Gemeentelijke regelgeving

Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Beekdaelen 2025

Gemeente Beekdaelen · geldt sinds 1 januari 2025

Aanhef

De raad van de gemeente Beekdaelen,

gelezen het voorstel van het college van 5 november 2024 (kenmerk: Z/24/210256-376727)

gelet op artikel 35 van de Wet op de lijkbezorging en artikel 149 van de Gemeentewet;

besluit vast te stellen de volgende verordening:

Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Beekdaelen 2025

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

a.algemeen graf: een graf waarvan de gemeente rechthebbende is, wanneer niemand in opdracht tot begraving van de overledene heeft voorzien. Dit graf kent enkel de wettelijke grafrusttermijn van 10 jaar;

b.asbus: een bus ter berging van as van een overledene;

c.begraafplaatsen:

o Begraafplaats Nuth gelegen aan de Slagboomsweg en Daelderveld;

o Begraafplaats Schimmert gelegen aan de Molenweg;

o Begraafplaats Wijnandsrade gelegen aan de Oudenboschstraat;

o Begraafplaats Hulsberg gelegen aan de Wissengrachtweg;

o Begraafplaats Merkelbeek gelegen aan de Wilmenweg;

o Begraafplaats Schinnen gelegen achter de Kerk Schinnen.

d.beheerder: een door het college aangewezen persoon die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaatsen of degene die hem vervangt;

e.gedenkteken: voorwerp op het graf voor het aanbrengen van opschriften of figuren;

f.graf: een (zand)graf, daaronder in deze verordening mede verstaan een urnennis/urnengraf, waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:

1het doen begraven en begraven houden van één of meer overledene(n);

2het doen begraven en begraven houden van levenloos geborenen, alsmede van kinderen tot 12 jaar (kindergraf);

3het doen bijzetten en bijgezet houden van één of meer asbussen met of zonder urn (urnengraf);

4het doen verstrooien van as.

g.grafbedekking: gedenkteken, afdekplaat, grafbeplanting en andere voorwerpen op of bij een graf;

h.grafbeplanting: beplanting die door de rechthebbende op een graf wordt aangebracht;

i.grafrecht: het uitsluitend recht op het begraven / begraven houden en doen bijzetten / bijgezet houden (alsdan ‘huurrecht’ genoemd) in een graf of urnennis;

j.het college: burgemeester en wethouders van de gemeente Beekdaelen;

k.rechthebbende: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht is verleend op een graf;

l.ruimen: enkel het verwijderen van grafbedekking boven het maaiveld;

m.strooiveld: een aangewezen plaats waarop as kan worden verstrooid;

n.urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen.

Artikel 2. Beheer

1Het beheer van de begraafplaatsen berust bij het college.

2Onder toezicht van het college wordt de beheerder belast met:

a.de administratie van de begraafplaatsen;

b.de dagelijkse leiding van de begraafplaatsen;

c.het onderhoud van de begraafplaatsen;

d.het laten delven of openen en sluiten van graven;

e.het naleven van de wettelijke voorschriften ten aanzien van het begraven van overledenen en het plaatsen van asbussen.

Hoofdstuk 2 Openstelling, orde en rust op de begraafplaats

Artikel 3. Openstelling begraafplaatsen en tijden van begraven en asbezorging

1De begraafplaatsen zijn dagelijks toegankelijk tijdens door het college vastgestelde tijden.

2De tijden van het begraven en het bezorgen van de as worden tevens door het college bepaald.

3Ter handhaving van de orde en rust kan de toegang (tot een gedeelte) van de begraafplaats tijdelijk worden gesloten.

4Het is niet toegestaan zich buiten de openingstijden te bevinden op de begraafplaatsen.

Artikel 4. Ordemaatregelen

1Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die werkzaamheden op de begraafplaats verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van of namens de beheerder.

2Het is niet toegestaan op de begraafplaatsen:

a.op graven te lopen of de begraafplaatsen te verontreinigen;

b.honden los te laten lopen;

c.dieren te begraven of bij te zetten;

d.(brom)fietsen of motorrijtuigen sneller dan 5 km per uur, met uitzondering van mindervalidenvoertuigen, mee te nemen dan wel te rijden anders dan voor een begrafenis, ter bezorging van as of voor het verrichten van werkzaamheden.

3Plechtigheden op de begraafplaatsen, waaronder herdenkingsbijeenkomsten en onthullingen van gedenktekens, dienen minimaal zes werkdagen van tevoren te worden gemeld aan de beheerder. Datum en uur van de plechtigheid en de wijze waarop deze zal plaatsvinden worden, in overleg met de aanvrager, door de beheerder vastgesteld. Het college kan toestemming weigeren op grond van vrees en verstoring van de openbare orde op de begraafplaatsen.

4De beheerder kan personen die zich niet houden aan het bepaalde in het eerste of tweede lid van de begraafplaats (laten) verwijderen.

Hoofdstuk 3 Indeling begraafplaats en uitgifte van graven

Artikel 5. Soorten graven

1Op de begraafplaatsen kunnen de volgende graven worden uitgegeven:

a.algemene graven;

b.particuliere graven;

c.particuliere kindergraven;

d.particuliere urnengraven;

e.particuliere urnennissen.

2Op de begraafplaatsen kan toestemming worden verleend voor het verstrooien van as op de aangewezen strooivelden.

3Asbussen mogen in graven geplaatst worden na toestemming van de rechthebbende.

4Een asverstrooiing dient altijd plaats te vinden onder toezicht van de beheerder.

5Het college kan nadere regels vaststellen ten aanzien van graven, het bijzetten van asbussen en asverstrooiingen

Artikel 6. Volgorde van uitgifte

1Graven worden slechts voor directe begraving en in volgorde van ligging uitgegeven.

