Gemeentelijke regelgeving

Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI Beesel 2008)

Gemeente Beesel · geldt sinds 17 juli 2008

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

a.college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beesel;

b.net of netwerk: samenstel van ondergrondse kabel(s) en/of leiding(en), bestemd voor het transport van nutsvoorzieningen of van signalen van een openbaar elektronisch communicatienetwerk;

c.kabels en leidingen: kabels en/of leidingen als onderdeel van een net(werk);

d.(huis)aansluiting: het gedeelte van de kabel of leiding dat een netwerk verbindt met een netwerkaansluitpunt ten behoeve van een onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a tot en met d, van de Wet waardering onroerende zaken, of met een ander netwerk;

e.netbeheerder: rechtspersoon die is aangewezen als beheerder van een net of netwerk;

f.opdrachtgever: degene die opdracht geeft tot het uitvoeren van een werkzaamheden;

g.grondroerder: degene onder wiens verantwoordelijkheid of leiding werkzaamheden worden verricht;

h.gedoogplichtige: degene op wie een gedoogplicht rust conform artikel 1 Belemmeringenwet Privaatrecht of artikel 5.2, 1e lid Telecommunicatiewet (‘Tw’);

i.openbare gronden: openbare wegen en wateren als bedoeld in artikel 1.1, onder aa Tw;

j.werkzaamheden: handmatige en mechanische (graaf)werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en leidingen;

k.werkzaamheden van minder ingrijpende aard: werkzaamheden die qua aard of omvang dusdanig beperkt zijn dat, ter beoordeling door de gemeente, een afwijkend, lichter meldregime toegepast kan worden;

l.instemmingsbesluit: besluit van het college op een melding van voorgenomen werkzaamheden met aanvraag voor een besluit tot instemming;

m.verordening: AVOI Beesel 2008;

n.coördinator: de contactpersoon van de gemeente, die gemachtigd is door het college, inzake werkzaamheden of bevoegdheden krachtens deze verordening;

o.niet-openbare kabels en leidingen: kabels en leidingen die niet gebruikt worden om openbare diensten aan te bieden;

p.Handboek: door de gemeente Beesel gehanteerde voorschriften betreffende ontwerp, aanleg, exploitatie, onderhoud en verwijdering van kabels en leidingen.

Artikel 2 Toepasselijkheid

Deze verordening is van toepassing op het aanleggen, instandhouden en opruimen van kabels en leidingen in of op openbare gronden, voor zover de gemeente deze gronden beheert, in bezit heeft dan wel daarover coördinatieverplichtingen heeft.

Artikel 3 Nadere regels

Het college kan ter uitvoering van deze verordening nadere regels vaststellen.

Artikel 4 Instemmingsvereiste

Het is verboden zonder of in afwijking van een voorafgaand door het college verleend instemmingsbesluit, het medegebruik van voorzieningen en de afstemming van werkzaamheden met overige netbeheerders, kabels en/of leidingen in of op openbare gronden aan te leggen, in stand te houden of op te ruimen.

Artikel 5 Melding en aanvraag

1Een grondroerder is verplicht voorgenomen werkzaamheden te melden middels een aanvraag voor een instemmingsbesluit bij het college.

2Voorgenomen minder ingrijpende werkzaamheden dienen vijf werkdagen voor de uitvoering schriftelijk bij de gemeente te worden gemeld. Op grond van belangen als genoemd in artikel 8 lid 1 kan het college bepalen dat de realisatie op een later tijdstip dient plaats te vinden.

3Spoedeisende werkzaamheden ten gevolge van een ernstige belemmering of storing in de dienstverlening via het net(werk), dienen voorafgaand te worden gemeld, en dienen uiterlijk binnen vijf werkdagen na uitvoering gemotiveerd te worden middels het voorgeschreven formulier.

4Als voorgenomen werkzaamheden worden verricht in nader door het college aan te wijzen gebieden, wordt uiterlijk acht weken voor de aanvang een aanvraag gedaan en is de uitzonderingsbepaling voor minder ingrijpende of spoedeisende werkzaamheden niet van toepassing.

