3 Pijlers voor samenwerking
3.1 Pijler I: Informatiedeling
3.1.1 Privacywetgeving
Met de Europese AVG wetgeving wordt vanaf 2018 beoogd persoonsgegevens van natuurlijke personen en de verwerking daarvan te beschermen. De AVG geldt echter niet voor de verwerking van gegevens in het kader van de opsporing en vervolging van strafbare feiten. Hiervoor geldt de Europese Richtlijn 2016/680. Deze richtlijn is door vertaald naar nationale wetgeving, de Wet politiegegevens (Wpg). Een Boa kan naast (persoons-)gegevens die voortvloeien uit zijn strafrechtelijke bevoegdheden als buitengewoon opsporingsambtenaar ook te maken krijgen met (persoons-)gegevens die voortvloeien uit zijn bestuursrechtelijke toezichthouder (Awb) bevoegdheden. In het laatste geval vallen deze gegevens onder het regime van de AVG. Kortom, de Boa draagt hiermee ‘twee petten’.
3.1.2 Wettelijk kader Wet politiegegevens (Wpg)
In de Verstrekkingenwijzer Wpg voor Boa’s is over het verstrekken van politie informatie aan Boa’s het volgende opgenomen. Sinds 9 maart 2019 (Besluit politiegegevens buitengewoon opsporingsambtenaren) valt de Boa onder de Wpg voor wat betreft het ter beschikking stellen en verstrekken van gegevens volgens zijn Boa-akte. Daardoor dienen deze gegevens gedeeld te worden met andere Boa’s, politie en andere Wpg-partners (conform art. 15 lid 1 Wpg). We spreken van het ter beschikking stellen of de free flow van informatie zolang de gegevens nodig zijn voor de opsporingstaak van de ontvanger. Er is dus een plicht tot delen (weigeringsgrond mogelijk conform art. 15 lid 2). Dit handhavingsarrangement ziet alleen toe op ‘ter beschikking stellen’, daar waar informatie gedeeld wordt binnen het Wpg-domein.
3.1.3 Lokale afspraken informatiedeling
Gelet op bovenstaande uiteenzetting, wordt met het oog op het bevorderen van de samenwerking tussen boa’s en de politie specifiek afgesproken dat:
•De politie deelt informatie met de boa, die noodzakelijk is voor de taakverdeling en taakuitoefening door de boa met inachtneming van de Wpg.
•De politie deelt informatie met de boa voor zover dit passend is binnen de afspraken.
•De politie legt in het politiesysteem vast als er politie-informatie gedeeld is met de boa.
•De boa handelt volgens de verstrekkingenwijzer Wpg voor boa’s.
•De boa legt vast als er informatie uit het Boaregistratiesysteem (BRS) gedeeld is met de politie. Dit betreft een afzonderlijke registratie. De politie heeft geen inzagemogelijkheid in BRS.
3.1.4 Toegang tot politiebureaus
De chef basisteam Venray-Gennep is eindverantwoordelijke voor de veiligheid van/in het politiebureau. Dit gaat niet alleen over de fysieke veiligheid, maar ook over de informatiebeveiliging. De chef draagt er zorg voor dat beschikbare informatie slechts in handen komt c.q. kan komen van daartoe bevoegden. Toegangsbeleid voor externen tot de politielocatie is daarom essentieel. Daartoe worden de volgende afspraken gemaakt:
De boa heeft toegang tot de publiekszone van het politiebureau via de hoofdingang van het politiebureau van het basisteam Venray–Gennep, gelegen aan de Leunseweg 4 te Venray op alle werkdagen tussen 08.00 en 17.00 uur.
Via de dienstingang en/of toegangspoort naar de parkeerplaats heeft de boa onder begeleiding van een politieambtenaar, toegang tot de samenwerkingszone. De boa zal te allen tijde toegang worden verleend, dus ook buiten de hiervoor genoemde tijden, mits er een politieambtenaar aanwezig is, die hen de toegang kan verschaffen. De boa’s hebben alleen onder begeleiding van een politieambtenaar toegang tot de overige ruimten en buiten de hiervoor genoemde tijden.
Voor het politiebureau van Gennep, gelegen aan Martinushof 1a te Gennep, gelden vergelijkbare afspraken ten aanzien van de toegang voor de boa als bij het bureau in Venray. In tegenstelling tot het bureau in Venray beschikt het politiebureau in Gennep echter niet over een publiekszone. Dit betekent dat de boa’s daar altijd door een politieambtenaar moeten worden binnengelaten. Toegang tot het politiebureau van Gennep is uitsluitend mogelijk onder begeleiding van een politieambtenaar, ongeacht het tijdstip. Ook hier geldt dat toegang wordt verleend mits er een politieambtenaar aanwezig is die de toegang kan verschaffen.
3.1.5 Toegang tot gemeentehuis
In de gemeente Bergen regelen we aan de andere kant ook dat politieagenten functioneel toegang krijgen tijdens de openingstijden tot het gemeentehuis, Raadhuisstraat 2 te Bergen (centrale hal, raadzaal, vergaderruimten). Voor toegang tot het besloten gedeelte van het gemeentehuis meldt de politie zich bij de receptie. In geval van een incident wordt de politie opgewacht bij de receptie door een medewerker. Buiten openingstijden van het gemeentehuis meldt de politie zich bij de voordeur en wordt ontvangen of te woord gestaan door de beheerder gemeentelijk vastgoed.