2Urnennissen worden in samenspraak met de beheerder uitgegeven.

3Het college kan een graf toewijzen anders dan voor directe begraving en buiten de volgorde van uitgifte, indien dit wegens de situatie op de begraafplaats niet bezwaarlijk is.

Artikel 7. Termijnen grafrechten

1De termijn van het grafrecht vangt aan op de datum waarop het graf of de reservering is uitgegeven. Grafrechten worden uitgegeven voor de duur van 10, 20 of 30 jaar.

2Begraving in een bestaand graf, waarvan de einddatum van de grafrechten binnen de wettelijke termijn van grafrust afloopt, kan alleen plaats vinden wanneer de termijn van het grafrecht wordt verlengd. Verlengen van grafrechten is mogelijk met 5 of 10 jaar.

3Een grafrecht kan slechts aan één rechthebbende worden verleend.

4Zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding kan de rechthebbende schriftelijk afstand doen van het grafrecht. Van de ontvangst van zodanige verklaring doet het college schriftelijk mededeling aan de rechthebbende.

5Het grafrecht vervalt:

a.door het verlopen van de termijn waarvoor het grafrecht is verleend;

b.indien de rechthebbende schriftelijk afstand doet van het grafrecht;

c.indien de begraafplaats wordt opgeheven of aan zijn bestemming wordt onttrokken.

6Het college kan het grafrecht vervallen verklaren:

a.indien de betaling van het grafrecht ten behoeve van de vestiging of een verlenging van het grafrecht - ondanks een aanmaning - niet binnen drie maanden na aanvang van die termijn geschied;

b.indien de rechthebbende - ondanks een aanmaning - in verzuim blijft een op grond van deze verordening op hem rustende verplichting na te komen of daarmee in strijd handelt;

c.indien de rechthebbende van een graf is overleden en het recht niet is overgeschreven.

Artikel 8. Overschrijving van grafrechten

1Het grafrecht kan op aanvraag van de rechthebbende worden overgeschreven op naam van een andere rechthebbende.

2Na het overlijden van de rechthebbende kan het grafrecht worden overgeschreven op naam van een andere rechthebbende.

Hoofdstuk 4 Voorschriften

Artikel 9. Kennisgeving begraven en asbezorging, openen en sluiten van een graf

1Degene die wil doen begraven, as wil doen bijzetten of as wil doen verstrooien, geeft daarvan uiterlijk twee werkdagen voorafgaande de dag waarop de begraving, bijzetting of verstrooiing zal plaatsvinden, schriftelijk kennis aan de beheerder. De zaterdag en zondag gelden voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag.

2Indien de burgemeester toestemming heeft gegeven om de overledene binnen 36 uur na het overlijden te begraven, moet de kennisgeving aan de beheerder zo tijdig mogelijk worden gedaan.

3De zich op een graf bevindende grafbedekking of voorwerpen moeten door een steenhouwer uiterlijk twee werkdagen voorafgaand het openen van het graf worden verwijderd in opdracht van de rechthebbende.

4Het openen en sluiten van een graf mag uitsluitend in opdracht van een in leven zijnde rechthebbende worden uitgevoerd. In geval van een overleden rechthebbende dient het grafrecht eerst overgeschreven te zijn aan een nieuwe rechthebbende.

5Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van as, en het daarna sluiten van een graf, mag uitsluitend geschieden op aanwijzingen en onder toezicht van de beheerder.

6In bijzondere gevallen kan het college van dit artikel ontheffing verlenen.

Artikel 10. Over te leggen stukken

Indien de begraving of de bezorging van as in een graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te worden overgelegd ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet.

Artikel 11. Vergunning plaatsen gedenkteken

1Voor het plaatsen van een gedenkteken is een vergunning nodig van het college. De rechthebbende van een graf vraagt de vergunning digitaal aan.

2Het college stelt nadere regels vast omtrent grafbedekking.

Artikel 12. Opgravingen en ruimen

1Het voornemen van het college om een graf te ruimen wordt tenminste één jaar voorafgaande de ruiming per brief aan de rechthebbende bekend gemaakt. Wanneer het adres van de rechthebbende niet bekend is, plaatst het college een bordje bij het graf met het voornemen tot ruiming.

2De rechthebbende van een graf kan bij de beheerder een aanvraag indienen om de stoffelijke resten of asbus te laten opgraven voor herbegraving / elders bij te zetten / crematie / asverstrooiing. Bij het opgraven zijn geen andere personen aanwezig dan degenen die door de beheerder met deze werkzaamheden zijn belast.

Hoofdstuk 5 Overige bepalingen

Artikel 13. Register en lijst historische graven

1Het college houdt een register bij met een nauwkeurige aanduiding van alle graven, namen en adressen van rechthebbenden.

2Rechthebbenden zijn verplicht eventuele (adres)wijzigingen aan het college door te geven.

3Het college houdt tevens een lijst bij van graven die van historische betekenis zijn of waarvan de grafbedekking een opvallende kwaliteit heeft.

4Het college beslist over het ruimen van graven die op de in het derde lid bedoelde lijst staan.

Artikel 14. Overgangsbepaling

Indien vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om vergunning is ingediend, is de “Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Beekdaelen 2021” van toepassing.

Artikel 15. Strafbepaling

1Hij die handelt in strijd met artikel 4 wordt gestraft met een geldboete van de eerste categorie.

2De in het eerste lid genoemde strafbare feiten worden beschouwd als overtredingen.

Artikel 16. Inwerkingtreding

1De “Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Beekdaelen 2021”, vastgesteld op 10 november 2020, wordt bij vaststelling van deze verordening ingetrokken.

2Deze verordening treedt inwerking per 1 januari 2025.

Artikel 17. Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Beekdaelen 2025.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.