Gemeentelijke regelgeving

Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders Berg en Dal 2023

Gemeente Berg en Dal · geldt sinds 17 november 2023

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Berg en Dal,

gelet op de artikelen 44 en 66 van de Gemeentewet en de artikelen 3.2.9, 3.3.2 en 3.3.3 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers;

overwegende dat de Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders Berg en Dal moet aansluiten bij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers;

besluit

vast te stellen de volgende regeling:

Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders Berg en Dal 2023

Artikel 1. Definitiebepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.college: college van burgemeester en wethouders.

b.burgemeester: voorzitter van het college van burgemeester en wethouders.

c.secretaris: de secretaris bedoeld in artikel 102 van de Gemeentewet.

d.wethouder: lid van het college van burgemeester en wethouders.

Artikel 2. Reis- en verblijfkosten

De burgemeester en de wethouders hebben ten laste van de gemeente aanspraak op vergoeding:

1Voor woon-werkverkeer en voor reizen, gemaakt voor de uitoefening van het ambt, worden of wordt aan de burgemeester of wethouder vergoed:

a.de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer;

b.bij gebruik van een eigen vervoermiddel het maximumbedrag dat door een werkgever onbelast per afgelegde kilometer aan een werknemer kan worden verstrekt.

c.bij gebruik van een eigen auto kan de burgemeester, op zijn verzoek, een vaste vergoeding worden toegekend voor reizen gemaakt voor de uitoefening van het ambt binnen de gemeente in plaats van op declaratiebasis.

2Voor woon-werkverkeer en voor reizen, gemaakt voor de uitoefening van het ambt, worden aan de burgemeester of wethouder bij het gebruik van een eigen vervoermiddel tevens de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten vergoed.

3Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed.

4Indien de burgemeester of de wethouder een functionele beperking heeft, kan incidenteel voor woon-werkverkeer en voor reizen, gemaakt voor de uitoefening van het ambt, een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld.

5Aan de burgemeester of wethouder wordt vergoeding van kosten van woon-werkverkeer uitsluitend toegekend:

a.indien hij in de basisregistratie personen is ingeschreven op een woonadres binnen de gemeente, waarin hij is benoemd, of

b.indien hij nog niet in de basisregistratie personen is ingeschreven op een woonadres binnen de gemeente, waarin hij is benoemd, voor zolang hem ontheffing is verleend van de verplichting om zijn werkelijke woonplaats in de gemeente te hebben.

6De noodzakelijkerwijs en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfskosten die de burgemeester of de wethouder maakt in verband met dienstreizen, gemaakt voor de uitoefening van het ambt, worden ten laste van de gemeente vergoed.

Artikel 3. Buitenlandse dienstreis

1Als de burgemeester of wethouder in het gemeentelijk belang een reis buiten Nederland maken, worden de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reis- en verblijfkosten op declaratiebasis vergoed.

2Voor een reis in het gemeentelijk belang buiten Nederland, niet zijnde een reis naar een Europese instelling, is vooraf toestemming van het college vereist. De gemeenteraad wordt door het collegeschriftelijk in kennis gesteld van de reis.

Artikel 4. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing

1De burgemeester of wethouder die willen deelnemen aan niet-partijpolitieke georiënteerde scholing als bedoeld in artikel 3.3.3. van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers in verband met de vervulling van hun functie dienen daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de secretaris.

2Deze aanvragen gaan vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.

3Het college beslist op de aanvraag op basis van de overgelegde stukken, rekening houdend met het advies van de secretaris en P&O.

Artikel 5. Informatie- en communicatievoorzieningen

1Aan de burgemeester of de wethouder worden voor de duur van de uitoefening van de functie informatie- en communicatiemiddelen ter beschikking gesteld.

2De burgemeester of wethouder tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de functie ICT-middelen ter beschikking worden gesteld, zoals een laptop en mobiele telefoon.

3Na beëindiging van de functie van de burgemeester of wethouder is overname van de ter beschikking gestelde ICT-middelen onder voorwaarden mogelijk:

a.de gemeente bereid is het ICT-middel af te stoten;

b.het ICT-middel door de gemeente is geschoond met speciale software; en

c.de burgemeester of wethouder de gemeente de resterende waarde in het economische verkeer van het ICT-middel betaalt.

Artikel 6. Betaling en declaratie van onkosten

1Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de

Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze regeling voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:

a.betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur, of

b.betaling vooruit uit eigen middelen.

2Een aanvraag om een vergoeding van onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken.

3Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden uiterlijk 3 maanden na factuurdatum of betaling door de burgemeester of wethouder ingediend bij de secretaris of een daartoe aangewezen ambtenaar. Onkosten gemaakt in de maand december, worden uiterlijk in de maand januari in het volgend jaar ingediend.

4Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan de burgemeester of de wethouder, wanneer ingediend voor het 1e van de maand, binnen 1 maand na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.

Artikel 7. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie van het Gemeenteblad waarin deze regeling wordt geplaatst.

Artikel 8. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders Berg en Dal 2023.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.