opleggen van een gebiedsontzegging als de betrokkene meer dan 12 weken in voorarrest/hechtenis heeft gezeten.
3Geldige gebiedsontzegging
Als aan een persoon een gebiedsontzegging wordt opgelegd terwijl er voor hem al een gebiedsontzegging voor (een gedeelte van) datzelfde gebied geldt, gaat de nieuwe gebiedsontzegging in na afloop van de eerder opgelegde gebiedsontzegging.
4Waarschuwing
In plaats van een gebiedsontzegging kan de burgemeester een bestuurlijke waarschuwing geven. Dit kan hij bijvoorbeeld doen indien er sprake is van 1 overtreding van de in categorie 1 genoemde feiten en uit de feiten en omstandigheden blijkt dat de kans op herhaling klein is en geen gevaar bestaat voor de in artikel 2:78 APV genoemde belangen. Een bestuurlijke waarschuwing is geen besluit.
Als de betrokkene in de 24 maanden voorafgaand aan de aanhouding/staande houden een op naam gestelde waarschuwing heeft ontvangen, wordt een gebiedsontzegging opgelegd aan betrokkene conform de termijn uit de feitentabel, aangezien er gerechtvaardigde vrees bestaat voor hernieuwde openbare ordeverstoring.
5Recidive
Indien er in de 24 maanden voorafgaand aan de aanhouding een gebiedsontzegging is uitgereikt dan wordt opnieuw een gebiedsontzegging opgelegd conform de termijn uit de feitentabel, aangezien er gerechtvaardigde vrees bestaat voor hernieuwde openbare ordeverstoring.
Artikel 4 Registratie
Van de toepassing van de gebiedsontzeggingen wordt een register bijgehouden.
Artikel 5 Overgangsbepaling
Gebiedsontzeggingen die zijn opgelegd voor inwerkingtreding van deze beleidsregel, worden afgehandeld conform het besluit van de burgemeester van de gemeente Bloemendaal tot vaststelling van beleid over de toepassing van artikel 2:78 van de Algemene Plaatselijke Verordening (Beleidsregel gebiedsontzeggingen Bloemendaal 2021), inwerking getreden op 16 juli 2021.
Artikel 6 Intrekking oude beleidsregel
Het besluit van de burgemeester van de gemeente Bloemendaal tot vaststelling van beleid over de toepassing van artikel 2:78 van de Algemene Plaatselijke Verordening (Beleidsregel gebiedsontzeggingen Bloemendaal 2021), vastgesteld op 6 juli 2021 en in werking getreden op 16 juli 2021 wordt ingetrokken.