Aanhef
HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN ARNHEM;
overwegende het advies van het Regionaal Portefeuillehoudersoverleg Onderwijszaken inhoudende haar akkoord op vaststelling van subsidieregeling non-formele educatie regio Midden-Gelderland 2025 d.d. 14 november 2024.
gelet op artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening Arnhem 2016;
BESLUIT:
Vast te stellen
De subsidieregeling non-formele educatie regio Midden-Gelderland 2025
Artikel 1 Begripsbepalingen
a.Contactgemeente: de door het ministerie aangewezen gemeente op grond van artikel 2.3.1 lid 2 van de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB), gemeente Arnhem.
b.Deelaspecten van de eindtermen van de WEB: zoals bedoeld in de Regeling eindtermen educatie 2013.
c.Non-formele educatie: niet diplomagerichte educatie van taal-, reken- en digitale vaardigheden, maar wel gericht op deelaspecten van de eindtermen WEB. Aanbieders van non-formele educatie hebben geen diploma-erkenning nodig.
d.Levensdomeinen: een achterstand in basisvaardigheden heeft negatieve impact op alle levensdomeinen, te weten: werk, geld, gezin en gezondheid. Door deelname aan scholing kunnen deelnemers hun vaardigheden of competenties verbeteren en krijgen een betere plek in de samenleving.
e.Innovatieve trajecten/ pilots: eenjarige trajecten zijn bedoeld om in te spelen op maatschappelijke ontwikkelingen en trends, met als doel negatieve ontwikkelingen om te buigen door extra aanbod.
f.Regio Midden-Gelderland: deelnemende gemeenten binnen deze regio zijn: Arnhem, Duiven, Lingewaard, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Westervoort en Zevenaar.
g.Subregio's: vier regio's binnen de regio Midden Gelderland, namelijk
•Arnhem (gemeente Arnhem);
•De Liemers (gemeenten Duiven, Westervoort, Zevenaar);
•Overbetuwe, Lingewaard (gemeenten Overbetuwe Lingewaard);
•Veluwezoom ( gemeenten Renkum, Rheden en Rozendaal).
h.Regionaal Portefeuillehoudersoverleg Onderwijszaken Midden-Gelderland (RPO): het overleg van wethouders van deelnemende gemeenten, genoemd in sub d van dit artikel, die Onderwijs in hun portefeuille hebben.
i.Taalhuizen: een taalhuis heeft ontmoetings- en oefenplekken en is daarnaast vaak ook aanbieder van informeel of non formeel aanbod. Inwoners met lage basisvaardigheden kunnen in het taalhuis/ taalnetwerk informatie en advies krijgen over cursussen basisvaardigheden en na een intake doorverwezen worden naar passend aanbod. Het taalhuis werkt daarbij samen met andere organisaties en taalaanbieders.
j.WEB: Wet educatie en beroepsonderwijs.
Artikel 2 Activiteiten
Het college van de contactgemeente kan subsidie toekennen aan het non-formele educatie aanbod in de regio Midden-Gelderland binnen de context van de doelstellingen die zijn geformuleerd in het Programma Volwasseneneducatie & aanpak versterking basisvaardigheden 2025 - 2028 van de regio Midden-Gelderland.
Artikel 3 Eisen en criteria
1Om in aanmerking te komen voor een subsidie moet er sprake zijn van aantoonbare samenwerking met het taalhuis / bibliotheek van de betreffende subregio en één andere aanbieder om doorstroom van cursisten te bevorderen.
2De activiteit dient gericht te zijn op inwoners van de regio Midden-Gelderland, die minimaal 18 jaar oud zijn en niet vallen onder de Wet Inburgering.
3De activiteit moet bijdragen aan een gevarieerd aanbod van activiteiten in de subregio dat aansluit op de vraag van de deelnemer.
4De activiteit levert een bijdrage gericht op de deelaspecten van de eindtermen van de WEB in relatie tot één of meerdere leefgebieden (werk, geld, gezin, gezondheid).
