Gemeentelijke regelgeving

Onderwijskansenplan 2024-2027

Gemeente Bergen (L) · geldt sinds 17 april 2024

Aanhef

Burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen (L),

Overwegende:

-dat in 2019 het “Onderwijskansenbeleid Gemeente Bergen 2019-2023” is vastgesteld;

-dat voornoemd beleid inmiddels achterhaald is;

-dat in 2024 een nieuw Onderwijskansenplan 2024-2027 is opgesteld;

-dat dit het nieuwe geldende beleid dient te worden;

-dat het eerdere beleid dient te worden ingetrokken;

-dat zowel de vaststelling als de intrekking bij dit besluit geschiedt.

Gelet op:

artikel 160 van de Gemeentewet en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

Besluiten

I. Het vaststellen van het “Onderwijskansenplan 2024-2027”. Het plan treedt in werking op de dag na bekendmaking.

II. Het gelijktijdig intrekken van het “Onderwijskansenbeleid gemeente Bergen 2019-2023”

Bijlage 1. Evaluatie onderwijskansenplan 2019-2023

In het onderwijskansenplan 2019-2023 staan op diverse plekken focuspunten en ambities genoemd. Overkoepelend doel is het verbeteren van onderwijskansen voor kinderen met achterstanden. Hier is aan gewerkt binnen verschillende thema’s zoals NT1 en NT2 onderwijs; ouderbetrokkenheid; locatieplannen; doorgaande leerlijn; kwaliteit van het VVE aanbod; bereik, spreiding en aantal uren vve aanbod. Hieronder volgt een korte terugblik op de thema’s met daarbij het bereikte resultaat.

Ouderbetrokkenheid

Ouderbetrokkenheid met als ambitie ‘Ouders hun rol als educatieve partners bij de ontwikkeling van hun kind(eren) te laten nemen door betrokkenheid bij de ontwikkeling van hun kind(eren) en door zelf die ontwikkeling te stimuleren’: Dit zou onder andere tot uitdrukking moeten komen in scholing, taalcursussen en laagdrempelige opvoedondersteuning. Ook zou er per locatie (kinderopvang en basisschool) specifieke aandacht voor dit thema moeten komen (onder andere in opstellen van doelen). Concrete ambitieafspraken rondom ouderbetrokkenheid zijn:

•De huidige afspraken ouderbetrokkenheid uit de monitor 2011-2019 worden voortgezet;

•Alle ouders van doelgroepkinderen worden gestimuleerd om thuis ontwikkelingsgerichte activiteiten met hun peuters te doen;

•Alle ouders participeren in VVE activiteiten;

•Alle ouders van doelgroepkinderen worden minimaal halfjaarlijks geïnformeerd over de ontwikkeling van hun kind.

Dit focuspunt is onvoldoende behaald. Corona is hier mede de oorzaak van, omdat er toen veel minder direct contact mogelijk was met ouders. Dit maakt bijvoorbeeld ook het participeren door ouders een lastig verhaal. Corona heeft wel andere communicatiekanalen/manieren voortgebracht om met ouders in contact te komen/blijven. Een andere reden voor het onvoldoende behalen van de ambitie is dat er nog geen gezamenlijk doel/visie is met concrete afspraken rondom ouderbetrokkenheid. Dit werd duidelijk in een gezamenlijke bijeenkomst met stakeholders rondom het thema ouderbetrokkenheid. Tijdens deze bijeenkomst werd ook duidelijk dat ouderbetrokkenheid en ouderparticipatie twee aparte termen zijn met ieder hun eigen betekenis. Daar was nog wat verwarring over. Ouders worden wel periodiek geïnformeerd over de ontwikkeling van hun kind en worden in meer of mindere mate gestimuleerd om thuis ontwikkelingsgerichte activiteiten te doen met hun peuter(s).

