Gemeentelijke regelgeving

Verordening winkeltijden gemeente Appingedam

Gemeente Appingedam · geldt sinds 10 november 2013

Aanhef

De raad der gemeente Appingedam;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders

d.d. 10 september 2013;

gelezen het wijzigingsvoorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 1 november 2013;

BESLUIT:

gelet op de Winkeltijdenwet;

vast te stellen de Verordening winkeltijden gemeente Appingedam.

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

a.de wet: de Winkeltijdenwet

b.feestdagen: Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag, eerste en tweede Kerstdag;

c.werkdagen: maandag tot en met zaterdag;

d.winkel: dat wat daaronder wordt verstaan in de Winkeltijdenwet;

e.college: het college van burgemeester en wethouders.

Artikel 2. Algemene vrijstelling bepaalde winkels

De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van:

a.musea

b.winkels, waar uitsluitend maaltijden, voor directe consumptie geschikte eetwaren, alcoholvrije dranken en, door middel van een automaat, tabak, tabaksproducten, middelen ter voorkoming van zwangerschap en damesverband plegen te worden verkocht;

c.winkels, waar de bedrijfsactiviteit hoofdzakelijk bestaat uit het verhuren van voorbespeelde videobanden en andere voorbespeelde beelddragers, mits in die winkel geen andere goederen worden te koop aangeboden of verkocht dan videobanden en andere beelddragers, alsmede tijdschriften en catalogi, die betrekking hebben op het te huur aangeboden assortiment.

Artikel 3. Openstelling anders dan voor verkoop

1De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van:

a.winkels, waarin zich een restaurant of lunchroom bevindt, voor zover het laten betreden van de winkel noodzakelijk is voor het bezoeken van het restaurant of de lunchroom;

b.winkels waar uitsluitend of hoofdzakelijk fietsen en bromfietsen plegen te worden verkocht, voor zover het laten betreden van de winkel noodzakelijk is voor het huren van fietsen en bromfietsen.

2De in het eerste lid vervatte vrijstellingen gelden niet ten aanzien van het verkopen van goederen.

Artikel 4. Vrijstelling voor bepaalde branches

Van het in artikel 2, eerste lid onder a. van de Winkeltijdenwet vervatte verbod zijn vrijgesteld de winkels die behoren tot de branche supermarkten waarbij als maximale openingstijd geldt 12.00 – 19.00 uur.

Artikel 5. Vrijstelling voor bepaalde zon- en feestdagen

Voor de in artikel 2, eerste lid, aanhef en onder a en b, van de Winkeltijdenwet vervatte verboden geldt een vrijstelling op de door burgemeester en wethouders aangewezen zon- of feestdagen.

Per kalenderjaar kunnen ten hoogste twaalf dagen worden aangewezen.

Artikel 6. Individuele ontheffingen

1Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen op aanvraag ontheffing verlenen van de in artikel 2, eerste lid, van de Winkeltijdenwet vervatte verboden voor zover deze betrekking hebben op zon- en feestdagen of werkdagen.

2Aan de ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden.

3De ontheffing kan worden geweigerd als de woon- en leefsituatie of de openbare orde in de omgeving van de winkel op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de openstelling van de winkel op basis van de ontheffing.

Artikel 7. Beslistermijn

1Burgemeester en wethouders beschikken op een aanvraag om ontheffing binnen acht weken na de dag waarop de aanvraag is ontvangen.

2Zij kunnen hun beschikking voor ten hoogste acht weken verdagen.

Artikel 8. Intrekken of wijzigen ontheffing

Burgemeester en wethouders kunnen een ontheffing intrekken of wijzigen als:

a.ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;

b.verandering van omstandigheden of inzichten dit naar hun oordeel noodzakelijk maken in het belang van de belangen ter bescherming waarvan de ontheffing is vereist;

c.de exploitatie van de winkel op basis van de ontheffing gevaar oplevert voor de openbare orde, de veiligheid of het woon- en leefklimaat ter plaatse;

d.aan de ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen;

e.van de ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarbij gestelde termijn; of

f.de houder dit verzoekt.

Artikel 9. Toezicht

Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de door burgemeester en wethouders aangewezen toezichthouders.

Artikel 10. Intrekking oude verordening en overgangsrecht

1De Verordening Winkeltijdenwet Appingedam van 21 oktober 1999 wordt ingetrokken.

2Aanvragen om ontheffing die zijn ingediend onder de Verordening Winkeltijdenwet Appingedam van 21 oktober 1999 maar waarop nog niet is beschikt bij het in werking treden van deze verordening, worden afgehandeld overeenkomstig deze verordening.

Artikel 11. Inwerkingtreding en citeertitel

1Deze verordening treedt in werking op 10 november 2013.

2Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening winkeltijden Appingedam.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.