Aanhef
DE BURGEMEESTER VAN DE GEMEENTE ARNHEM;
Overwegende dat:
•de regio Gelderland-Midden met een veelheid van woninginbraken en overvallen kampt;
•artikel 2.4.7 van de Algemene Plaatselijke Verordening voor Arnhem (APV) het bij zich hebben en dragen van inbrekerswerktuig en vermommingen verbiedt;
•toezichthouders bevoegd zijn controles op basis van de APV uit te voeren;
•de burgemeester de bevoegdheid heeft op grond van het derde lid van artikel 6.2 APV toezichthouders aan te wijzen;
•er behoefte bestaat het brede spectrum aan instrumentarium te gebruiken ter preventie en opsporing van woninginbraken en overvallen;
•het wenselijke is de opsporingsambtenaren zoals bedoeld in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering van de Nationale Politie, werkzaam in de eenheid Oost-Nederland, district Gelderland-Midden aan te wijzen als toezichthouder in het kader van het uitvoeren van toezicht op artikel 2.4.7 van de APV;
Gelet op het bepaalde in artikel 5:11 van de Algemene wet bestuursrecht en de artikelen 2.4.7 en 6.2 van Algemene Plaatselijke Verordening voor Arnhem;
B E S L U I T:
Tekst
I. de opsporingsambtenaren van de Nationale Politie werkzaam in de eenheid Oost-Nederland, district Gelderland-Midden zoals bedoeld in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering, aan te wijzen als ambtenaren als bedoeld in 6.2 van de Algemene Plaatselijke Verordening voor Arnhem;
II. dat dit besluit in werking treedt de dag na publicatie;
III. dit besluit wordt aangehaald als: ‘Aanwijzingsbesluit toezichthouders artikel 2.4.7 Algemene Plaatselijke Verordening van Arnhem’.