Locatieplannen

In het onderwijskansenplan 2019-2023 is aangeven om voor de locatieplannen verder te gaan op de ingeslagen weg. Dit betekent dat er op elke locatie een locatieplan wordt ingevoerd in verband met de doorgaande leerlijn en kwaliteitsbewaking. De concrete ambitieafspraak hierbij is dat elke locatie voor- en vroegschool met een locatieplan werkt. Deze afspraak is behaald omdat op elke locatie (5 locaties) een locatieplan aanwezig is. Daarnaast is er medio 2023 een aparte bijeenkomst geweest in het kader van de locatieplannen. Dit met als doel om met en van elkaar te leren. De ervaringen rondom deze bijeenkomst waren positief en het streven is om dit jaarlijks terug te laten komen. Dit komt de kwaliteit van de locatieplannen ten goede.

Doorgaande leerlijn

Doorgaande leerlijn van voorschool naar vroegschool. Hierbij zijn de volgende ambities opgesteld:

•Een intensieve samenwerking tussen voorschoolse voorzieningen en basisscholen tot stand brengen en te behouden met als doel de doorgaande lijn te versterken;

•Een goede overdracht te behouden van kinderen van 4 jaar vanuit iedere voorschoolse voorziening naar de basisschool, ook voor kinderen met zorgvragen.

De samenwerking tussen betrokkenen uit de voorschool en vroegschool is prima en daar waar noodzakelijk wordt warm overgedragen tussen voor- en vroegschool. Zeker daar waar het om kinderen met zorgvragen gaat. Belangrijk is om in te blijven zetten om de intensieve samenwerking binnen de doorgaande leerlijn.

Kindvolgsysteem

Met een kindvolgsysteem kan de ontwikkeling van het kind (peuter/kleuter) in beeld gebracht worden. De ambitie bij dit thema is: De resultaten van VVE volgen en delen en daarop verder sturen. Door jaarlijks een VVE monitor uit te laten voeren, worden de resultaten gevolgd en kan er bijgestuurd worden. De resultaten worden uit verschillende kindvolgsystemen gehaald, omdat niet elke partner (kinderopvang en scholen) met hetzelfde systeem werkt. Dit zorgt ervoor dat de ambitieafspraak ‘alle voor- en vroegscholen werken met Kijk!’ niet behaald is. Scholen en kinderopvang zijn vrij in de keuze die ze maken voor een kindvolgsysteem. Enkele scholen hebben de keuze gemaakt om af te tappen van Kijk! en een ander volgsysteem te hanteren. Dit neemt niet weg dat wel elke voor- en vroegschool gebruikmaakt van een kindvolgsysteem.

Kwaliteit VVE aanbod

Bij dit thema is de algemene ambitie opgenomen om een aanbod VVE te realiseren van hoge kwaliteit. Om dit wat specifieker te maken is de ambitieafspraak opgesteld dat alle VVE locatie met een erkend VVE programma werken of werken met een gestructureerd aanbod voor taal, rekenen, motorische vaardigheden en sociaal-emotionele ontwikkeling. Binnen de kinderopvanglocaties met VE aanbod wordt gewerkt met een erkend VVE programma. Op de basisscholen wordt met een gestructureerd aanbod voor taal, rekenen, motorische vaardigheden en sociaal-emotionele ontwikkeling gewerkt. Middels de locatieplannen wordt met name ook ingezet op de doorgaande leerlijn van voorschool naar vroegschool, wat de kwaliteit van het VVE aanbod ten goede komt.

Bereik, spreiding en aantal uur VVE

Rondom het bereik, de spreiding en het aantal uren VVE zijn in het onderwijskansenplan 2019-2023 verschillende ambities en afspraken geformuleerd. Een belangrijke overstijgende ambitie hierbij is om alle peuters (2-4 jarigen) in beeld te krijgen en om ze kansen te bieden om zich goed te kunnen ontwikkelen en mee te doen. Dit is heel ambitieus omdat heel lastig is om alle peuters in beeld te krijgen en houden. Om dit te bewerkstelligen ligt er wel een intensieve samenwerking met de jeugdgezondheidszorg. Deze samenwerking is met name gericht op een stukje toeleiding naar voorschoolse educatie. Bovendien wordt de VVE indicatie ook afgegeven door de jeugdgezondheidszorg. Hierin zijn met name de contactmomenten bij het consultatiebureau leidend. Elk kind dat naar het consultatiebureau komt, is en blijft in beeld.

