Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam,
Gelet op artikel 160 eerste lid, onder a, van de Gemeentewet en artikel 4:81 eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht;
Gezien de inspraakreacties, de adviezen van de dagelijks besturen van de bestuurscommissies van de stadsdelen en de Nota van Beantwoording van 12 januari 2022;
Gehoord de commissie Mobiliteit, Luchtkwaliteit en Water van 10 februari 2022;
Gehoord de Gemeenteraad in de vergadering van 16 februari 2022;
Besluit de volgende regeling vast te stellen:
Protocol tijdelijke verplaatsing woonboten Amsterdam
5. Afspraken over de werkwijze
5.3 Vaststelling actuele situatie originele ligplaats en staat woonboot
5.3.1 Samenhang verplaatsing en handhaving
De gemeente heeft een beginselplicht tot handhaving en kan daarvan niet worden gevrijwaard. Handhaving is een afzonderlijk juridisch traject. Op verzoek van de woonbooteigenaar kan het bevoegde bestuursorgaan onderzoeken of niet vergunde objecten voor legalisatie in aanmerking komen. Niet vergunde objecten die ook niet gelegaliseerd kunnen worden, worden in beginsel niet verplaatst.
5.3.2 Technisch onderzoek naar verplaatsbaarheid
Ter voorbereiding op het vinden van een geschikte wissellocatie en de verplaatsing laat de gemeente onderzoeken doen. Onderdeel hiervan kan zijn een technisch onderzoek naar de verplaatsbaarheid van de woonboot.
Indien de uitkomst van het genoemde onderzoek is, dat de woonboot niet of niet zonder schade te verplaatsen is, bijvoorbeeld door een onvoldoende technische staat van de woonboot of de situatie dat de woonboot in de modder van de bodem ligt, treden partijen met elkaar in overleg. Partijen maken afspraken over wat er door wie moet gebeuren (inclusief het maken van afspraken over kosten), zodat verplaatsing alsnog kan gaan plaatsvinden.
5.5 Voorzieningen tijdelijke en heringerichte ligplaats
5.5.1 Verantwoordelijkheid gemeente
De gemeente is zowel op de tijdelijke locatie als op de heringerichte locatie (na terugkeer) verantwoordelijk voor:
-de benodigde voorzieningen om af te meren en toegang tot de boot te verkrijgen;
-de benodigde (nuts)voorzieningenkast, met daarin in ieder geval de aansluitpunten van drinkwater en elektriciteit
4In onderling overleg wordt bepaald of gas, telefoon, kabel en internet aansluitingen gewenst zijn of alternatieven mogelijk zijn zoals bijvoorbeeld een 4G router;
;
-een aansluitpunt riolering
5In voorkomende gevallen kan ook een alternatief worden besproken zoals een septic tank.
;
-het bestaande adres met huisnummerbesluit in stand te houden.
Het aanleggen van bovenstaande voorzieningen vindt plaats door of in opdracht van de gemeente. Deze nieuw aangebrachte voorzieningen zijn in beginsel in eigendom en beheer van de gemeente, tenzij anders wordt overeengekomen. De woonbooteigenaar mag deze gebruiken. Hierover worden nadere afspraken gemaakt.
5.5.2 Verantwoordelijkheid woonbooteigenaar
De woonbooteigenaar is zowel op de tijdelijke locatie als op de heringerichte locatie verantwoordelijk voor:
-de contracten (abonnementen) bij betreffende leveranciers en (nuts)bedrijven. Op de datum van de verplaatsing moeten deze zijn omgezet naar het nieuwe adres en in werking gesteld zodat alle voorzieningen kunnen worden aangesloten;
-het op de dag van de verplaatsing (laten) (ont)koppelen van de woonboot op de aansluitpunten in de kast en/of op de kade;
-het in bedrijf (laten) stellen van vuilwaterpomp en CV-ketel;
-indien van toepassing, het doorgeven van adreswijzigingen
6Indien deze wijziging leidt tot bureaucratie of onredelijke gevolgen werkt de gemeente mee aan een oplossing. Een voorbeeld is de loting bij het toewijzen van scholen.
;
-indien van toepassing, het omzetten van een parkeervergunning
7De gemeente faciliteert de woonbooteigenaar bij dit proces en zorgt ervoor dat de woonbooteigenaar direct bij inschrijving op het tijdelijke adres in aanmerking komt voor een tijdelijke vergunning op dit adres. En bij terugkeer met het meenemen van hun oude inschrijfduur weer direct een vergunning terug op het oorspronkelijke adres kunnen krijgen.
.
-het maken van afspraken met eventuele huurders/medebewoners van de woonboot.
5.6 Vergunningen tijdelijke en heringerichte ligplaats
5.6.1 Publiekrechtelijke rechten en verplichtingen van de gemeente
De gemeente draagt zorg voor de benodigde vergunningen voor de tijdelijke en eventueel heringerichte ligplaats inclusief voorzieningen zoals benoemd onder 5.5.1. De gemeente betaalt ook de legeskosten voor deze aanvragen. Als de genoemde activiteiten in strijd zijn met de regels (zoals het bestemmingsplan), vraagt de gemeente hiervoor een (tijdelijke) ontheffing aan. Als de gemeente ook de persoonsgebonden vergunningen, zoals de ligplaatsvergunning, aanvraagt is een machtiging van de woonbooteigenaar noodzakelijk. Het bevoegde bestuursorgaan zal besluiten of de vergunningen worden verleend.