Artikel 4 Subsidieplafond
1Het subsidieplafond voor aanvragen van subsidies zoals bedoeld in artikel 5A van deze regeling wordt in het jaar voorafgaande aan de periode van 4 jaar waarop de aanvragen door het college van de contactgemeente voor 4 jaar per subregio vastgesteld. Dit gebeurt op advies vanuit het Regionaal Portefeuillehoudersoverleg Onderwijszaken Midden-Gelderland.
2Het subsidieplafond voor subsidies zoals bedoeld in artikel 5B van deze regeling bedraagt € 30.000 per jaar.
3De subsidieplafonds uit het eerste en tweede lid van dit artikel worden vastgesteld onder de voorwaarde dat voldoende gelden door de gemeenteraad van de contactgemeente ter beschikking worden gesteld.
Artikel 5 De aanvraag
1Subsidie kan voor een periode van vier jaar worden aangevraagd bij het college van de contactgemeente. In afwijking van artikel 8 van de Algemene Subsidieverordening Arnhem, moet de aanvraag uiterlijk op 15 december voorafgaand aan de vierjaarlijkse periode waarop de aanvraag betrekking heeft, worden ingediend, voor het eerst uiterlijk 15 december 2024, waarna de subsidie wordt verdeeld conform artikel 5A van deze regeling.
2Subsidie kan voor een jaar worden aangevraagd bij het college van de contactgemeente. In afwijking van artikel 8 van de Algemene Subsidieverordening Arnhem moet de aanvraag tussen 1 februari en 1 april worden ingediend, waarna de subsidie wordt verdeeld conform artikel 5B van deze regeling.
3De subsidieaanvrager maakt bij indiening van de aanvraag gebruik van een door de contactgemeente verstrekt formulier.
4In de aanvraag dient het doel en de opbouw van de activiteit aangegeven te worden.
5In de aanvraag dient te worden aangegeven op welke wijze de voortgang en ontwikkeling van de deelnemers wordt bijgehouden.
6In de aanvraag dient een integrale kostprijs per cursist en een totale kostprijs voor de activiteit te worden opgenomen.
Artikel 5 A Vierjarige subsidies
1Subsidie die wordt verleend op basis van een aanvraag conform artikel 5, eerste lid van deze regeling, geldt de voorwaarde dat voldoende gelden door de gemeenteraad van de contactgemeente ter beschikking worden gesteld.
2Indien en voor zover het Ministerie van OCW tussentijds extra gelden beschikbaar stelt voor non-formele educatie, kan het Regionaal Portefeuilleoverleg besluiten de verleende subsidie te indexeren.
2Honorering van de aanvragen die in aanmerking komen voor subsidie en die niet worden geweigerd, geschiedt in volgorde van de door het college van de contactgemeente aangebrachte rangschikking per subregio, totdat het voor de betrokken subregio vastgestelde subsidieplafond is bereikt.
3Bij de rangschikking van de aanvragen kent het college van de contactgemeente punten toe aan de hand van de volgende aspecten en tot het daarbij vermelde maximum:
a.in hoeverre het aanbod is gericht op de prioritaire doelgroepen zoals genoemd in het Programma Volwasseneneducatie & aanpak versterking basisvaardigheden 2025 -2028 van de regio Midden-Gelderland (max. 40 punten):
•inwoners met Nederlands als moedertaal
•inwoners die een uitkering ontvangen op grond van de WW of Participatiewet;
•inwoners die in armoede leven en/of schulden hebben;
•inwoners die kinderen hebben in de leeftijd van 0 t/m 12 jaar
•jongvolwassenen zonder beroeps- of startkwalificatie en in kwetsbare posities (18-27 jaar).
b.de mate waarin het aanbod is verbonden met onderwerpen in het sociale domein zoals genoemd in het Programma Volwasseneneducatie & aanpak versterking basisvaardigheden 2025-2028 van de regio Midden-Gelderland (max 20 punten)
c.de mate waarin wordt aangetoond dat het aanbod aansluit op een vraag van de doelgroep (max 20 punten)
d.de mate waarin de activiteit bijdraagt aan een gevarieerd educatieaanbod in de subregio (max 20 punten)
e.de prijs/kwaliteitverhouding (max 20 punten)
4Uiterlijk 1 februari 2025 besluit het college van de contactgemeente. Binnen 2 weken na het besluit verzendt het college van de contactgemeente de beschikking.