3.1.6 Gezamenlijk briefen
In de samenwerking tussen onder andere de politie en de gemeente Bergen vindt regelmatig afstemming en informatie-uitwisseling plaats. Dit is met name van belang bij situaties zoals overlastmeldingen, (weg)werkzaamheden, evenementen of andere situaties waarbij meerdere partijen betrokken zijn. Door tijdige en gestructureerde communicatie kunnen zowel de politie als gemeentelijke handhavers (boa’s) efficiënter optreden en wordt de veiligheid en leefbaarheid binnen de gemeente verbeterd. Om deze samenwerking te versterken en relevante informatie te delen, is afgesproken dat de wijkagenten en de boa’s elkaar structureel op de hoogte houden van actuele ontwikkelingen. Concreet betekent dit dat zij iedere eerste maandag van de maand contact met elkaar hebben voor een gezamenlijke briefing. Tijdens deze overlegmomenten worden relevante zaken besproken, zoals actuele aandachtspunten in de wijk, meldingen van overlast, geplande werkzaamheden of evenementen, signalen uit de buurt, en mogelijke acties of toezichtmaatregelen.
3.1.7 Gedeeld communicatienetwerk
Communicatie is van vitaal belang in de samenwerking tussen boa’s en de politie. Zowel de politie als boa’s hechten veel waarde aan het laten aansluiten van de communicatienetwerken omdat dit de communicatie tussen de partijen bevorderd. Dit is dan ook de reden dat de boa’s op hetzelfde communicatienetwerk zijn aangesloten als de politie, te weten het C2000-netwerk.
Boa's maken middels portofoon gebruik van het C2000-netwerk op een eigen werkkanaal en melden zich bij elke dienst persoonlijk in bij het OC (meldkamer politie) middels de portofoon.
Boa’s melden zich daarnaast als groep per e-mail aan bij de OPCO (de operationeel coördinator bij de politie van basisteam Venray-Gennep) en bij de intake met vermelding van roepnummer en naam, zodat zij in het plotbord worden gezet. De OPCO binnen het basisteam Venray-Gennep is op maandag t/m vrijdag van 7.00 tot 16.30 uur beschikbaar. Ondanks dat de mailbox van de OPCO buiten deze tijden niet structureel wordt uitgelezen, wordt afgesproken dat boa’s ook bij inzet in de avond, nacht of in het weekend zich (als groep/per koppel) per e-mail aanmelden bij via de mailbox van de OPCO. Dit naast het persoonlijk aanmelden bij het OC via de portofoon.
De OPCO en het OC (meldkamer) luisteren het werkkanaal van de boa’s niet actief uit. Het OC reageert uitsluitend op een urgente spraakaanvraag of activeert de noodoproepprocedure wanneer gebruik wordt gemaakt van de noodknop op de portofoon. Voor onderling operationeel contact kan de OPCO, wijkagent of eenheid zelfstandig overschakelen op het boa-werkkanaal.
Hoewel deze werkwijze in de praktijk werkbaar is, vormt de afwezigheid van actieve uitluistering, met name buiten kantoortijden, een risico in spoedeisende situaties. Ter beperking van dit risico wordt van boa’s verwacht dat zij zich bij risicovolle inzet buiten kantoortijden extra telefonisch aanmelden bij het OC en hun inzetgebied doorgeven. Daarnaast wordt bij (verwachte) verhoogde risico's in overleg met de wijkagent en/of OPCO bepaald of aanvullende communicatiemiddelen of ondersteuning nodig zijn.
De boa kan niet schakelen op het werkkanaal van de politie. Bij een gezamenlijke opdracht/project werken de boa en de politie op hun eigen werkkanaal.
Een uitzondering hierop wordt bij gezamenlijk optreden tijdens een project of grote evenementen een aparte gespreksgroep bij de politie wordt gebruikt. Voor een goede samenwerking bij dat evenement c.q. project, kan de C2000 portofoon van de boa, door het OC geschakeld worden op dezelfde gespreksgroep als die van de politie.
Tenslotte is er een WhatsApp groep, waarin de wijkagenten en de gemeentelijke boa’s domein I en II deelnemen. Deze app groep wordt uitsluitend gebruikt voor het afstemmen van beschikbaarheid en bereikbaarheid. Het delen van persoonsgegevens en foto’s tussen de politie en gemeentelijke boa’s via WhatsApp of andere onbeveiligde apps is tot op heden niet toegestaan. Anders dan de politie maken de boa’s van de gemeente Bergen geen gebruik van Black Berry Messenger (BBM) voor de communicatie met de politie en is het voor hen thans ook niet toegestaan om hier gebruik van te maken.
1Er is een lijst met uitgezonderde ketenpartners die gebruik maken van BBM en met wie wel gegevens via BBM uitgewisseld mag worden: Koninklijke Marechaussee (Kmar), Landelijke Tactisch Commando (LTC), Rechtspraak, Belastingdienst (FIOD), Dienst Vervoer & Ondersteuning (DV&O), Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), Recherche Samenwerkings Team (RST), SSC-ICT (dit is de ICT dienstverlener voor ministeries), Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA), Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) en het Nederlands Forensisch Instituut (NFI). Alleen indien in de toekomst conform de geldende regels en procedures geregeld mocht worden dat de boa’s van de gemeente Bergen ook tot de uitgezonderde ketenpartners mochten gaan behoren, zal dit aangepast kunnen worden in dit handhavingsarrangement. Tot die tijd kunnen aan de boa’s via het OC en telefonisch gegevens ter beschikking gesteld worden, conform het bepaalde in de Wpg.
3.2 Pijler II: Veiligheid
3.2.1 Back up en ondersteuning door politie
De Boa’s kunnen bij hun werkzaamheden op straat in situaties komen die in de praktijk snel kunnen escaleren waarbij het risico op geweld en/of vijandigheid aanwezig is. Het gevolg is een situatie van onveiligheid voor Boa’s die niet gewenst is. De achtervang door de politie in geval van nood, als de arbeidsveiligheid van boa’s in het geding is, is een belangrijk aspect van de samenwerking tussen Boa’s en politie. Met Politie Basisteam Venray-Gennep zijn afspraken gemaakt over een adequate achtervang bij dergelijke dreigende of gewelddadige situaties.
