Gemeentelijke regelgeving

Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Berkelland houdende regels omtrent Rijksbeschermd dorpsgezicht Gelselaar; Welstandbeleid Energieopwekking 2019

Gemeente Berkelland · geldt sinds 24 maart 2020

Aanhef

De raad van de gemeente Berkelland;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 januari 2020;

b e s l u i t :

vast te stellen:

de nieuwe welstandsregels voor het plaatsen van zonnepanelen in Gelselaar zoals opgenomen in het ‘Rijksbeschermd dorpsgezicht Gelselaar; Welstandbeleid Energieopwekking 2019’.

4. Welstandcriteria

3.1 Beschermd maar toch kansrijk ….

Bij het plaatsen van zonnepanelen op daken binnen het beschermde dorpsgezicht moet rekening worden gehouden met de beschermde waarden. Het ontwerpen van een plan voor zonnepanelen, dat voldoende rekening houdt met de waardevolle karakteristieken blijft echter altijd maatwerk, omdat deze waarden per pand verschillen. Geadviseerd wordt daarom in een vroeg stadium advies te vragen bij de commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Dit geldt ook voor zonnecollectoren.

Collectieve energietransitie

De beschermde status maakt Gelselaar interessant voor een collectief plan voor energietransitie. De tastbare ontwikkelgeschiedenis is een van de pijlers geweest van de bescherming. Energietransitie is ook tastbaar en zichtbaar en kan daarmee een nieuwe waarden toevoegen en is daarmee in lijn met de beschermde status. Zo’n plan kan een nieuwe zichtbare laag toevoegen aan het dorpsgezicht, mits dat met visie en met respect voor oudere, beschermde lagen wordt gedaan.

Zo zouden bijvoorbeeld op enkele grote stallen of schuren buiten het dorp zonnepanelen kunnen worden aangebracht, die voorzien in de collectieve behoefte. Benutten van de sportaccommodatie is ook een optie. Ook denkbaar zijn bijvoorbeeld windenergie, mestvergisters en het benutten van de warmte van de waterstromen van de Bolksbeek of de Koningsbeek.

Zon op erf en zonneakkers

In de beleidsvisie Ruimtelijke Ordening en Duurzame Energieopwekking in Berkelland is als beleidsuitgangspunt 10 gesteld dat zonnepanelen zijn zoveel mogelijk gerealiseerd moeten worden in de vorm van meervoudig ruimtegebruik. Maar men realiseert zich tegelijkertijd dat dat hiermee niet voldoende energie opgewekt kan worden. Er zullen ook panelen op de grond geplaatst moeten worden om voldoende energie op te wekken via de zon. Bij opwekking van zonne-energie voor eigen gebruik zal dus altijd eerst onderzocht moeten worden of er zonnepanelen op en aan gebouwen kunnen worden gerealiseerd. Als dat niet goed mogelijk is kunnen zonnepanelen op de grond een goed alternatief bieden.

•Op kleine schaal zijn zonnepanelen op boeren erven denkbaar, mits goed ingepast in de erfinrichting. Onder boeren erven worden hier ook erfensembles bedoeld, die geen agrarische functie (meer) hebben.

•Op de open essen zijn zonneakkers ongewenst, omdat dit ten koste zou gaan van waardevolle zichtlijnen. Op bijgaand kaartje uit het Actueel Hoogtebestand Nederland zijn de essencomplexen rond Gelselaar goed te zien.

•Kleinschalige zonneakkers zijn denkbaar in lager gelegen gebieden langs de buitenzijde van de essen, bijvoorbeeld ten noorden van de Woltersdijk, in het Gelselaarse Broek of in de omgeving van de Koningsbeek, mits hier gelijktijdig het coulisselandschap wordt versterkt. Door buiten de randen van de essen het landschap meer besloten te maken wordt de openheid van de essen nog beter ervaarbaar. Bovendien zorgen de coulissen er dan voor dat het technische karakter van de zonneakkers wordt verzacht.

•Beperkende factoren zijn bijvoorbeeld de kosten voor aansluiting op het bestaande elektriciteitsnetwerk vanwege de afstand tot onderstations.

Afbeelding van Gelselaar e.o. gegenereerd met viewer Actueel Hoogtebestand Nederland: de hogere delen in oker en geel.