Artikel 5 B Jaarsubsidies
1Jaarsubsidies kunnen worden aangevraagd van 1 februari tot 1 april van het lopende subsidiejaar.
2Jaarsubsidies zijn uitsluitend voor innovatieve trajecten en pilots bedoeld.
3Honorering van aanvragen die in aanmerking komen voor subsidie (en die op basis van de eisen en criteria in artikel 3 niet worden geweigerd), geschiedt in volgorde van indiening bij het college van de contactgemeente, totdat het met betrekking tot deze periode vastgestelde jaarlijkse subsidieplafond zoals bedoeld in artikel 4 lid 2 van deze regeling is bereikt.
4Als de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van indiening van de aanvraag de datum waarop de aanvraag is aangevuld.
5Uiterlijk 1 mei van het betreffende subsidiejaar besluit het college van de contactgemeente. Binnen 2 weken na het besluit verzendt het college van de contactgemeente de beschikking.
Artikel 6 Hoogte van subsidie
Aanvragen voor subsidie kunnen worden gehonoreerd tot een maximum van € 1.750,- per traject voor een cursist.
Artikel 7 Betaling
Op basis van de toegekende aanvraag kan door het college van de contactgemeente een voorschot van 100% per jaar worden verstrekt.
Artikel 8 Verplichtingen
1De aanvrager dient kosteloos medewerking te verlenen aan onderzoek naar de kwaliteit en de resultaten van educatie, zoals deelname de landelijke registratiemonitor en de regionale impactmeting.
2De aanvrager houdt de doorstroom van deelnemers naar eventuele vervolgtrajecten bij.
3Voor monitoring van trajecten wordt in regio Midden-Gelderland de registratietool Match ingezet. Alle aanbieders maken gebruik van de registratietool Match om deelnemers te volgen (registratie, voortgang en ontwikkeling).
4Als de subsidie niet volgens afspraak is ingezet (of bij onvoldoende deelnemers), kan een bedrag worden teruggevorderd.
Artikel 9 Weigeringsgronden
Subsidie kan, naast de in artikel 4:25 en 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 10 van de Algemene Subsidieverordening Arnhem genoemde gevallen, in ieder geval worden geweigerd indien gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de activiteiten blijkens de ingediende begroting een onvoldoende betrouwbare financiële basis hebben.
Artikel 10 Verantwoording
1De subsidieontvanger dient jaarlijks voor 1 maart voor zowel eenjarige als vierjarige subsidies een aanvraag tot vaststelling van de subsidie over het afgelopen subsidiejaar in bij het college van de contactgemeente.
2De subsidieontvanger maakt voor de vaststelling gebruik van een door de contactgemeente verstrekt formulier.
3In de verantwoording wordt in ieder geval inzichtelijk gemaakt hoe de activiteiten zijn gerealiseerd, welke resultaten daarbij zijn behaald en in hoeverre deelnemers zijn doorgestroomd naar vervolgtrajecten.
4Het college van de contactgemeente neemt uiterlijk op de eerstvolgende 15 april een besluit. Binnen 3 weken na het besluit verzendt het college van de contactgemeente de vaststellingsbeschikking.
Artikel 11 Afwijkingsmogelijkheid
Het college van de contactgemeente kan na afstemming met het Regionaal Portefeuillehoudersoverleg Onderwijszaken Midden Gelderland (RPO) ten gunste van een aanvrager afwijken van één of meerdere bepalingen van deze regeling.
Artikel 12 Evaluatie en monitoring
Deze regeling wordt in ieder geval iedere vier jaar geëvalueerd.
Artikel 13 Inwerkingtreding en intrekking
1Deze regeling treedt de dag na bekendmaking in werking.
2De Subsidieregeling non-formele Educatie regio Midden-Gelderland 2022 wordt met datum van inwerkingtreding van deze regeling ingetrokken.
Artikel 14 Citeerregel
Deze regeling wordt aangehaald als: "Subsidieregeling non-formele Educatie regio Midden-Gelderland 2025"