In de gemeente Bergen is afgesproken dat buitengewoon opsporingsambtenaren (boa's), indien de situatie daar aanleiding toe geeft, een noodhulpmelding kunnen doen via de noodknop ‘assistentie collega’. Deze melding wordt door de politie behandeld als een prioriteit 1-melding en wordt dus direct opgevolgd. Dit houdt in dat er met spoed politieversterking ter plaatse wordt gestuurd.
3.2.2 Handelen bij een aanhouding
Boa's met politiebevoegdheden (geweldsbevoegdheden) moeten in staat zijn om aangehouden verdachten zelfstandig over te brengen naar het politiebureau. Er zijn echter gevallen denkbaar dat dat niet werkbaar c.q. wenselijk is. Voor die gevallen, worden de navolgende afspraken gemaakt:
•Als een boa een verdachte heeft aangehouden, dan draagt de boa deze verdachte aan de politie over op de plaats van de aanhouding;
•Als er geen capaciteit bij de politie beschikbaar is, dan wordt de verdachte door de boa overgebracht naar het politiebureau;
•Indien niet werkbaar of wenselijk, dan wordt er een assistentieverzoek gedaan bij het OC (meldkamer politie). De politie meldkamer stuurt een eenheid aan om de verdachte over te brengen.
Aandachtspunten zijn:
•Geen van de vervoersmiddelen waar de BOA’s van de gemeente Bergen over beschikken zijn geschikt in geval dat een wederspannige verdachte meegevoerd dient te worden.
•De boa die een verdachte aanhoudt, moet deze ten spoedigste overbrengen naar een plaats van verhoor ter geleiding voor een Hulpofficier van Justitie.
•Bij een "burger aanhouding" is het de taak van de politie om voor vervoer en voorgeleiding bij een Hoofd Officier van Justitie te zorgen. Een burger aanhouding is een aanhouding c.q. iemand tijdelijk in bedwang houden als een persoon op heterdaad betrapt is bij het plegen van een strafbaar feit. In het geval een boa iemand op heterdaad betrapt bij het plegen van een strafbaar feit, waarvoor hij/zij niet bevoegd is, kan de boa een aanhouding verrichten als burger. In het geval van zo’n burger aanhouding mag de boa geen gebruik maken van de bevoegdheden, die hij als boa heeft gekregen. Dat betekent geen geweldsbevoegdheid en geen handboeigebruik, mocht de boa die verstrekt hebben gekregen.
3.2.3 Veilige publieke taak en geweldsprotocol
Werknemers met een publieke taak kunnen te maken krijgen met agressie en geweld tijdens het uitvoeren van hun werkzaamheden. Dat geldt ook voor de boa’s van de gemeente Bergen. Agressie en geweld kunnen niet alleen grote persoonlijke gevolgen hebben voor medewerkers, maar ook een goede uitoefening van hun taak in de weg staan. Agressie, geweld en bedreigingen mogen nooit getolereerd worden. Gedrag waarbij medewerkers psychisch en/of fysiek worden aangevallen, zoals schelden en duwen, worden niet geaccepteerd.
De gemeente maakt aan verdachten duidelijk dat agressie en geweld tegen medewerkers niet getolereerd wordt. Daarom wordt er na een vorm van agressie of een geweldsincident altijd aangifte of een melding gedaan bij de politie. Met de politie is afgesproken dat er voor hulpverleners, waaronder de boa’s, geen wachttijd is voor het doen van aangifte en dat de aangifte met de hoogste prioriteit wordt opgepakt. Met een aangifte kan de verdachte worden vervolgd en eventuele schade worden verhaald. Het aangifteproces kan versneld worden als de boa tegen wie het geweld gericht is geweest, zelf een proces-verbaal van bevinden opmaakt.
De gemeente Bergen stelt voor al haar medewerk(st)ers agressie- en weerbaarheidstrainingen beschikbaar, zet zich in voor het registreren en melden van incidenten in overeenstemming met het agressieprotocol, voert afdoende preventief beleid en heeft oog voor nazorg bij slachtofferschap alsook voor heldere procedures op het gebied van aangifte en aangiftebereidheid.
Het borgen van een veilige taakuitvoering door de boa’s is primair een verantwoordelijkheid van de gemeente Bergen als werkgever van de boa’s. Daarbij zijn maatregelen van kracht om de veiligheid van de boa’s te verbeteren. Deze maatregelen zijn gericht op het voorkomen van incidenten en op de nazorg in het geval dat er incidenten plaatsvinden. Deze maatregelen zijn:
•Trainingen gericht op gevaar- en geweldbeheersing (RTGB en IBT);
•Het bieden van juridische ondersteuning bijv. bij schadeverhaal;
•Benoemen van vertrouwenspersonen;
•Inmelden bij het OC (meldkamer) en de OPCO (basisteam);
•Noodknop porto;
•Voldoende en adequate uitrusting (portofoon, steekwerend vest, wapenstok, handboeien);
•Aandacht voor het werken op straat in koppel;
•Aandacht voor inzettijden van de boa buiten kantoortijden.
3.2.4 Geweldsprotocol
De gemeente Bergen hanteert een zero-tolerancebeleid ten aanzien van agressie en geweld. Elke vorm van agressief gedrag, fysiek of verbaal, richting medewerkers, bestuurders of raadsleden wordt serieus genomen.