Artikel 6 Voorwaarden aanvraag

1Voor het doen van een aanvraag als bedoeld in artikel 5 eerste lid van de verordening dient gebruik te worden gemaakt van daartoe door het college vastgestelde formulieren.

2Bij de aanvraag verstrekt de grondroerder in elk geval de volgende gegevens:

a.een machtiging indien het een aanvraag betreft voor of namens een opdrachtgever;

b.NAW-gegevens van de eigenaar, beheerder en exploitant van de kabels en/of leidingen, alsmede van de grondroerder (dan wel diens te machtigen uitvoerder);

c.een opgave van het aantal, de soort en het beoogde gebruik van de kabels en/of leidingen;

d.een opgave van de belanghebbenden die vooraf in kennis worden gesteld van de voorgenomen datum van aanvang, beëindiging en aard van de werkzaamheden;

e.In drievoud volledige en duidelijk leesbare tekeningen van het gewenste tracé, inclusief straatnamen en lengtes van de kabels/leidingen

f.een omschrijving van eventuele op te breken van de verhardingen;

g.het voorgenomen tijdstip van aanvang en beëindiging van de werkzaamheden.

3Indien de voorgenomen werkzaamheden betrekking hebben op kabels van elektronische communicatienetwerken dienen tevens te worden verstrekt binnen het uitvoeringsplan:

a.een opgave van het aantal kabels dat direct dan wel niet direct in gebruik wordt genomen;

b.de doorsnede van de kabel(goot) en lengte en breedte van de kabelsleuf.

4Bij de melding van voorgenomen minder ingrijpende of spoedeisende werkzaamheden, als bedoeld in artikel 5, dient te worden verstrekt:

a.naam, adres en ondertekening van de grondroerder, naam en adres van de (onder)aannemer(s), alsmede de naam en telefoonnummer van de uitvoerder;

b.de dagtekening van de melding;

c.de lengte van de sleuf die wordt opengebroken;

d.het oppervlak van het lasgat dat wordt opengebroken.

5Het college kan nadere regels stellen inzake de te verstrekken gegevens alsmede over de wijze waarop die dienen te worden verstrekt. Uitgangspunt is dat gegevens die digitaal voorhanden zijn ook in digitale vorm worden verstrekt.

6Tijdens het 1e overleg met de gemeentelijke toezichthouder dient de aanvrager op verzoek de volgende gegevens te overleggen:

a.de resultaten van het haalbaarheidsonderzoek inzake de beschikbare ruimte;

b.situering van objecten die ten tijde van de werkzaamheden worden geplaatst;

c.maatregelen voor de bereikbaarheid van de aanwezige kabels en leidingen;

d.maatregelen voor bereikbaarheid van percelen en opstallen in de nabijheid;

e.brief met informatie aan de belanghebbenden.

f.Planning van het gehele werk inclusief de faseringen en de werkvolgordes.

g.Overzichtstekening met te nemen verkeersmaatregelen conform publicatie 96b C.R.O.W.

h.Een opgave van het beoogde opslagterrein en/of ketenpark tijdens de werkzaamheden;

Artikel 7 Termijnen en looptijd

1Het college beslist binnen uiterlijk acht weken na ontvangst van de aanvraag. Betreft het een aanvraag waarbij meerdere gedoogplichtigen zijn betrokken dan beslist het college binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag èn van alle instemmingen van deze gedoogplichtigen.

2De termijn bedoeld in het eerste lid kan eenmaal met ten hoogste acht weken worden verlengd. Dit wordt schriftelijk en gemotiveerd aan de aanvrager medegedeeld, met vermelding van de termijn waarbinnen de beschikking tegemoet kan worden gezien.

3Het college houdt de beslissing aan, indien er in verband met de voorgenomen werkzaamheden een vergunning als bedoeld in de Woningwet, de Wet milieubeheer of een kapvergunning is vereist.

4Het instemmingsbesluit heeft een maximale geldigheid van 6 maanden. De werkzaamheden moeten zijn voltooid binnen die termijn, tenzij in het instemmingsbesluit anders is bepaald.

