Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Assen;
gelet op hoofdstuk 5, titel 5.4, en artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht en hoofdstuk VIIIA Algemene wet inzake rijksbelastingen, artikel 231 Gemeentewet
besluit vast te stellen de volgende beleidsregels:
Artikel 1. Reikwijdte
1In deze regeling is het beleid neergelegd voor het opleggen van bestuurlijke boeten bij de heffing van toeristenbelasting.
2Deze regeling is van toepassing op beboetbare feiten die zijn begaan na de inwerkingtredingsdatum van deze regeling.
Artikel 2. Begrip belanghebbende
1Onder belanghebbende wordt voor de toepassing van deze regeling verstaan degene aan wie een boete is of kan worden opgelegd.
2Bestuurlijke boeten kunnen aan de belastingplichtige, medepleger, feitelijk leidinggever of opdrachtgever worden opgelegd.
Artikel 3. Mededelingsplicht
Bij het opleggen van een boete worden de feiten die aanleiding hebben gegeven tot he topleggen van de boete vermeld.
Artikel 4. Aangifteverzuim aanslagbelasting
1Het niet of niet binnen de termijn doen van aangifte voor de toeristenbelasting wordt aangemerkt als een verzuim.
2De heffingsambtenaar legt een boete op van 25% van het aanslagbedrag met dien verstande dat de verzuimboete nimmer hoger wordt vastgesteld dan het in artikel 67a lid 1 Algemene wet inzake rijksbelastingen opgenomen wettelijk maximum.
3Bij het niet of niet binnen de termijn doen van aangifte voor de aanslagbelastingen is alleen sprake van een verzuim, indien belanghebbende de aangifte niet binnen een door de heffingsambtenaar gestelde termijn heeft gedaan en hij geen gevolg heeft gegeven aan een aanmaning van de heffingsambtenaar.
4Een aangifte die wordt ingediend nadat de aanslag (ambtshalve) is opgelegd, geldt niet alsnog als een (niet binnen de termijn) gedane aangifte.
Artikel 5. Boete aanmeldplicht en registratieplicht
1Het niet voldoen aan de aanmeldplicht of registratieplicht welke wordt opgelegd bij of krachtens de artikelen 10 lid 1 en 11 van de Verordening toeristenbelasting wordt aangemerkt als een verzuim.
2De door de heffingsambtenaar op te leggen boete bedraagt ter zake van een in het eerste lid bedoeld verzuim € 500,--.
Artikel 6. Overgangsrecht
De Beleidsregels bestuurlijke boeten toeristenbelasting vastgesteld op 3 maart 2020 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 7 genoemde datum, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de beboetbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
Artikel 7. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2025.
Artikel 8. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Beleidsregels bestuurlijke boeten toeristenbelasting 2025.