Een belangrijk uitgangspunt is het zoveel mogelijk voorkomen van incidenten door preventieve maatregelen en een respectvolle, klantvriendelijke benadering. Wanneer zich toch een incident voordoet, wordt dit altijd vastgelegd via het ‘meldingsformulier agressie’. Dit formulier wordt gebruikt voor elke daad en/of uiting van agressie, ongeacht de locatie of de vorm waarin het incident zich heeft voorgedaan.
Afhankelijk van de ernst van het incident kan er een waarschuwing volgen, een tijdelijke of permanente ontzegging van toegang tot het gemeentehuis, en/of aangifte bij de politie.
3.2.5 Melding geweldsaanwending Boa
Conform de wettelijke procedure, die is vastgelegd in de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporingsambtenaren moet de boa zo spoedig als mogelijk melding doen van de geweldsaanwending bij de HOvJ en via een I8 formulier bij de direct toezichthouder.
Voor het melden en registeren van geweldtoepassing en het gebruik van geweldsmiddelen door de boa’s wordt de procedure gevolgd, die opgesteld is door Korpscheftaken en de direct toezichthouder voor de boa’s. Zo zal elke boa in geval van aangewend gemeld dit zelf zo spoedig mogelijk mondeling melden bij de hulpofficier van Justitie onder vermelding van de feiten en omstandigheden, waaronder de redenen die tot het aanwenden van het geweld hebben geleid. Daarnaast wordt het I8 formulier volledig opgemaakt en ingestuurd naar de direct toezichthouder via het daarvoor beschikbare e-mailadres bij korpscheftaken.
Door de coördinator VTH van de gemeente Bergen wordt toegezien op het op een correcte wijze opvolgen van deze instructies door de BOA’s.
3.3 Pijler III: Samenwerkingsafspraken
3.3.1 Samenwerking boa’s en Stichting Halt
Boa’s zijn een belangrijke schakel in de wijk, dagelijks zien en spreken zij buurtbewoners, waaronder jongeren. Boa’s handhaven op veelvoorkomende overlastfeiten zoals hinderlijk gedrag van hangjongeren, middelengebruik en verkeersovertredingen. Zo dragen boa’s bij aan de leefbaarheid in de openbare ruimte. Een jongere, die een overtreding begaat, heeft recht op een afdoening buiten het strafrecht. Dat is Halt. Daarnaast zet Halt zich in voor een veilige wijk en vroegtijdige begrenzing van grensoverschrijdend gedrag van jongeren. Daarom is Halt voor boa’s een belangrijke samenwerkingspartner.
Boa’s zijn bevoegd om jongeren van 12 tot 18 jaar naar Halt te verwijzen bij het constateren van strafbaar gedrag. Boa’s zijn landelijk aangewezen om jongeren naar Halt te verwijzen voor de volgende strafbare feiten:
•Artikel 45 Alcoholwet - alcohol voorhanden hebben of gebruiken in de openbare ruimte door jongeren tot 18 jaar;
•Artikel 453 Wetboek van Strafrecht - openbare dronkenschap;
•Artikel 2.3.6. Vuurwerkbesluit - het buiten de toegestane tijden afsteken van consumentenvuurwerk of APV-feiten gerelateerd aan vuurwerk;
•Vandalisme (kleine vernielingen);
•Openbare dronkenschap;
•Overlast door vuurwerk (buiten de toegestane periode);
•Graffiti spuiten;
•Spijbelen (leerplichtwet);
•Wildplassen;
•Belediging van een ambtenaar.
Om in te kunnen spelen op de lokale wensen en behoeften, kan op gemeenteniveau sprake zijn van een projectmatige aanwijzing. Op basis van deze projectmatige aanwijzing kan het OM de boa’s als bevoegd aanwijzen om voor andere overtredingen naar Halt te verwijzen. Dit gebeurt in afstemming met de politie en de gemeente in de lokale driehoek.
3.3.2 Toelichting op samenwerkingsafspraken in bijlage A
De verschillen qua taken, aandachtsvelden en prioriteiten bij BOA’s en de politie zijn in de onderstaande schema’s vervat. Met deze verschillen is rekening gehouden bij het opstellen van de samenwerkingsafspraken die beschreven zijn in bijlage A, opdat recht wordt gedaan aan ieders rollen, mogelijkheden en de werkpraktijk zo goed en effectief mogelijk in te richten. De voorgestelde verdeling en samenwerking moet zorgen voor een efficiënte taakverdeling waarbij politie zich kan richten op zware en complexe taken, terwijl BOA’s lichte en specifieke taken lokaal snel en effectief oppakken om goede snelle service aan de samenleving te leveren.
Centraal hierbij staat dat de BOA’s zich primair richten op lokale leefbaarheid en handhaving van de APV, met een signalerende en bemiddelende rol bij misdrijven, terwijl de politie brede strafrechtelijke bevoegdheden heeft en zich focust op openbare orde en zware criminaliteit. De samenwerking is complementair: BOA’s fungeren als de ‘ogen en oren’ van de gemeente, terwijl de politie de leiding neemt bij escalaties en complexe onderzoeken.
3.3.3 Samenvatting verschillen taken, aandachtsvelden en prioriteiten BOA’s en Politie
Hier volgt een overzicht van de verschillende taken, aandachtvelden en prioriteiten waar bij het opstellen van de samenwerkingsafspraken in Bijlage A rekening mee gehouden is.
Taken
BOA’s
Politie
Focus
Leefbaarheid: handhaven (wildplassen, hondenoverlast, fietswrakken, parkeeroverlast).
Brede strafrechtelijke opsporing: aanpak van misdrijven (autodiefstal, drugsdealen, mishandeling, moord, ontvoering, winkeldiefstal) en openbare ordeproblemen.