5Indien binnen 3 jaar na groot onderhoud of herinrichting van de openbare gronden de netbeheerder werkzaamheden moet uitvoeren, kan het college bijzondere voorwaarden stellen aan het herstel. De hiermee gepaard gaande kosten zijn voor rekening van de netbeheerder.

Artikel 8 Voorschriften, beperkingen en verplichtingen

1Het college kan aan de werkzaamheden voorschriften en beperkingen verbinden in het belang van:

a.de openbare orde;

b.veiligheid, waaronder de verkeersveiligheid en/of een goede doorstroming van het verkeer;

c.voorkomen of beperken van schade of overlast;

d.de bereikbaarheid van gronden of gebouwen;

e.de ondergrondse ordening.

2Ter bescherming van de belangen als genoemd in het eerste lid kan het college aan het instemmingsbesluit voorschriften of beperkingen verbinden over het medegebruik van voorzieningen. Een grondroerder is verplicht om zoveel mogelijk (mede)gebruik te maken van bestaande, door andere netbeheerders dan wel door of in opdracht van het college aangelegde voorzieningen, zoals mantelbuizen, kabelgoten en -geleidingen die door derden of de gemeente tegen marktconforme prijzen ter beschikking worden gesteld. Indien de grondroerder een redelijk aanbod wordt gedaan om gebruik te maken van deze voorzieningen, is deze verplicht ervan gebruik te maken.

3Ter bescherming van de belangen als genoemd in het eerste lid kan het college aan het instemmingsbesluit het voorschrift verbinden van zekerheidsstelling voor de nakoming van verplichtingen die gesteld zijn bij de voorschriften en beperkingen aan het instemmingsbesluit.

4Indien de openbare gronden geen ruimte bieden voor de aanleg van nieuwe kabels, dient de grondroerder een alternatief tracé te kiezen, of (bij elektronische communicatienetwerken) aan andere netbeheerders een billijk verzoek tot medegebruik van kabels en/of leidingen te doen.

5De grondroerder dient omwonenden ter plaatse van de werkzaamheden minimaal vijf werkdagen tevoren schriftelijk te informeren over aanvang, duur, aard en plaats van de werkzaamheden.

6De wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en opruiming van kabels en leidingen en medegebruik van voorzieningen dient te geschieden conform het in de gemeente Beesel van toepassing zijnde Handboek als bedoeld in artikel 1.p van deze verordening. Bij tegenstrijdigheden tussen deze verordening en het Handboek, hebben de bepalingen van deze verordening voorrang.

7De grondroerder vergoedt aan de gemeente de schade voortvloeiend uit de werkzaamheden, waarbij de omvang beperkt is tot vergoeding van de marktconforme kosten van de voorzieningen en van de meerdere marktconforme kosten van onderhoud.

8Bij oplevering is de grondroerder verplicht gegevens omtrent de ligging van de kabels en/of leidingen te verstrekken en een overzicht te geven van de nog niet in gebruik zijnde kabels en/of leidingen. De grondroerder is verplicht zo spoedig mogelijk na constatering van de aanwezigheid van kabels en/of leidingen, waarvan niet bekend is van wie ze zijn, een kopiemelding van de mededeling aan het kadaster, aan de gemeente te verstrekken.

9De gemeente Beesel verbindt aan het instemmingsbesluit de voorwaarde dat de grondroerder voor eigen rekening zorg draagt na einde van de werkzaamheden de grond (en verhardingen en/of groen) terug te brengen in de oude staat. Inzake het toezicht door de gemeente worden uitvoeringsafspraken gemaakt. Aan herstel van bijzondere bestrating kan het college nadere voorwaarden stellen.

10De Legesverordening van de Gemeente Beesel is van toepassing.

Artikel 9 Verleggingen

1Op verleggingen van kabels ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk op verzoek van de gemeente Beesel zijn de wettelijke regels van toepassing.

