Artikel 1
Op basis van de berichtgeving van de deurwaarder aan de gemeente omtrent de geplande uitzetting onderzoekt de behandelend ambtenaar wie de opdrachtgever van de uitzetting is;
Artikel 2
indien de termijn waarop de ontruiming is gepland ruim genoeg is, wordt de opdrachtgever – per adres de deurwaarder! - namens het college in de gelegenheid gesteld een zienswijze in te dienen tegen de voorgenomen preventieve bestuursdwang;
Artikel 3
vervolgens wordt de preventieve bestuursdwangaanschrijving – met daarin een beoordeling en afweging van het via de zienswijze naar voren gebrachte – toegezonden;
Artikel 4
indien de termijn te kort is wordt onmiddellijk een preventieve bestuursdwangaanschrijving toegezonden aan de opdrachtgever, via de deurwaarder dus;
Artikel 5
indien het dan toch tot uitvoering van de bestuursdwang komt, worden de kosten bij de opdrachtgever in rekening gebracht.