Specifiek zijn voor het bereik en de spreiding de volgende ambities en resultaten opgesteld:

•Zoveel mogelijk kinderen met een taal- of ontwikkelachterstand (VVE doelgroepkind) te bereiken. Het streven is minimaal 90% (90% van 25 aan te bieden doelgroep plaatsen);

•Aantal ouders dat voor peuters geen VVE wil inzetten is jaarlijks maximaal 10%;

•Alle geïndiceerde VVE peuters worden binnen één maand op de voorschool geplaatst;

•Het voorschoolse aanbod VVE voor peuters toegankelijk houden in elk dorp en waar dat niet kan wordt een kwalitatief goed basisaanbod OKI geboden.

Uit de VVE monitoren van de laatste 3 jaren is het niet eenduidig te concluderen dat 90% van de doelgroep plaatsen bezet is. In 2020 waren 20 plekken bezet (80%). In 2021 hadden gemiddeld 27 kinderen een VVE aanbod, terwijl de VVE monitor in 2021 het aantal van 19 laat zien (76%). Dat was een momentopname en steekt daarmee schril af tegen het gemiddelde. In 2022 is het gemiddeld aantal kinderen dat VVE geniet 25, terwijl in de monitor het aantal van 26 genoemd staat (104%). Het is meer betrouwbaar om in de VVE monitor uit te gaan van het gemiddeld aantal VVE kinderen in een jaar in plaats van één meetmoment. Overigens is er geen wachtlijst bij de aanbieder, alle kinderen worden snel geplaatst nadat ze een VVE indicatie hebben gekregen en de leeftijd hebben om te starten met het aanbod.

Over het algemeen maken de peuters met een VVE indicatie gebruik van het aanbod. Zowel in 2020 als in 2022 zijn alle kinderen gestart met het VVE aanbod. In 2021 maakten 13 van de 21 volledig gebruik van het VVE aanbod (62%). Zes kinderen zijn wel gestart, maar ouders hebben de keuze gemaakt om te stoppen (o.a. door verhuizing). Twee kinderen hebben gebruikgemaakt van het aanbod van een gastouder.

Wat betreft het aantal uren VVE per week is opgenomen dat uiterlijk per 1 januari 2020 iedere doelgroeppeuter VVE van 2.5 jaar een voorschools aanbod aangeboden krijgt van 16 uur. Dit als gevolg van nieuwe wet- en regelgeving. Per 1 augustus 2020 is dit gerealiseerd (blijkt uit de vragenlijst VVE van de inspectie en de verantwoording kosten VVE 2020). Bovendien is er in elke kern (Afferden, Siebengewald, Well, Wellerlooi en Bergen) een VVE aanbod. In Wellerlooi kan niet de volledige 16 uur (4 dagdelen) afgenomen worden, maar via een combinatie in Well kan wel 16 uur behaald worden.

NT1 en NT2 aanbod

Voor de Nederlandse taal als tweede taal (NT2) staat in het onderwijskansenplan 2019-2023 vermeld dat de focus ligt op het mede vormgeven van NT2 waarbij Nederlandse les wordt gegeven aan anderstaligen (kind als ouder). Voor de Nederlandse taal als eerste taal (NT1) gaat het om de taalintensivering waarbij de nadruk ligt op 0-6 jarigen. Zowel voor NT2 als NT1 zijn de eerste stappen gezet. Dit zit met name in de activiteiten die ’t Kienderbenkske doet rondom de anderstaligen en de NT1 kinderen die extra ondersteuning kunnen gebruiken. Dit is vooral op de kinderen gericht. Daarnaast wordt een Arabische tolk ingezet die met name de ouders van VVE geïndiceerden kinderen helpt met vertalingen en ondersteuning. Ook wordt er nog steeds gebruikgemaakt van de voorleesexpres om ouders in de thuissituatie te ondersteunen met voorlezen (NT2 als NT1 ouders). Naast genoemde activiteiten zijn er in 2023 nog twee mooie stappen gezet rondom dit thema. Er is een nu-meting gedaan rondom het NT2 onderwijs binnen de basisscholen. Daarnaast zijn taalconsulenten bezig geweest om in de kinderopvang en de kleutergroepen te screenen op spraak/taal.