Zonnepanelen en zonnecollectoren op daken

De hierna te benoemen criteria gelden voor plaatsing van zonnepanelen en zonnecollectoren in het beschermde dorpsgezicht. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen algemene criteria of hoofdeisen, gebiedscriteria en thematische criteria.

1Bij de beoordeling van een plan wordt eerst gekeken of een plan voldoet aan de gebiedscriteria. De indeling van de deelgebieden sluit aan bij het Beeldkwaliteitsplan van het beschermd dorpsgezicht Gelselaar.

2Als een plan voldoet aan de gebiedscriteria moet het vervolgens getoetst worden aan de thematische criteria, die gaan over kleurstelling en compositie van zonnepanelen.

3Als een plan niet of niet geheel voldoet aan de gebiedscriteria of de thematische criteria dan kan toch een positief advies worden gegeven als overtuigend kan worden gemotiveerd dat een plan wel voldoet aan de algemene criteria.

3.2 Algemene criteria

De algemene criteria zijn feitelijk de hoofdeisen, waaraan elk plan moet voldoen. De algemene criteria worden gebruikt om afwijking van de specifieke criteria (3.3 t/m 3.6) te motiveren.

•De rust in het oorspronkelijke bekappingsbeeld zo min mogelijk aantasten.

•Specifieke architectonische kenmerken van de kapvorm zichtbaar houden.

•Uit cultuurhistorisch oogpunt waardevolle materialen en detailleringen behouden.

•Niet of nauwelijks zichtbaar vanaf de oude straten in de dorpskom (straten van voor 1920, zie kaart).

•Op gebouwen, die in het beeldkwaliteitplan zijn aangeduid als “te behouden”, waar geen oorspronkelijke dakbedekking meer aanwezig is, zijn voldak-systemen, indak-systemen en zonnepannen goede alternatieven, omdat de rust in het bekappingsbeeld wordt behouden.

3.3 Gebiedscriteria voor zonnepanelen en -collectoren

De beeldkwaliteitsgebieden met bebouwing, die in het Beeldkwaliteitsplan van het beschermd dorpsgezicht zijn onderscheiden zijn in voorliggende notitie gegroepeerd tot 3 zones.

Beeldkwaliteits-gebieden

Het carré

De linten

Boeren erven buiten de dorpskom

Naoorlogse bebouwing

Individuele bouw

Sportveld

A

A

B

C

C

C

Beeldkwaliteitsgebieden

Zone A: Het Carré en de Linten

Het Carré en de Dorpsstraat vormen de meest gave delen van het beschermde dorpsgezicht. Hier zijn de gebouwen geconcentreerd, die in het beeldkwaliteitplan zijn aangeduid als “te behouden”. Langs de andere straten, die binnen de Linten liggen, zijn de “te behouden” gebouwen meer gespreid. Het dakenlandschap van deze waardevolle ensembles (het Carré en de Dorpsstraat) is het meest kritisch als het gaat om de toevoeging van zonnepanelen. De afstand t.o.v. de waarnemer is vaak kort, waardoor kenmerkende of waardevolle details goed zichtbaar zijn. Door de losse plaatsing van gebouwen binnen deze ensembles ontstaan onverwachte en steeds wisselende zichtlijnen die kenmerkend zijn voor (het historische en) beschermde karakter.

•Om bovenstaande redenen, zijn op gebouwen in het Carré en langs de Dorpsstraat geen zonnepanelen toegestaan. Wel mogen collectoren onder de dakbedekking worden geplaatst.

•Voor de overige gebieden binnen de Linten zijn zonnepanelen niet toegestaan op gebouwen van voor 1920. Voor gebouwen na 1920 zijn zonnepanelen mogelijk als ze voldoen aan de thematische criteria voor compositie en kleurstelling.

Zone B: Boeren erven buiten de dorpskom

Het zicht op boerderijensembles vanaf de essen vormt een kernwaarde. Deze ensembles staan zowel aan de rand van het dorp als erbuiten. De gebouwen van voor 1920 zijn het meest kritisch als het gaat om plaatsing van zonnepanelen. Daarom kan beter eerst worden gekeken naar de mogelijkheden, die jongere gebouwen bieden. Vaak zijn dit grotere volumes met meer eenduidige dakvlakken.

