Gemeentelijke regelgeving

Gladheidbestrijdingsplan 2026-2030 gemeente Barendrecht

Gemeente Barendrecht · geldt sinds 12 juli 2025

Aanhef

gelet op

Wegenwet

Wegenverkeerswet;

BESLUIT:

1Het ‘Gladheidbestrijdingsplan 2026-2030 gemeente Barendrecht’ vast te stellen.

2De raadsinformatiebrief vast te stellen en te versturen.

3De financiële consequenties op te nemen in de tussenrapportage 2025 en de begroting 2026 (+€14.000 aankoop strooizout en +€20.000 inhuur personeel).

3 Kaders en (beleids)uitgangspunten

3.2 Gemeentelijke kaders

3.2.1 Mobiliteitsvisie “Barendrecht op weg”

Bereikbaarheid, toegankelijkheid, leefbaarheid, verkeersveiligheid en duurzaamheid zijn vijf begrippen die de mobiliteitsvisie van Barendrecht kenmerken. Deze thema’s sluiten in principe naadloos aan bij het bestrijden van gladheid op de wegen die eigendom zijn van/in beheer bij de gemeente Barendrecht.

3.2.2 Beheerplan wegen 2022-2026 gemeente Barendrecht

Onze wegen vormen letterlijk de verbinding in Barendrecht. Ons wegbeheer is dan ook in essentie gericht op het onderhouden van de bestaande verharding, zodat verkeersdeelnemers deze veilig kunnen gebruiken. Het beheerplan wegen 2022-2026 geeft houvast voor een helder, gestructureerd en effectief wegbeheer binnen onze gemeente.

3.2.3 Meerjarenprogramma Barendrecht Werelddorp (2022-2026)

Het Barendrechtse college presenteerde november 2022 het meerjarenprogramma Barendrecht Werelddorp 2022-2026.

Gladheidbestrijding staat hierin niet specifiek genoemd, maar een aantal ambities zijn er wel aan te linken:

•Verbeteren verkeersveiligheid

•Investeren in goede bereikbaarheid

•Vergroten van de beleving van fietsers en wandelaars

3.2.4 Motie 2023-07 ‘Barendrecht glibbervrij’

In haar vergadering van september 2023 nam de Barendrechtse gemeenteraad motie 2023-07 ‘Barendrecht glibbervrij’ aan. In deze motie vroeg de raad om voor Barendrechters aan het begin van het strooiseizoen op een gecontroleerde wijze strooizout ter beschikking te stellen. Deze motie voeren we concreet uit door begin december een “strooizoutophaalzaterdag” te organiseren. Ba-rendrechters kunnen dan bij de zoutloods aan de Londen een zakje met 4 kg. strooizout afhalen. Dat is in principe genoeg om 500 m2 verharding te strooien.

4 Methodiek, prioritering en strooiroutes Barendrecht

4.1 Methoden gladheidbestrijding

4.1.1 Preventieve gladheidbestrijding

Preventieve gladheidbestrijding houdt in dat er gestrooid wordt voordat het wegdek glad wordt. Daarbij maken we gebruik van ‘natzout’. Hierbij wordt het droge zout gemengd met een pekeloplossing voordat het via een roterende schijf op het wegdek wordt gestrooid. Voordeel van deze methode is dat het natte zout goed aan het wegoppervlak hecht en dat er bijna geen verwaaiing optreedt. Bovendien is bij ‘nat strooien’ 20% minder zout nodig dan bij het strooien met alleen droog zout.

De ‘nat strooiers’ op de Barendrechtse voertuigen zijn voorzien van geavanceerde besturingssoftware. Deze software bepaalt nauwkeurig de zoutdosering, de strooibreedte en de gelijkmatige verdeling van het zout over de weg. Deze besturingssoftware is gekoppeld aan een gps-systeem zodat de chauffeur makkelijk kan navigeren en zich beter op de weg kan concentreren (het gps-systeem is overigens ook een prettig hulpmiddel bij het inwerken van nieuwe chauffeurs of bij de inzet van een collega op een andere route). Na afloop van een strooirit, slaan we alle gegevens op waardoor we kunnen aantonen waar en wanneer is gestrooid.

Bedieningspaneel pick-up bus

4.1.2 Curatieve gladheidbestrijding

Als er sneeuw ligt, vindt curatieve gladheidbestrijding plaats. De sneeuw wordt dan eerst aan de kant geschoven met de aan de voertuigen gemonteerde sneeuwschuiven. Aanvullend strooien we dan met droog zout. Hierbij komt namelijk direct meer strooizout op het wegdek en droog zout werkt beter in op bestaande sneeuwlagen. Bij curatieve gladheidbestrijding gebruiken we onze besturingssoftware niet qua dosering, strooibreedte etc. De gereden routes worden wel geregistreerd.

Curatieve gladheidbestrijding gaat een stuk langzamer dan een preventieve strooiactie. Bij ernstige sneeuwval komt het voor dat niet alle routes gestrooid kunnen worden (juiste prioriteiten stellen). In principe herhalen we curatieve strooiacties totdat het gewenste resultaat is behaald.