De nu-meting maakt duidelijk dat er behoeften liggen rondom NT2 onderwijs. Dit is een mooi thema om in het onderwijskansenplan 2023-2027 verder uit te werken. De eerste signalen van de inzet van de taalconsulenten zijn positief. Verdere ontwikkeling en verankering hiervan zal in de periode van het onderwijskansenplan 2023-2027 plaatsvinden.

Conclusie

Door het gehele onderwijskansenplan 2019-2023 staan focuspunten, ambities en ambitieafspraken vermeld. Over het algemeen kan geconcludeerd worden dat betrokkenen met elkaar hard aan het werk zijn om de onderwijskansen in de gemeente Bergen te verbeteren. Een aantal ambities en afspraken zijn behaald, maar ook zijn er op enkele punten nog verdere stappen te zetten. Dit sluit ook aan bij wat uit de ingevulde vragenlijsten komt. Zorg voor verdieping op reeds genoemde thema’s en probeer waar mogelijk meer concreet/resultaat gericht te worden in een compacter nieuw onderwijskansenplan.

Bijlage 2. Overzicht wetgeving

Wetten

Wet op het primair onderwijs (1981)

Deze wet richt zich met name op de ononderbroken ontwikkeling van leerlingen. Hierbij zijn de afzonderlijke onderwijsvormen kleuteronderwijs en gewoon lager onderwijs samengevoegd tot een onderwijsvorm die is gericht op een doorlopend ontwikkelingsproces van leerlingen. De wet bepaalt hoe het basisonderwijs in grote lijnen geregeld moet zijn. De wet gaat in op diverse onderdelen rondom het primair onderwijs.

Op basis van deze wet heeft de gemeente een aantal specifieke taken, met name op haar regierol. deze taken zijn:

-Zorgdragen dat er in de gemeente voldoende voorzieningen in aantal en spreiding zijn, waar kinderen met een risico op een achterstand in de Nederlandse taal deel kunnen nemen aan voorschoolse educatie;

-Het minimaal jaarlijks overleg met betrokken uit onderwijs en kinderopvang en zorgdragen voor het maken van afspraken over:

-Een zo groot mogelijke deelname aan voorschoolse educatie realiseren (doelgroepdefinitie; toeleiding en doorlopende leerlijn voor- en vroegschool);

-De resultaten van de vroegschoolse educatie

-Samen met de bevoegde gezagsorganen van de scholen en kinderopvang jaarlijks overleg voeren over het voorkomen van segregatie, het bevorderen van integratie en het bestrijden van onderwijsachterstanden, de afstemming over inschrijvings- en toelatingsprocedures en een evenwichtige verdeling van leerlingen met een onderwijsachterstand over de scholen.

wetten.nl - Regeling - Wet op het primair onderwijs - BWBR0003420 (overheid.nl)

Wet op het onderwijstoezicht (2002)

Het is wenselijk dat er regels vastgesteld zijn met betrekking tot het toezicht op het onderwijs. Deze wet gaat daarop in en borgt dat de inspectie van het onderwijs toezicht houdt op de kwaliteit van het onderwijs en de voorschoolse educatie.

wetten.nl - Regeling - Wet op het onderwijstoezicht - BWBR0013800 (overheid.nl)

Wet kinderopvang (2004)

Deze wet gaat in op de tegemoetkoming in de kosten van de kinderopvang en het waarborgen van de kwaliteit van de kinderopvang. De wet wil de combinatie arbeid en zorg vergemakkelijken en de kwaliteit van de kinderopvang waarborgen.

wetten.nl - Regeling - Wet kinderopvang - BWBR0017017 (overheid.nl)

Wijzigingswet Wet Kinderopvang, enz. (wijzigingen in het onderwijsachterstandenbeleid) (2010)

