Aanhef
DE RAAD VAN DE GEMEENTE ARNHEM;
gelezen het voorstel van Auditcommissie van 23 september 2024, nummer: 4373159;
gelet op de artikelen 81a, 81k en 149 van de Gemeentewet;
B E S L U I T:
Vast te stellen de
VERORDENING OP DE REKENKAMER ARNHEM 2025
Artikel 1 Begripsbepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
a.auditcommissie: de commissie als bedoeld in de Verordening op de auditcommissie gemeente Arnhem
b.college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Arnhem;
c.lid: een lid van de rekenkamer van de gemeente Arnhem;
d.raad: gemeenteraad van Arnhem;
e.rekenkamer: de rekenkamer van de gemeente Arnhem
f.secretaris: secretaris van de rekenkamer van de gemeente Arnhem.
g.voorzitter: voorzitter van de rekenkamer van de gemeente Arnhem.
Artikel 2 Rekenkamer
Er is een Rekenkamer bestaande uit drie leden.
Artikel 3 Benoeming leden
1De raad (her)benoemt de leden van de Rekenkamer op voordracht van de Auditcommissie.
2De auditcommissie voegt bij de voordracht de volgende documenten:
a.de mededeling van het kandidaat lid dat deze de benoeming aanvaardt;
b.een overzicht van alle nevenfuncties die de kandidaat bekleedt;
c.een verklaring omtrent gedrag
3De selectiecommissie bestaat uit een vertegenwoordiging van de auditcommissie, waarbij een vertegenwoordiging van de Rekenkamer als adviseur(s) aan de commissie deelneemt.
4De rekenkamer wijst uit haar midden een plaatsvervangend voorzitter aan.
5De leden van de rekenkamer kunnen één keer worden herbenoemd.
Artikel 4 Ontslag en non-activiteit
De auditcommissie adviseert de raad over een beslissing wanneer er sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 81c, leden 6 en 7, van de wet en artikel 81d, van de wet.
Artikel 5 Openbaarheid
1De rekenkamer vergadert in beslotenheid.
2De rekenkamer kan besluiten in openbaarheid te vergaderen.
Artikel 6 Gedragscode en onderzoeksprotocol
1De raad stelt een gedragscode voor de leden van de Rekenkamer vast.
2De rekenkamer stelt een onderzoeksprotocol voor de uitvoering van haar onderzoeken vast en informeert de raad hierover.
Artikel 7 Onderzoeksprogramma
1De rekenkamer stelt jaarlijks vóór 1 april een onderzoeksprogramma vast.
2De rekenkamer bepaalt de onderwerpen die zij onderzoekt, formuleert de probleemstelling en stelt de onderzoeksopzet vast en informeert de raad hierover.
3Op een verzoek van de raad aan de rekenkamer om een onderzoek in te stellen wordt door de rekenkamer binnen vier weken geantwoord. Indien de rekenkamer niet aan het verzoek voldoet, zal zij daarvoor gronden aanvoeren.
4De de leden van de Auditcommissie fungeren als klankbordgroep bij het opstellen van het onderzoeksprogramma.
Artikel 8 Vergoeding werkzaamheden
1De leden ontvangen voor hun werkzaamheden een vaste maandelijkse vergoeding.
2De vergoeding per maand bedraagt voor de voorzitter 65% en voor een lid 55% van de vergoeding voor raadsleden
Artikel 9 Budget
1De rekenkamer is bevoegd binnen een aan haar bij de begroting beschikbaar gesteld budget, uitgaven te doen ten behoeve van de uitvoering van haar werkzaamheden.
2De rekenkamer verantwoordt de baten en lasten van het vorige begrotingsjaar in het jaarverslag aan de raad, als bedoeld in artikel 185, vierde lid, van de wet.
Artikel 10 Ambtelijk medewerkers rekenkamer
1De rekenkamer heeft een ambtelijk secretaris;
2Het college wijst op voordracht van de voorzitter van de Rekenkamer de ambtelijk secretaris aan;
3Rechtpositionele besluiten ten aanzien van de medewerkers van de Rekenkamer worden door of namens het college genomen. Het college kan de raadsgriffier hiervoor een mandaat verlenen.
4De voorzitter van de Rekenkamer geeft de functionele leiding aan de ambtelijke medewerkers.
Artikel 11 Overleg en Evaluatie
1Jaarlijks vindt een voortgangsoverleg plaats tussen de rekenkamer en de auditcommissie.
2De auditcommissie neemt eenmaal per zittingsperiode van de raad initiatief tot het evalueren van de werking van deze verordening en het functioneren van de Rekenkamer en betrekt raad, college en Rekenkamer hierbij.
Artikel 12 Monitoring doorwerking aanbevelingen
1Het college rapporteert jaarlijks aan de raad, gelijktijdig met de jaarstukken, over de stand van zaken van de uitvoering van aanbevelingen gericht aan het college die bij raadsbesluit zijn vastgesteld. De informatie over de voortgang van de uitvoering wordt op een overzichtelijke en uniforme wijze opgenomen in een paragraaf ‘Uitvoering aanbevelingen rekenkameronderzoeken”.
2De auditcommissie rapporteert jaarlijks, gelijktijdig met het verschijnen van de jaarstukken, aan de raad over de stand van zaken van de uitvoering van aan de raad gericht en door de raad aangenomen aanbevelingen.
Artikel 13 Intrekkingsbepaling
De "Verordening op de rekenkamer Arnhem 2016" wordt ingetrokken.
Artikel 14 Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2025.
Artikel 15 Citeertitel
Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening op de rekenkamer Arnhem 2025”.