IJzel is een verraderlijke vorm van winterse neerslag die ontstaat wanneer regen op een ondergrond terechtkomt die kouder is dan 0°C. De waterdruppels bevriezen direct bij contact, waardoor een dunne, transparante ijslaag ontstaat. Dit maakt wegen en trottoirs spekglad en gevaarlijk. Vanwege het plotselinge en intens gladde karakter van ijzel, is het bestrijden van deze gladheid een grote uitdaging. Dit omdat bij ijzel het KNMI vaak een code oranje of rood uitgeeft gekoppeld aan de oproep om niet de weg op te gaan. En dat terwijl we juist rijdend verkeer nodig hebben om het zout ‘in te rijden’. Want: hoe meer verkeer hoe sneller en beter de werking van het strooizout!

Handelingsadvies KNMI

4.1.3 Alternatieven

De gemeente Barendrecht gebruikt bij haar gladheidbestrijding steenzout (korrelgrootte < 3 mm.) Naast het strooien van zout zijn er nog twee andere strooimaterialen die ingezet kunnen worden (met voor- en nadelen).

Zand

Zand wordt voornamelijk gebruikt als stroefheidverhogend middel. Als het wordt vermengd met zout, werkt het ook vriespuntverlagend. Het gebruik van zand in plaats van zout heeft als voordeel dat het oppervlaktewater niet verzilt en bomen/beplanting niet worden beschadigd (zie par. 6.2). De nadelen van ‘strooizand’ bestaan uit:

-per vierkante meter is veel nodig om de wrijvingsweerstand enigszins te verhogen;

-bij neerslag verdwijnt het in het regenwaterriool wat verstoppingen kan veroorzaken;

-na de gladheidperiode moet het wegdek/de goten machinaal geveegd worden om het overtollige zand te verwijderen.

Ureum

In Nederland gebruikt men ureum –aanwezige afvalstof in menselijke urine– bij het bestrijden van gladheid op start- en landingsbanen van vliegvelden. Dit omdat ureum niet-corrosief is en daardoor ideaal is voor de metalen vliegtuigen. Nadelen van ureum zijn de prijs (tot 10x duurder dan wegenzout) en het feit dat bij stijgende temperaturen organismen dit omzetten in andere chemische verbindingen. Daarbij wordt veel zuurstof gebruikt en veroorzaakt uiteindelijk eutrofiëring van de bodem.

Let wel: het gebruik van deze alternatieve strooimaterialen vraagt aangepast en ander materieel waardoor ze eigenlijk voor Barendrecht niet realistisch zijn. Uiteraard houden we de ontwikkelingen/markt in de gaten qua alternatieve strooimethodes en –materialen.

4.2 Prioriteiten en strooiroutes gladheidbestrijding

4.2.1 Gladheidcoördinatoren

De gemeente Barendrecht heeft twee gladheidcoördinatoren. De dienstdoende gladheidcoördinator neemt de beslissing om te gaan strooien (zij hebben beurtelings dienst en leiden de gemeentelijke strooiacties).

De beslissing van de gladheidcoördinator is gebaseerd op:

-praktijkervaring en eigen waarneming buiten;

-gegevens uit het gladheidmeldsysteem waaraan een meetpunt in de Leedeweg is gekoppeld. Sensoren meten daar de temperatuur en de toestand van het wegdek (droog/nat en zoutgehalte). In het weerkastje wordt daarbij de luchttemperatuur en luchtvochtigheid gemeten, waarmee het dauwpunt kan worden berekend. Met behulp van al deze gegevens voorspelt het systeem de gladheid op het wegdek;

-advies van de meteoroloog die het meetpunt dag en nacht bewaakt. Bij te verwachten gladheid neemt de meteoroloog telefonisch contact op met de dienstdoende gladheidcoördinator en geeft daarbij specifieke uitleg over de te verwachten gladheid en weersomstandigheden;

-dagelijkse weersvoorspellingen van Infoplaza;

-dagelijkse weerrapporten van de lokale weerexpert Ed Aldus.

Meetpunt Leedeweg

Wanneer er twijfel bestaat over de noodzaak van een preventieve strooiactie, kiest de gladheid-coördinator er altijd voor om te strooien. Veiligheid staat immers voorop!

Doorgaans start een strooiactie binnen 30 tot 45 minuten na de beslissing van de gladheidcoördinator (afhankelijk van de weersomstandigheden waarin de medewerkers naar de gemeentewerf moeten komen).

Alle strooiacties beginnen vanaf en eindigen op de gemeentewerf aan de Londen. Daar staat de zoutloods met een opslagcapaciteit van 600 ton en al het benodigde strooimateriaal (zie par. 5.2).

Shovel in gemeentelijke zoutloods

4.2.2 Strooiroutes preventieve gladheidbestrijding

De strooiroutes preventieve gladheidbestrijding bevatten de Barendrechtse hoofdwegen, doorgaande wegen en doorgaande fietspaden. Ook nemen we in deze routes de wegen naar scholen, verzorgingshuizen, sportaccommodaties, het stationsplein en de marktpleinen mee. Dat geldt ook voor het terrein bij de brandweerkazerne (1e Barendrechtseweg), het politiebureau (Maasstraat), de ambulancepost (Riga) en de vrachtwagenparkeerplaats (Eurekaweg).

