Artikel 1:8 Weigeringsgronden
De vergunning of ontheffing kan door het bevoegd gezag of het daartoe bevoegde
bestuursorgaan worden geweigerd in het belang van:
a.de openbare orde;
b.de openbare veiligheid;
c.de volksgezondheid;
d.de bescherming van het milieu.
Artikel 5:17 Begripsbepaling standplaats
1.Daar wordt onder verstaan: het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de
openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen of
het anderszins aanbieden van goederen en diensten, gebruikmakend van fysieke
middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel.
2Onder standplaats wordt niet verstaan:
a.een vaste plaats op een jaarmarkt of markt als bedoeld in artikel 160, eerste lid,
aanhef en onder h, van de Gemeentewet;
b.een vaste plaats op een evenement als bedoeld in artikel 2:24.
Artikel 5:18 Standplaatsvergunning en weigeringsgronden
1.Het is verboden zonder vergunning van het college een standplaats in te nemen of te
hebben.
2Het college weigert de vergunning wegens strijd met het bestemmingsplan.
3Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de vergunning worden geweigerd:
a.als de standplaats zelf of in verband met de omgeving niet voldoet aan eisen van
redelijke welstand;
b.als door bijzondere omstandigheden in de gemeente of in een deel van de gemeente
redelijkerwijs te verwachten is dat door het verlenen van een vergunning voor het
hebben van een standplaats voor het verkopen van goederen een redelijk
verzorgingsniveau voor de consument ter plaatse in gevaar komt.
4.Het in het eerste lid gestelde verbod geld niet als het gaat om de verkoop van ter
plaatse geoogste agrarische producten en/of ter plaatse vervaardigde agrarische
producten mits:
a.de verkoop plaatsvindt op bij de standplaatshouder in eigendom of beheer zijnde
terrein;
b.er geen overlast ontstaat;
c.de uitstalling voldoet aan redelijke eisen van welstand;
d.de verkeersvrijheid en -veiligheid niet in het geding is;
e.er geen sprake is van bouwwerken als bedoeld in de Woningwet;
f.de verkoop niet in strijd is met het geldende bestemmingsplan of andere regelgeving;
g.de standplaats niet groter is dan 4 m2.
5Het verbod geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien
door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken of de Wegenverordening Gelderland 2010.
6De weigeringsgrond in het tweede lid, onder a, geldt niet voor bouwwerken.
7Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve
fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.
Artikel 5:19 Toestemming rechthebbende
Het is de rechthebbende op een perceel verboden toe te staan dat daarop zonder vergunning van het college standplaats wordt of is ingenomen.
Winkeltijdenwet
Artikel 2
· 1. Het is verboden een winkel voor het publiek geopend te hebben:
· a. op zondag;
· b. op Nieuwjaarsdag, op Goede Vrijdag na 19 uur, op tweede Paasdag, op Hemelvaartsdag, op tweede Pinksterdag, op 24 december na 19 uur, op eerste en tweede Kerstdag en op 4 mei na 19 uur;
· c. op werkdagen voor 6 uur en na 22 uur.
· 2. Het is voorts verboden op de in het eerste lid bedoelde dagen en tijden in de uitoefening van een bedrijf, anders dan in een winkel, goederen te koop aan te bieden of te verkopen aan en in rechtstreekse aanraking met particulieren.