Bevoegdheden
Beperkte opsporingsbevoegdheden: alleen burgeraanhouding bij heterdaad voor misdrijven, met overdracht aan politie. Verwijzen jongeren naar Halt voor specifieke overtredingen (alcohol, vuurwerk, vernieling).
Volledige opsporingsbevoegdheden: aanhouden verdachten, opstellen processen-verbaal (PV’s), uitvoeren van onderzoeken. Bevoegd tot dwangmiddelen (bijv. bij verwarde personen) en huisverboden (huiselijk geweld).
Voorbeelden
Handhaven op foutparkeren, vuilnisoverlast, open vuur (domein 1: buiten, domein 2: binnen inrichtingen).
Aanhouden verdachten bij drugsdealen of autodiefstal, onderzoeken zware misdrijven (moord, mensenhandel), coördineren bij openbare ordeproblemen (groepen >10 personen).
Rol
Bemiddelend en signalerend: verbaal optreden bij overlast (burenruzies, horecaoverlast, hangjongeren <10 personen), doorverwijzen naar instanties (buurtbemiddeling, Veilig Thuis).
Leidende rol: uitvoeren van strafrechtelijke onderzoeken, coördineren bij crisissituaties (huiselijk geweld, verwarde personen), samenwerken met gespecialiseerde teams (cybercrimeteam, Team CTER).
AANDACHTSVELDEN
BOA’s
Politie
Strafrechtelijke zaken
Beperkte bemoeienis: signaleren en doorgeven van misdrijven (drugsdealen, autodiefstal, mishandeling, winkeldiefstal) aan politie. Alleen burgeraanhouding bij heterdaad, geen verder onderzoek.
Leidende rol: uitvoeren van aanhoudingen, opstellen van PV’s, leiden van onderzoeken bij misdrijven en openbare ordeproblemen (bijv. groepen >10 personen bij alcoholoverlast).
Lokale overtredingen
Actieve rol: handhaven op APV-overtredingen (wildplassen, zwerfafval, parkeeroverlast, hondenoverlast). Verbaliseren, bemiddelen.
Secundaire rol: optreden bij escalaties of strafrechtelijke overtredingen (bijv. nachtrumoer, bijtincidenten), maar lage prioriteit voor lokale overlastzaken.
Evenementen
Handhaven aspecten van overlast, verloedering en leefbaarheid, waaronder naleving van vergunning, alcoholgebruik door jeugd en kleine ergernissen die de openbare ruimte aantasten
Coördinerende rol binnen veiligheidsteam, afstemmen capaciteit op risico’s, focus op openbare orde en beveiliging.
Signalerende rol
Algemene signalerende functie: constateren gedrag/info dat onder politietaak valt, dan doorzetten naar politie of andere instanties
Ondersteunende en leidende rol: ontvangen signalen van BOA’s, onderzoeken en afhandelen, samenwerken met gespecialiseerde teams (AVIM voor mensenhandel, Team CTER voor terrorisme).
Voorbeelden
Handhaven blowverbod (APV), verwijzen naar Halt, bemiddelen bij burenruzies..
Onderzoeken drugsdealen, coördineren bij evenementen, aanpakken criminele groepen, leiden complexe onderzoeken (moord, ontvoering).
PRIORITEITEN
BOA’s
Politie
Hoofdprioriteit
Leefbaarheid handhaven in de openbare ruimte door aanpak van overlast en verloedering (wildplassen, hondenoverlast, fietswrakken, parkeeroverlast, jongerenoverlast, optreden tegen vuurwerkovertredingen).
Openbare orde en zware criminaliteit: handhaven openbare orde, aanpakken misdrijven (drugsdealen, autodiefstal, mishandeling, moord, terrorisme).
Preventie en bemiddeling
Geen BOA-taak
Beperkte focus op preventie: bemiddelen bij escalaties, doorverwijzen naar instanties (Veilig Thuis, GGZ), maar primair gericht op repressieve maatregelen.
Bestuurlijke maatregelen
Geen BOA-taak
Echter, in hun rol als toezichthouders stellen ze bestuurlijke rapportages op voor maatregelen zoals bij woonoverlast, gevaarlijke honden, illegale bewoning, aansluitend bij gemeentelijke prioriteiten.
Ondersteunen bij bestuurlijke rapportages (bijv. woonoverlast, bijtincidenten), maar focus ligt op strafrechtelijke afhandeling.
Het handhavingsarrangement is een levend document met doorlopend aandacht voor verbeterpunten en aanpassingen.
Bijlage A: samenwerkingsafspraken boa’s en politie
Veiligheidsvraagstuk
Boa’s gemeente Bergen
Politie
Alcohol overlast
Openbare dronkenschap
Verbaal bemiddelen, zo nodig bekeuren of aanhouden.
Boa’s bemiddelen bij groepen <10 personen
Indien het jongeren betreft, kan hiervoor ook worden doorverwezen naar Halt.
Verbaal bemiddelen, zo nodig bekeuren of aanhouden.
Politie bemiddelt bij groepen >10 personen of openbare ordeproblemen
Indien het jongeren betreft, kan hiervoor ook worden doorverwezen naar Halt.
Alcoholwet
Controleren op leeftijdsgrenzen bij alcoholverstrekking in horecagelegenheden.
Evidente overtredingen vergunningvoorschriften melden bij gemeentelijke toezichthouders.
Signaleren en doorgeven aan BOA’s.
Autowrakken
Signaleren en handhaven op basis APV.
Signaleren en doorgeven bij boa’s.
