Gemeentelijke regelgeving

Huisvestingsbeleid arbeidsmigranten Gemeente Berkelland 2025

Gemeente Berkelland · geldt sinds 21 augustus 2025

Aanhef

Inhoudsopgave

1Inleiding

2Context

2.1. Landelijk

2.2. Regionaal

2.3. Euregionaal

3Arbeidsmigranten

3.1. Doelgroep in beeld

3.2. Inschrijving

3.3. Sociale basis en zorg

4Huisvesting

4.1. Juridische instrumenten ten aanzien van volkshuisvesting

4.2. Huisvestingsvormen en locaties

4.3. Huisvestingsvoorwaarden, beheer en registratie

4.3. Toezicht en handhaving

5Bijlagen

5.1. Definities

4. Huisvesting

4.1. Juridische instrumenten ten aanzien van huisvesting

4.1.1 Wet goed verhuurderschap

De Wet goed verhuurderschap is opgesteld om te waarborgen dat verhuurders zich aan de regels van goed verhuurderschap houden en om misstanden op de huurmarkt tegen te gaan. Artikel 5 van deze wet biedt gemeenten de mogelijkheid een zogenoemde verhuurverordening op te stellen, waarin wordt bepaald dat zonder vergunning van het college in bepaalde gevallen een woon- of verblijfsruimte niet mag worden verhuurd. Deze vergunningplicht mag afgebakend worden voor specifieke doelgroepen, waaronder arbeidsmigranten. Het afwegingskader bij vergunningen bevat doorgaans (een aantal van) de volgende elementen:

-Er moet een concept/model-huurovereenkomst overlegd worden, de huurprijs wordt gedeeld, en duidelijk wordt gemaakt om welk pand het gaat;

-De verhuurder geeft inzicht in of hij in aanraking geweest is met handhaving op grond van de Wet goed verhuurderschap;

-Gemeenten kunnen voorts de volgende vergunningvoorwaarden verbinden aan de vergunning:

○ De verhuurder toont aan hoe hij invulling geeft aan de regels van goed verhuurderschap;

○ Het opstellen van een onderhoudsplan voor de woonruimte;

○ De verblijfsruimten voldoen voor arbeidsmigranten aan de geldende eisen van de bouwregelgeving;

○ De aanwezige voorzieningen (keuken, was en doucheruimte etc., houden rekening met het maximumaantal arbeidsmigranten die kunnen verblijven in het gebouw.

De wet maakt bij de weigeringsgronden ook een koppeling met de Wet BIBOB. De bedoeling is daarmee echt om slechte aanbieders uit de markt te weren. Als verhuurders de benodigde vergunning niet vragen, biedt de Wet goed verhuurderschap de mogelijkheid tot handhaving. Bij de eerste overtreding mag een bestuurlijke boete ter hoogte van maximaal de vierde categorie, zoals opgenomen in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht opgelegd worden, heden ten dage ca. €25.000. Bij recidive kan een bestuurlijke boete ter hoogte van maximaal de vijfde categorie worden opgelegd, heden ten dage ca. €100.000.

Het instellen van een verhuurverordening heeft twee belangrijke voordelen:

1De gemeente krijgt grip op de huisvestingsomstandigheden van arbeidsmigranten, misstanden kunnen eerder worden gesignaleerd (en idealiter voorkomen), en slechte verhuurders kunnen worden geweerd;

2De gemeente krijgt in algemene zin meer zicht op de schaal van huisvesting van arbeidsmigranten; voor elke huisvestingssituatie van deze doelgroep zou dan een vergunning aangevraagd moeten worden.

Aan het opzetten van een nieuw vergunningstelsel zit wél een uitvoeringsvraagstuk. Of, en zo ja hoeveel capaciteit vrijgemaakt zou moeten worden voor de uitvoering van een verhuurverordening is niet te voorspellen zolang de scope van zo een regeling niet vaststaat. Dit komt, samen met financiële consequenties, terug bij het voorstel voor de verordening.

4.1.2 Omgevingswet

De Omgevingswet geeft de gemeente de bevoegdheid om te bepalen welke functies op welke locaties ruimtelijk gezien toelaatbaar zijn. Dit kan door in het omgevingsplan regels op te nemen over het toestaan of verbieden van bepaalde gebruiksdoeleinden voor bepaalde functies. In hoofdstuk 4.2 gaan wij in op de vraag binnen welke functie wij de huisvesting van arbeidsmigranten vanuit beleidsmatig oogpunt wenselijk vinden. Dit is niet in alle gevallen in overeenstemming met de juridische toelaatbaarheid van arbeidsmigrantenhuisvesting in bepaalde functies, zoals vastgelegd in het huidige omgevingsplan.

Het college geeft voorrang aan het opstellen van een verhuurverordening zoals bedoeld in paragraaf 4.1.1, en deze aan de raad voor te leggen. Dit komt mede voort uit het feit dat door de recente inwerkingtreding van de Omgevingswet het omgevingsplan op een aantal punten nog nader uitgewerkt wordt. Als de voornoemde inzetten op grond van de Wet goed verhuurderschap inadequaat zijn om voldoende in te spelen op huidige of toekomstige behoeften ten aanzien van arbeidsmigrantenhuisvesting, is het aanwenden van omgevingsrechtelijke instrumenten de meest aangewezen weg.

4.1.3 Huisvestingswet

De Huisvestingswet geeft de mogelijkheid een Huisvestingsverordening in te stellen, waarin het splitsen en onttrekken van woningen uit de woningvoorraad gereguleerd kan worden. Het splitsen of onttrekken is dan vergunningplichtig en daar zijn een aantal randvoorwaarden aan te verbinden.

In Berkelland is het juist de bedoeling om kamergewijze verhuur in te zetten om meer woningen beschikbaar te maken. Ook zijn de motiveringsvereisten die gesteld worden aan een huisvestingsverordening ten aanzien van aanwezige schraarste erg hoog. Mede gelet op deze redenen, richt het college zich primair en subsidiair op de voornoemde instrumenten. Op korte termijn is het college ten aanzien van de huisvesting van arbeidsmigranten niet voornemens een huisvestingsverordening uit te werken.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.