•Zonnepanelen tasten het silhouet van de boeren erven vanaf de essen zo min mogelijk aan, omdat deze op afstand gezien ondergeschikte toevoegingen zijn en de oorspronkelijke hoofdvorm en belijning van de kappen goed beleefbaar blijft.

•Op gebouwen van voor 1920 en op gebouwen, die in het beeldkwaliteitplan zijn aangeduid als “te behouden” worden geen zonnepanelen aangebracht. Wel mogen collectoren onder de dakbedekking worden geplaatst.

•Stallen en schuren met grotere, rechthoekige dakvlakken, gebouwd na 1920 zijn in het algemeen geschikt voor het plaatsen van zonnepanelen.

•Zonnepanelen op deze grote dakvlakken worden aangebracht in een patroon, dat de samenhang, de schaal en de belijning van het dakvlak ondersteunt. Met dit doel is afwijking van de thematische criteria mogelijk.

Zone C: Naoorlogse bebouwing, Individuele bouw, het Sportveld

•Op panden in de jongere woonbuurten Teeuwland, Krebbersstraat en de Mölle zijn zonnepanelen mogelijk als ze voldoen aan de bovengenoemde welstandscriteria.

•Voor de complexmatige woningbouw langs de Krebbersstraat geldt bovendien, dat er sprake is van eenheid en uniformiteit in de vormgeving en plaatsing van zonnepanelen op hoofdgebouwen. Dit is vereist voor de dakvlakken, die zichtbaar zijn vanaf de Dorpsstraat, de Pastorieweg en de Van Bevervoordestraat.

•Een rechthoekig vlak van twee rijen gematteerde, zwarte zonnepanelen mag worden geplaatst op één pan afstand van de dakgoot, met de korte zijde van de panelen evenwijdig aan de goot 2x4 of 2x5 panelen). Zonnecollectoren worden onder de dakbedekking geplaatst. In plaats van deze regels kunnen andere collectieve afspraken gemaakt worden, als die voldoen aan de hiervoor genoemde eis.

•De platte daken of gevels van de bebouwing bij het sportveld zijn zeer geschikt voor plaatsing van zonnepanelen.

3.4 Thematische criteria voor compositie en kleurstelling

Wanneer in een bepaalde situatie zonnepanelen zijn toegestaan gelden altijd de volgende criteria voor hellende dakvlakken:

•Per dakvlak één soort panelen toepassen, die allemaal in dezelfde richting worden geplaatst. Wanneer met PV-panelen en zonnecollectoren wil combineren worden collectoren onder de dakbedekking geplaatst.

•Panelen worden geplaatst onder dezelfde hellingshoek als het dakvlak.

•De kleur van de panelen is afgestemd op de oorspronkelijke dakbedekking. De kleur komt overeen of is matzwart. De panelen hebben geen rasterpatroon, lichte randen noch lichte accenten en zijn gematteerd uitgevoerd (weinig tot geen reflectie).

•Het plaatsen van zonnepanelen op of in rieten dakbedekking is niet toegestaan. Wel is het in sommige gevallen mogelijk bij kappen, waarvan alleen de bovenzijde met riet is bedekt langs de onderzijde een strook met zonnepanelen aan te brengen.

•Panelen geclusterd tot één rechthoekig vlak of strook bij kleinere daken of tot enkele rechthoekige vlakken of stroken bij grotere dakvlakken.

•Vlakken of stroken van zonnepanelen zijn systematisch geplaatst in een patroon t.o.v. elkaar, de dakranden en andere elementen in het dak.

•In plaats van met vlakken of stroken te werken kan ook het volledige dakvlak worden bedekt met zonnepanelen/collectoren (voldaksystemen). Vooral van een afstand gezien levert dit het gewenste rustige beeld op. Bij afgeschuinde dakvlakken kunnen de overhoeken, waar geen rechthoekig paneel meer past, met zogenaamde dummypanelen worden opgevuld.

Voor platte daken gelden altijd de volgende criteria:

•Per dakvlak één soort panelen toepassen, die in een regelmatig patroon worden geplaatst.

•Panelen achter een opstaande dakrand plaatsen of op enige afstand ervan, zodat vanaf de grond de panelen niet van dichtbij zichtbaar zijn.

Zie ook:

https://www.milieucentraal.nl/energie-besparen/zonnepanelen/zonnepanelen-kopen/hoe-leg-ik-zonnepanelen-mooi-neer/

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.