Bedreiging
In geval van heterdaad, alleen bevoegd tot een burger aanhouding, tenzij het om een begreiging van de BOA zelf gaat. Alleen dan bestaat de bevoegdheid om als BOA op te treden. Het verdere onderzoek ligt bij de politie.
De verdachte aanhouden indien mogelijk, PV opstellen, verdere maatregelen treffen en de zaak afhandelen. Is dit niet mogelijk, dan een onderzoek starten.
Belediging van ambtenaar in functie
Boa’s zelfstandig volledig bevoegd voor deze feiten.
Verbaal bemiddelen, eventuele aanhouding als gevolg.
Burenruzie
Handhaven voor zover er sprake is van overtreden van een APV feit. Signaleren en doorspelen naar wijkagent en/of buurtbemiddeling.
Indien mogelijk verbaal bemiddelen en/of doorverwijzen naar buurtbemiddeling. Bij constateren strafbare gedraging, verdere maatregelen treffen zoals aanhouding.
Carmeeting
Signaleren en doorgeven bij politie. Zo nodig, assisteren politie tijdens carmeeting
Handhaven conform regionaal beleidskader en maatregelenmatrix.
Door rood rijden, fietsen of lopen
Toegevoegd aan domeinlijst voor ongemotoriseerd verkeer. Voor gemotoriseerd verkeer taak van de politie. De randvoorwaarden beschreven in Bijlage B dienen hierbij in acht te worden genomen.
Bekeuren en indien nodig naar rijbewijs vragen.
Overlast drugs dealen
Signaleren en doorgeven aan politie.
In geval van heterdaad, alleen bevoegd tot een burger aanhouding. Het verdere onderzoek ligt bij de politie.
De verdachte aanhouden indien mogelijk, PV opstellen, verdere maatregelen treffen en de zaak afhandelen. Is dit niet mogelijk, dan een onderzoek starten.
Drugsgebruik in openbare ruimte
Toezicht en handhaven blowverbod APV.
Als een jongere, dan verwijzen naar HELDER-aanpak of Halt.
Toezicht en handhaven op blowverbod APV. Als een jongere, dan verwijzen naar HELDER-aanpak of Halt.
Evenementen
Inzet op verzoek en in afstemming met politie binnen het evenementenoverleg. Toezicht op goed en ordelijk verloop evenement door controle naleving vergunningvoorschriften (ook v.w.b. beveiliging).
Inzet in afstemming binnen veiligheidsteam grote evenementen.
Assistentie beveiliging en boa’s bij middelgrote en kleine evenementen.
Fietslamp controle (ondeugdelijke fietsverlichting)
Handhaven op het voeren van geen of ondeugdelijke fietsverlichting. De boa’s verbaliseren hierbij enkel voor het niet voeren van fietsverlichting, knipperende fietsverlichting wordt in de basis niet verbaliseerd.
Na onderlinge afstemming kunnen politie en boa’s gezamenlijk controles houden.
De boa voert deze taak pas zelfstandig uit na een instructie te hebben gekregen van de politie en na het bijwonen van minimaal 2 statische controles onder begeleiding van de politie. De randvoorwaarden beschreven in Bijlage B dienen hierbij in acht te worden genomen.
De politie kan handhaven op het voeren van geen of onjuiste fietsverlichting. De politie verbaliseert hierbij enkel voor het niet voeren van fietsverlichting, knipperende fietsverlichting wordt in de basis niet verbaliseerd.
Na onderlinge afstemming tussen boa’s en politie kunnen gezamenlijke controles gehouden worden. Politie verzorgt de instructie dienaangaande.
Foutparkeren
Toezicht en handhaven. Dit is regulier werk voor boa’s.
Bekeuren op projectmatige basis en bij excessen.
Geluidsoverlast
Signaleren en door daartoe aangewezen gemeentelijke toezichthouders op laten pakken
Signaalfunctie t.b.v. inzet buurtbemiddeling, bestuursrechtelijke maatregel (woonoverlast, geluidsmeting horeca) of handhaven op strafrechtelijk nachtrumoer.
Bij constateren en/of op verzoek gemeente een bestuurlijke rapportage opmaken t.b.v. bestuurlijke maatregel.
Gevaarlijke honden
Meldingen over gevaarlijke honden toetsen en beoordelen welke meldingen voor politie en welke voor handhaving zijn.
Signaleren en door daartoe aangewezen gemeentelijke toezichthouders op laten pakken.
Strafrechtelijk onderzoeken van meldingen m.b.t. dierenwelzijn, verwaarlozing en bij gevaar-zetting
Bij bijtincident wordt altijd een bestuurlijke rapportage opgemaakt.
Ondersteuning van en advies aan boa’s over veiligheid bij het afleggen van huisbezoeken i.k.v. een melding.
Handhaven op overtreding bestuurlijke maatregelen.
Handheld gebruik op de fiets
Boa’s treden verbaal op, kunnen staande houden, identificatie vragen en leggen boete op bij constatering op heterdaad.
Na onderlinge afstemming kunnen politie en boa’s gezamenlijk controles houden.
De boa voert deze taak pas zelfstandig uit na een instructie te hebben gekregen van de politie en na het bijwonen van minimaal 2 statische controles onder begeleiding van de politie. De randvoorwaarden beschreven in Bijlage B dienen hierbij in acht te worden genomen.
Politie legt boete op bij constatering op heterdaad.
Bekeuren bij constateren van het besturen van een voertuig, terwijl men een mobiel elektronisch apparaat vasthoudt.
Na onderlinge afstemming kunnen politie en boa’s gezamenlijk controles houden.
Verzorgen instructie voor boa’s met oog op handhaven op handheld telefoongebruik door fietsers.
Hangjongeren
Indien het niet over een criminele groep gaat: in gesprek gaan met de jongeren en verbaal proberen te bemiddelen.
