Aanhef
De raad van de gemeente Berg en Dal;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 8 november 2022.
overwegende dat:
-Het concept van het beleidskader heeft van 31 januari tot 13 maart 2020 voor inwoners en andere belanghebbenden ter inzage gelegen;
-Tegen het beleidskader zijn 8 zienswijzen naar voren gebracht;
-De zienswijzen zijn van beantwoording voorzien in de Nota Zienswijzen;
-Daarnaast zijn er keukentafelgesprekken gevoerd met agrarische ondernemers en is het concept beleid met een afvaardiging uit de sector besproken.
b e s l u i t :
1De nota zienswijzen vast te stellen;
2Het beleidskader Recreatie en Horeca vast te stellen;
Inleiding
Aanleiding
Het college heeft besloten om een beleidskader voor recreatie en horeca in Berg en Dal uit te laten werken. Dit beleidskader ligt nu voor u. Het bestaande recreatie en horecabeleid van de gemeente Berg en Dal namen we hierin verduidelijkt op. Dit beleidskader stelden we op met de volgende uitgangspunten:
1Het beleidskader heeft niet als doel om concurrentieverhoudingen te regelen.
2Bestaande beleidskeuzes blijven bestaan.
3We maken onderscheid tussen hoofd- en nevenactiviteiten en gemengde bedrijven.
4We benaderen nieuwe initiatieven of uitbreiding van bestaande horeca-activiteiten in het buitengebied met “ja, mits”.
5Het beleidskader en de vertaling daarvan in regelgeving moet handhaafbaar zijn.
Context
In onze gemeente hebben we ongeveer 130 horecavestigingen. En 1.140 werknemers werken in de horeca. Horeca is daardoor een belangrijke economische sector in Berg en Dal. Per 10.000 inwoners zijn er 38 vestigingen. Dat is ruim boven het landelijke gemiddelde van 30.
Op 9 maart 2017 stelden we de Economische visie vast. Daarin staan 2 hoofddoelstellingen:
1Meer werkgelegenheid in Berg en Dal;
2Een positief voorzieningenniveau in Berg en Dal.
De groei en ontwikkeling van de recreatie en horeca in Berg en Dal hebben een positief effect op deze doelstellingen. Tussen 2010 en 2016 zijn er in Berg en Dal namelijk 30 vestigingen bijgekomen. Dat is een groei van 23%. En de werkgelegenheid is met 13% gestegen. De situatie op de arbeidsmarkt is momenteel wel anders dan in 2017. We hebben nu te maken met tekort aan personeel. Ook in andere opzichten verandert de sector snel. Trends volgen elkaar snel op. Denk daarbij aan: blurring, Airbnb, gezonde levensstijl en voorkeur voor lokale producten.
Doelstelling
We willen een duidelijk en eerlijk speelveld voor reguliere horecabedrijven. En een duidelijk onderscheid tussen hoofd- en nevenactiviteiten en gemengde bedrijven in het buitengebied.
Leeswijzer
Dit beleidskader bestaat uit 6 hoofdstukken die ieder een verschillend thema behandelen. Per hoofdstuk staan de voorwaarden die gelden helder opgesomd. In hoofdstuk 1 en 5 staat informatie over ontwikkelingen. In hoofdstuk 2, 3 en 4 staan onze ambities voor dat thema. In hoofdstuk 6 gaan we in op het overgangsrecht.
Bijlage 1 | Definities
In dit beleidskader gebruiken we onderstaande definities van verschillende horecatermen. Hiermee voorkomen we verwarring.
agrarisch bedrijf:
een bedrijf dat is gericht op het voortbrengen van agrarische producten door middel van het telen van gewassen of het houden van dieren, waaronder begrepen een productiegerichte paardenhouderij.
bed en breakfast:
logies en ontbijt, het aanbieden van nachtverblijf zonder bijbehorende voorzieningen tot het bereiden van maaltijden.
bedrijf:
een inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten, aan huis verbonden beroepen daaronder niet begrepen.
bijbehorend bouwwerk:
uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd op de grond staand gebouw, of ander bouwwerk, met een dak.
boerencamping:
een inrichting gericht op het bieden van gelegenheid tot seizoensgebonden, gedurende de periode van 15 maart tot en met 31 oktober, verblijfsrecreatie in kampeermiddelen met de bijbehorende sanitaire voorzieningen, waarbij het aantal kampeermiddelen maximaal 25 mag bedragen.
boerenkamer:
een binnen de bestaande agrarische bedrijfsgebouwen opgenomen recreatief verblijf, waarvan de gebruikers hun hoofdverblijf elders hebben.
boerenterras:
Een terras bij een agrarisch bedrijf of boerencamping. Of een burgerwoning waar overwegend eigen of lokaal gemaakte producten worden verkocht voor gebruik op locatie.
camping:
een inrichting gericht op het bieden van gelegenheid tot verblijfsrecreatie in kampeermiddelen met de bijbehorende sanitaire voorzieningen en voorzieningen voor openluchtrecreatie.
detailhandel:
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit.
erfbeplanting:
afschermende (rand)beplanting binnen of direct aansluitend bij het bouwvlak van een agrarisch bedrijf of binnen of direct aansluitend bij een ander bedrijf of een woning.
erfbeplantingsplan:
plan, waarin wordt aangegeven hoe de erfbeplanting ingericht en beheerd zal gaan worden.
horeca:
het bedrijfsmatig verstrekken van dranken en/of etenswaren en/of logies;
mini-camping:
een inrichting gericht op het bieden van gelegenheid tot seizoensgebonden, gedurende de periode van 15 maart tot en met 31 oktober, verblijfsrecreatie in kampeermiddelen met de bijbehorende sanitaire voorzieningen, waarbij het aantal kampeermiddelen maximaal 15 mag bedragen.
nevenactiviteit:
een activiteit met een zodanige beperkte omvang dat de functie waaraan zij wordt toegevoegd qua aard, omvang en verschijningsvorm als hoofdfunctie herkenbaar blijft.
ondergeschikte horeca:
een horecavoorziening binnen een bestemming waarvan de functie een andere dan horeca is maar waar men uitsluitend ten behoeve van de hoofdfunctie een ruimte specifiek heeft ingericht voor de consumptie van drank en etenswaren, zoals een kantine in een verenigingsgebouw of sportvoorziening
Bijlage 2 | Uitgangspunten horeca zoals vastgesteld in de Economische visie (2017)
In de Economische visie zijn de volgende uitgangspunten voor het beleidskader horeca gedefinieerd:
•Toestaan van beperkte groei van horeca in het buitengebied. Om de ruimtelijke kwaliteit te waarborgen gelden hierbij de volgende voorwaarden:
○ Goede landschappelijke inpassing.
○ Kleinschalig.
○ Aan loop- wandelroutes, nabij kernen of nabij recreatiegebieden.
○ Binnen bestaande bebouwing.
•Toestaan van volwaardige/commerciële horeca bij musea. De musea vormen een belangrijke pijler van het toeristisch aanbod. Volwaardige/commerciële horeca draagt bij aan een solide basis voor de musea.
•Toestaan van beperkte ondergeschikte horeca bij minicampings en agrariërs (inclusief wijnboeren mits de benodigde AW-vergunning afgegeven kan worden).
•Niet toestaan van volwaardige/commerciële horeca in dorpshuizen, dit in verband met het moeilijk waarborgen van een eerlijk speelveld.