Wijziging van de Wet kinderopvang, de Wet op het onderwijstoezicht, de Wet op het primair onderwijs en enkele andere wetten in verband met wijzigingen in het onderwijsachterstandenbeleid. Het is wenselijk dat ontwikkelingskansen voor kinderen worden vergroot door het verhogen van de kwaliteit van kinderopvang en peuterspeelzaalwerk en dat de regierol van de gemeenten wordt versterkt. Dit onder andere met het oog op de voorschoolse educatie en dat er een goed stelsel van handhaving en toezicht hierop is.

wetten.nl - Regeling - Wijzigingswet Wet kinderopvang, enz. (wijzigingen in het onderwijsachterstandenbeleid) - BWBR0027956 (overheid.nl)

Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk (2017)

Deze wet wijzigt de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen en enkele andere wetten in verband met de harmonisatie van de regelgeving met betrekking tot kindercentra en peuterspeelzalen. Door de harmonisatiewet is het peuterspeelzaalwerk omgevormd tot kinderopvang. Ouders krijgen, als ze voldoen aan de voorwaarden, ook kinderopvangtoeslag voor peuteropvang. Hierdoor hoeven gemeenten de financiering van peuteropvang voor ouders die recht hebben op kinderopvangtoeslag niet meer op zich te nemen.

wetten.nl - Regeling - Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk - BWBR0039656 (overheid.nl)

Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (IKK) (2017)

Deze wet wijzigt de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen in verband met de herijking en harmonisatie van enkele kwaliteitseisen voor kindercentra en peuterspeelzalen, de innovatie van die kwaliteitseisen en het aanpassen van enkele eisen aan de kwaliteit van voorschoolse educatie. Dit omdat het wenselijk is de kwaliteit van de kinderopvang en het peuterspeelzaalwerk te verhogen. Het gaat in hoofdlijnen om kwaliteitseisen op de volgende vier thema’s:

-De ontwikkeling van het kind centraal;

-Veiligheid en gezondheid;

-Stabiliteit en pedagogisch maatwerk;

-Opleiding en ondersteuning medewerkers kinderopvang

wetten.nl - Regeling - Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang - BWBR0039785 (overheid.nl)

Besluiten

Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie (2010)

Met dit besluit worden basisvoorwaarden voor de kwaliteit van de voorschoolse educatie vastgesteld. Denk hierbij onder meer aan omvang van de voorschoolse educatie; inzet van de pedagogisch beleidsmedewerker; aantal beroepskrachten en groepsgrootte en kwaliteit van beroepskrachten.

wetten.nl - Regeling - Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie - BWBR0027961 (overheid.nl)

Besluit Publieke Gezondheid (2008)

Dit besluit gaat over de eisen inzake de publieke gezondheid, gerelateerd aan de Wet publieke gezondheid. Het gaat daarbij onder andere om eisen voor de jeugdgezondheidszorg.

wetten.nl - Regeling - Besluit publieke gezondheid - BWBR0024708 (overheid.nl)

Besluit kwaliteit kinderopvang (2017)

Dit besluit gaat in op het stellen van eisen aan de kwaliteit van de kinderopvang en het peuterspeelzaalwerk.

wetten.nl - Regeling - Besluit kwaliteit kinderopvang - BWBR0039936 (overheid.nl)

Regelingen

Regeling Wet kinderopvang (2004)

In deze regeling staan nadere regels over enkele in de Wet kinderopvang geregelde onderwerpen. Bijvoorbeeld over kinderopvang in het buitenland; opleidingseisen in dagopvang en buitenschoolse opvang en administratie van gegevens.

wetten.nl - Regeling - Regeling Wet kinderopvang - BWBR0017252 (overheid.nl)

Regeling periodieke verstrekking systematische toezichtinformatie vve en lea (2023)

Het betreft hier regels voor de periodieke verstrekking van systematische toezichtinformatie door gemeenten ten behoeve van het interbestuurlijk toezicht op de wettelijke taken in het kader van voorschoolse educatie en de lokale educatieve agenda. Met deze regeling wordt er meer samenhang gebracht in de twee toezichttaken (toezicht op handhaving kinderopvang en toezicht op onderwijsachterstandenbeleid) van de Inspectie van het Onderwijs.

wetten.nl - Regeling - Regeling periodieke verstrekking systematische toezichtinformatie vve en lea - BWBR0048116 (overheid.nl)

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.