Indien het wel over een criminele jongerengroep gaat: signaleren en doorspelen naar de politie.
Indien het wel over een criminele groep gaat: identiteit controleren, eventuele aanhouding, PV opstellen en verdere maatregelen treffen en de zaak afhandelen.
Honden overlast
Voor zover APV feiten (loslopende honden en hondenpoep) hondenbezitter aanspreken op zijn / haar verantwoordelijkheid en gedrag en – zo nodig - verbaliseren.
Bij bijtincidenten wordt de politie ingeschakeld, anders is het primair een taak van de boa. De politie zal na constatering echter niet voorbijlopen aan de overtreding waarbij opgemerkt moet worden dat dit onderwerp geen hoge prioriteit heeft bij de politie.
Horeca overlast
Indien mogelijk verbaal bemiddelen, anders bekeuren.
Indien mogelijk verbaal bemiddelen, anders bekeuren.
Kenteken controle
Alleen kentekens controleren als dit past binnen hun wettelijke opsporings- en toezichthoudende taken, en mits dit noodzakelijk is voor het uitvoeren van hun functie.
Signaalfunctie voor politie wanneer door politie opgegeven kentekens op specifieke plekken worden gesignaleerd.
Primaire taak van de politie
Mishandeling
Signaleren en doorspelen naar de politie.
In geval van heterdaad, alleen bevoegd tot een burger aanhouding. Het verdere onderzoek ligt bij de politie.
In het geval dat de BOA zelf mishandeld wordt bestaat een eigenstandige bevoegdheid om op te treden.
De verdachte aanhouden indien mogelijk, PV opstellen, verdere maatregelen treffen en de zaak afhandelen. Is dit niet mogelijk, dan een onderzoek starten.
Negeren van rood licht door fietsers of voetgangers
Boa’s treden verbaal op, kunnen staande houden, identificatie vragen en leggen boete op bij constatering op heterdaad.
Na onderlinge afstemming kunnen politie en boa’s gezamenlijk controles houden.
De boa voert deze taak pas zelfstandig uit na een instructie te hebben gekregen van de politie en na het bijwonen van minimaal 2 statische controles onder begeleiding van de politie. De randvoorwaarden beschreven in Bijlage B dienen hierbij in acht te worden genomen.
Politie legt boete op bij constatering op heterdaad.
Bekeuren bij constateren van het besturen van een voertuig, terwijl men een mobiel elektronisch apparaat vasthoudt.
Na onderlinge afstemming kunnen politie en boa’s gezamenlijk controles houden.
Verzorgen instructie voor boa’s met oog op handhaven op handheld telefoongebruik door fietsers.
Open vuur
Boa domein 1 houden toezicht op het stoken buiten inrichtingen.
Boa domein 2 houden toezicht op het stoken binnen inrichtingen.
Signaleren en doorgeven bij boa’s.
Parkeeroverlast
Optreden tegen parkeeroverlast conform de interne werkafspraken.
Optreden bij excessen.
Op projectmatige basis inzet a.g.v. hogere prioritering (sprint)
Scooters in geval van overlast of gevaarlijk rijgedrag
Signaleren, kenteken noteren en doorgeven bij politie.
Bij foutief parkeren van een scooter en rijden zonder helm door scooterbestuurder kunnen BOA’s wel optreden.
Controleren en handhaven.
Seksinrichting/sekswinkel zonder vergunning
Toezicht en handhaven op basis van APV. Zo nodig bestuurlijke rapportage opmaken t.b.v. bestuurlijke maatregel.
Signaleren en doorgeven bij gemeente.
Stankoverlast
Signaleren en melden VTH/RUD (inrichting) dan wel onderzoeken waar de stank vandaan komt en handhaven (APV).
Dit is een taak voor de boa’s, tenzij het over een misdrijf gaat.
Toerisme en recreatie: crossen in de bossen, vakantieparken, veiligheid op en aan de Maas
Projectmatige inzet i.s.m. het Samenwerkingsverband buitengebied (SSIL) of het expertteam illegaal crossen.
Projectmatige inzet bij excessen c.q. verstoring van de openbare orde.
Vuilnisoverlast
Toezicht en handhaving.
Primair een taak van de boa. De politie zal echter na constatering niet voorbijlopen aan de overtreding waarbij opgemerkt moet worden dat dit onderwerp geen hoge prioriteit heeft bij de politie.
Vrachtwagenparkeren
Toezicht en handhaving.
Bij vraag assisteren van boa’s. Bij excessen optreden.
Vuurwerk afsteken buiten toegestane periode
Toezicht en handhaving op APV. Indien het een jongere betreft, kan hiervoor worden doorverwezen naar Halt.
Toezicht en handhaving op APV. Indien het een jongere betreft, kan hiervoor worden doorverwezen naar Halt.
Illegaal vuurwerk
Handhaving illegaal vuurwerk alleen voor politie of domein II boa (mag vuurwerk ook in beslag nemen).
Aanhouden en meenemen naar het bureau. PV opstellen, verdere maatregelen treffen en de zaak verder afhandelen.
Wildplassen
Toezicht en handhaven.
Toezicht en handhaven.
Woonoverlast
Woonoverlast signaleren en registreren. Bij constateren en/of op verzoek team OOV een bestuurlijke rapportage opmaken t.b.v. bestuurlijke maatregel.
Toezien op naleving bestuurlijke maatregel.
Woonoverlast signaleren en registreren.
Bij constateren en/of op verzoek team OOV een bestuurlijke rapportage opmaken t.b.v. bestuurlijke maatregel.
Toezien op naleving bestuurlijke maatregel.