Figuur 1 geeft een beeld van alle Barendrechtse preventieve strooiroutes. Een uitsplitsing van de verschillende preventieve strooiroutes staat in bijlage 1.

De handstrooiploeg strooit daarnaast diverse bijzondere plekken, zoals de tramhaltes Carnisselandelijn, de trappen rondom het gemeentehuis, de trappen aan de Middenbaan (de Middenbaan zelf zit in een strooiroute), de hoofd- en zijingang van De Elf Ranken (Middeldijkerplein) en Borg-stede, seniorenwoningen aan de Windsingel, De Boeg (Spits) en de locatie van Humanitas aan de Reling.

Streven is dat bij preventieve gladheidbestrijding alle strooiroutes binnen 3 uur zijn gestrooid!

Figuur 1. Overzicht van alle strooiroutes preventieve gladheidbestrijding gemeente Barendrecht

4.2.3 Strooiroutes viaducten en specifieke locaties

Viaducten staan erom bekend dat ze sneller glad worden dan de aanliggende wegen. Dit komt doordat ze ‘in de lucht hangen’ waardoor ze geen warmte uit de grond kunnen opnemen én sneller afkoelen doordat de wind vrij spel heeft. Daarnaast leert de praktijk dat sommige specifieke locaties sneller glad zijn (uniek microklimaat zorgt lokaal voor ophopende koude lucht en bevriezing).

Om die reden zijn er twee strooiroutes “viaducten en specifieke locaties” (zie ook bijlage 1) te weten:

Barendrecht ten oosten van de A29: tunnel Boezemweg – fietstunnel Gebroken Meeldijk – viaduct Dierensteinweg (en fietstunnel onder het viaduct) – viaduct 1e Barendrechtseweg – opritten parkeerdek Station – bochten Sweelincklaan – opritten Molenleede-Middeldijk – fietspaden Sluislee-de-Middeldijk en alle rotondes (15 stuks).

Barendrecht ten westen van de A29: viaduct Vrijenburgweg – viaduct Avenue Carnisse – tunnel Middeldijk onder A29 – rondom ambulancepost Riga – tunnel Breslau/Harmonielaan – tunnel Voordijk onder A29 – Middeldijkerplein (inclusief fietspad Middeldijk) en alle rotondes (9 stuks).

4.2.4 Strooiroutes curatieve gladheidbestrijding

Bij (zware) sneeuwval of ijzel is het onmogelijk om de gladheid in een kort tijdsbestek te bestrijden conform de preventieve strooiroutes. De rijsnelheid van de strooiwagens is bij curatieve gladheid-bestrijding immers aanzienlijk lager dan bij preventieve gladheidbestrijding. Daarbij vraagt curatieve bestrijding om een hogere dosering strooizout waardoor de strooiwagens eerder en vaker terug moeten naar de zoutloods om bij te vullen.

Curatieve gladheidbestrijding vraagt daarom om het stellen van prioriteiten en het maken van keuzes:

•Eerste prioriteit is het sneeuwvrij maken van de wegen vanuit de verschillende hulpdienstenposten naar de doorgaande wegen;

•Gelijktijdig worden de doorgaande fietspaden sneeuwvrij gemaakt en/of gestrooid;

•Vervolgens schuiven we de hoofdroutes en doorgaande wegen.

Sneeuwschuiven (curatieve gladheidbestrijding) kost tijd waardoor het niet altijd mogelijk is om de gladheid in één actie te bestrijden. Bovendien kan de mate van sneeuwval of ijzel per keer –en zelfs plaatselijk– verschillen. Afhankelijk van de situatie en het tijdstip van de neerslag, bepaalt de gladheidcoördinator tot het inzetten van curatieve gladheidbestrijding.

Bijlage 1: Strooiroutes preventieve gladheidbestrijding

Strooiroute doorgaande wegen ten oosten A29

Strooiroute doorgaande wegen ten westen A29

Strooiroute Centrum-West/Dorpzicht/Noord/Binnenland/sportpark De Bongerd/bedrijventerrein De Punt

Strooiroute Centrum-Oost/Buitenoord/Ter Leede

Strooiroute Oranjewijk/Lagewei/Vrouwenpolder/Meerwede-Zuid

Strooiroute Bijdorp/Paddewei/bedrijventerreinen Bij-dorp/Reijerwaard/Cornelisland/Dierenstein/Gebroken Meeldijk/Ziedewij

Strooiroute Nieuweland/Molenvliet

Strooiroute Meerwede-Noord/Vrijenburg/Riederpark

Strooiroute Water-kant/Havenkwartier/Gaatkensoog/Riederhoek/Smitshoek/Vrijheidsakker/sportparken Smits-hoek/De Doordraak/bedrijventerrein Vaanpark

Strooiroute bijzondere plekken (handmatig)

Strooiroute viaducten en specifieke locaties (ten oosten A29)

Strooiroute viaducten en specifieke locaties (ten westen A29)

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.