2Op verleggingen van leidingen van een netwerk voor nutsvoorzieningen gelden de volgende bepalingen, behoudens voor zover andere (contractuele) afspraken nog toepasselijk zijn:

a.de netbeheerder is verplicht op verzoek van de gemeente over te gaan tot het maatregelen ten aanzien van diens kabels en leidingen, waaronder het verplaatsen ervan, voor zover noodzakelijk voor de oprichting van gebouwen of de uitvoering van werken door of vanwege de gemeente;

b.voor compensatie dient een gespecificeerd kostenoverzicht overlegd te worden;

c.het college en de netbeheerder zullen bij verwijdering, verlegging of aanpassing van de leiding en/of kabel van de belanghebbende elkaars schade zo veel mogelijk beperken;

d.na een verzoek tot het nemen van maatregelen, gaat de netbeheerder zo snel mogelijk over tot de gevraagde maatregelen, doch niet later dan twaalf weken na ontvangst van het verzoek.

Artikel 10 Eigendom

1Indien de eigendom, exploitatie of beheer van een net(werk), kabel of leiding wordt overgedragen aan een andere netbeheerder, gaan de rechten en plichten over op de nieuwe netbeheerder.

2De netbeheerder stelt het college onverwijld in kennis van het feit dat het eigendom, de exploitatie of het beheer verandert en draagt zorg voor overige vereiste kennisgevingen hieromtrent.

Artikel 11 Niet-openbare kabels en leidingen

1Voor werkzaamheden met niet-openbare kabels en leidingen in of op openbare gronden is het bepaalde in deze verordening van overeenkomstige toepassing.

2Bij verzoeken voor het verleggen van niet-openbare kabels en leidingen op verzoek van de gemeente, worden deze op kosten van de eigenaar van de kabels en leidingen, uitgevoerd.

Artikel 12 Geldigheidsduur gedoogplicht kabels en leidingen

1De netbeheerder stelt het college onverwijld en schriftelijk in kennis van het feit dat een kabel of leiding niet langer ten dienste staat van een net(werk) in of op openbare gronden.

2De netbeheerder levert jaarlijks een overzicht van alle (niet) in gebruik zijnde kabels, leidingen en ondersteuningswerken. De bewijslast van ingebruikname ligt bij de netbeheerder.

Artikel 13 Overleg

1De gemeente organiseert periodiek een overleg, waarvoor netbeheerders worden uitgenodigd.

2In dit overleg worden de plannen van de gemeente en de netbeheerders c.q. grondroerders besproken en qua uitvoering afgestemd.

Artikel 14 Toezicht en handhaving

1Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de bij besluit van het college aangewezen ambtenaren.

2Indien het college of de coördinator vaststelt dat de verplichtingen van deze verordening niet zijn nagekomen, kan het college besluiten handhavend op te treden.

3Bij grove nalatigheid of recidive kan het college strafrechtelijke handhaving in gang zetten.

4Indien de werkzaamheden niet op de overeengekomen data worden gestart of uitgevoerd, vervalt de verleende instemming, tenzij er tijdig een gegronde reden wordt medegedeeld, met in acht name van de maximale geldigheidsduur van het instemmingbesluit en ter beoordeling van het college.

5Het college is bevoegd de werkzaamheden stil te leggen, indien er wordt gewerkt:

a.zonder voorafgaande melding, als bedoeld in artikel 5 van deze verordening;

b.in strijd met het in het instemmingsbesluit opgenomen tijdstip van aanvang of voltooiing, de wijze van uitvoering of andere van toepassing verklaarde voorschriften.

Artikel 15 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking. Gelijktijdig vervalt de Telecommunicatieverordening (1999) van de Gemeente Beesel.

Artikel 16 Overgangsbepalingen

De aanwezigheid van kabels en/of leidingen in of op openbare gronden, voor zover deze zijn aangelegd met toepassing van de Telecommunicatieverordening (1999) van de Gemeente Beesel en/of op basis van andere gelegaliseerde afspraken, wordt met ingang van deze verordening eveneens beheerst door de regels daarvan.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 16 juni 2008.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.