Zwerfafval/ afval dumping
Toezicht en handhaving.
Primair een taak van de boa. De politie zal echter na constatering niet voorbijlopen aan de overtreding waarbij opgemerkt moet worden dat dit onderwerp geen hoge prioriteit heeft bij de politie.
Zwervers overlast
Alleen wanneer er overlast is de zwever verzoeken zich te verplaatsen.
Primair een taak van de boa. De politie zal echter na constatering niet voorbijlopen aan de overtreding waarbij opgemerkt moet worden dat dit onderwerp geen hoge prioriteit heeft bij de politie.
Bijlage B: Randvoorwaarden voor handhavend optreden door BOA’s tegen het negeren van rood licht door fietsers of voetgangers, handheldgebruik op de fiets en het niet voeren van fietsverlichting
1Inleiding en doel
Deze bijlage beschrijft de randvoorwaarden waaronder buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA’s) handhavend mogen optreden tegen specifieke verkeersovertredingen door niet-gemotoriseerd verkeer, te weten:
•het negeren van rood licht door fietsers of voetgangers;
•het gebruik van een handheld elektronisch apparaat tijdens het fietsen;
•het niet voeren van verplichte fietsverlichting.
Het doel van deze bijlage is het vastleggen van uniforme, proportionele en veilige kaders voor de uitvoering van deze handhaving, overeenkomstig de Beleidsregels buitengewoon opsporingsambtenaar (Boa-beleidsregels) en de geldende Domeinlijsten BOA’s.
Handhaving op deze onderwerpen vindt uitsluitend plaats indien en voor zover deze randvoorwaarden onderdeel vormen van een vastgesteld handhavingsarrangement tussen gemeente en politie.
2Juridisch kader
Het handhavend optreden van BOA’s is gebaseerd op:
•artikel 142 van het Wetboek van Strafvordering (aanwijzing van buitengewoon opsporingsambtenaren);
•het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar en de Besluiten domeinlijsten BOA’s (met name domein I – Openbare Ruimte);
•de Boa-beleidsregels van het Ministerie van Justitie en Veiligheid;
•de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de betreffende gemeente;
•Bijlage A van dit handhavingsarrangement.
3Bevoegdheden
3.1 Algemeen
BOA’s zijn, binnen hun geografisch en functioneel bevoegdheidsgebied, bevoegd om toezicht te houden en op te treden tegen overtredingen die vallen binnen hun domein, voor zover deze direct waarneembaar zijn tijdens reguliere surveillance.
3.2 Specifiek ten aanzien van de genoemde overtredingen
BOA’s zijn bevoegd tot:
•het waarnemen en vastleggen van overtredingen van door rood rijden (door fietsers of voetgangers), handheldgebruik tijdens het fietsen en het niet voeren van fietsverlichting;
•het op veilige en proportionele wijze staande houden van overtreders, met nadruk op de-escalatie en communicatie;
•het opmaken van processen-verbaal conform de geldende Boa-beleidsregels, APV en richtlijnen van het Openbaar Ministerie.
3.3 Beperkingen van de bevoegdheid
Deze bevoegdheden gelden uitsluitend binnen het domein Openbare Ruimte en zijn niet bedoeld voor:
•dynamische verkeerscontroles;
•situaties waarbij sprake is van (dreigende) escalatie of gevaar;
•handhavingsoptreden tegen gemotoriseerd verkeer.
4Randvoorwaarden voor uitvoering
Handhaving door BOA’s mag uitsluitend plaatsvinden indien aan alle onderstaande randvoorwaarden is voldaan. Deze randvoorwaarden zijn cumulatief van toepassing.
4.1 Veiligheid en proportionaliteit
•Handhaving vindt uitsluitend plaats in situaties die veilig zijn voor zowel BOA’s, overtreders als derden.
•BOA’s dragen zichtbare identificatie en beschikken over communicatiemiddelen (portofoon) voor directe afstemming met de politie.
4.2 Verbod op achtervolgingen en geweldsaanwending
•BOA’s zetten geen achtervolging in om overtreders te doen stoppen.
•Staandehouding geschiedt uitsluitend verbaal en zonder fysiek contact.
•Bij verzet of dreiging wordt de politie onmiddellijk ingeschakeld.
4.3 Geen ontheffing van verkeersregels
•BOA’s beschikken niet over vrijstelling van verkeersregels en mogen geen overtredingen begaan (zoals zelf door rood rijden of fietsen zonder verlichting) om handhaving mogelijk te maken.
4.4 Afstemming met de politie
•Alle geplande handhavingsacties (zoals gerichte controles op hotspots) worden vooraf afgestemd met de politie.
•In geval van twijfel over de aard of ernst van een overtreding, of bij (dreigende) escalatie, wordt de politie direct betrokken.
4.5 Opleiding en instructie
•BOA’s dienen vooraf een specifieke instructie te hebben ontvangen van de politie over de wijze van handhaving van deze overtredingen.
•BOA’s hebben minimaal twee statische controles onder begeleiding van de politie bijgewoond alvorens zelfstandig te handhaven.
4.6 Registratie en evaluatie
•Elke uitgevoerde handhavingsactie wordt geregistreerd en geëvalueerd binnen het gezamenlijke handhavingsarrangement.
•Bevindingen worden besproken in het periodiek lokaal handhavingsoverleg, met als doel de kwaliteit en veiligheid van handhaving te verbeteren.
5Verantwoording en toezicht
De naleving van deze randvoorwaarden wordt periodiek getoetst door de gemeentelijke coördinator toezicht en handhaving, in samenspraak met de politie.
De resultaten worden gerapporteerd aan het lokaal driehoeksoverleg of een daartoe aangewezen overlegstructuur.