Het streven van de gemeente is om te wachten met de verplaatsing tot de vergunning(en) onherroepelijk is/zijn. De gemeente kan echter gelet op de voortgang van de werkzaamheden, niet in alle gevallen wachten tot de vergunningen onherroepelijk is/zijn. Belanghebbenden kunnen in spoedeisende gevallen een verzoek om een voorlopige voorziening indienen bij de Rechtbank.
Wanneer het bevoegde bestuursorgaaneen ligplaatsvergunning voor de tijdelijke ligplaats verleent, wordt voor de periode dat de woonboot de tijdelijke ligplaats inneemt, gelijktijdig de huidige ligplaatsvergunning geschorst voor de duur van deze tijdelijke verplaatsing. Na terugkeer op de heringerichte ligplaats treedt de ligplaatsvergunning op de oorspronkelijke ligplaats weer in werking, tenzij aanpassingen aan de ligplaats of de woonboot dermate groot zijn dat aanpassing van de vergunning of een nieuwe vergunning noodzakelijk is.
De vergunning(en) voor het met de woonboot innemen van de tijdelijke ligplaats kunnen onverhoopt door de rechter worden geschorst of vernietigd. De vergunning voor de oorspronkelijke locatie blijft in stand en biedt de eigenaar in elk geval zekerheid. Partijen treden dan met elkaar in overleg om te komen tot een oplossing zodat alsnog de werkzaamheden kunnen plaatsvinden.
5.6.2 Publiekrechtelijke rechten en verplichtingen van de eigenaar
De woonbooteigenaar blijft in alle gevallen zelf verantwoordelijk voor het aanvragen van de benodigde vergunningen / toestemmingen voor het uitvoeren van (onderhouds)werkzaamheden, verbouwingswerkzaamheden, vervanging aan/van de woonboot en eventuele bijbehorende objecten (waaronder die voor vlotten en vlonders) en voor het aanvragen van het benodigde vignet voor een eventueel pleziervaartuig.
De boot moet zowel fysiek, nautisch, als juridisch planologisch op de tijdelijke locatie en de heringerichte locatie passend zijn en blijven, waarbij de woonboot ook tussen beide locaties verplaatsbaar is en blijft.
Bij verkoop en/of vervanging van de bestaande woonboot gedurende de periode tot het in gebruik nemen van de heringerichte ligplaats draagt de (eventuele nieuwe) eigenaar de zorg voor het tijdig aanvragen van de benodigde publiekrechtelijke toestemmingen. De eigenaar stelt de contactpersoon tijdig op de hoogte van mogelijke veranderingen, om te borgen dat gemaakte afspraken worden nagekomen en aanvragen en elkaar niet doorkruisen.
Een aanvraag van een vervanging van de bestaande woonboot zal worden getoetst aan het geldende toetsingskader op de (indien van toepassing) tijdelijke en op de heringerichte ligplaats.
5.8 Verplaatsing en verzekering
5.8.1 Verplaatsing door de gemeente
Ook wanneer de gemeente zorgdraagt voor de verplaatsing van de woonboot, is het de verantwoordelijkheid van de eigenaar dat de technische staat van de woonboot zodanig is, dat de woonboot kan drijven en deze verplaatst kan worden (zie ook het in paragraaf 5.3.2 genoemde technisch onderzoek naar verplaatsbaarheid van de woonboot).
Met het oog op het voorkomen dan wel goed afhandelen van onverhoopte schade tijdens het transport moet een aantal formele zaken m.b.t. de verzekering goed zijn geregeld. Voorwaarde voor een verplaatsing door de gemeente is dat de eigenaar de persoon of personen die onderstaande onderzoeken/adviezen voor de gemeente uitvoert / uitvoeren toegang op, in en onder de woonboot verleent. Bovendien moet de eigenaar, waar nodig, meewerken aan het opvolgen van de uitgebrachte adviezen.
Transportverzekering
Partijen maken afspraken over de transportverzekering. Indien de bestaande woonbootverzekering van de eigenaar het transport niet dekt, kan de gemeente hiervoor een transportverzekering afsluiten. Als de verzekering van de eigenaar het transport wel dekt binnen de reguliere polis, kunnen partijen bijvoorbeeld afspraken maken over het vergoeden van het eigen risico in de verzekering bij eventuele schade en het voldoen aan de eventuele verzekeringsvoorwaarden. In alle gevallen meldt de eigenaar de verplaatsing bij diens verzekering.
Conditie- en waardebepaling van de woonboot
Voorafgaande aan elke verplaatsing die door de gemeente wordt uitgevoerd, zal de gemeente een conditie- en waardebepaling van de woonboot (laten) houden. Dit gebeurt door een bij het Verenigd Register van Taxateurs ingeschreven taxateur (branche Scheepvaart & Techniek) (de surveyor).
Het doel van de conditiebepaling is om de toestand van het schip vast te leggen. De waardebepaling betreft een te verzekeren waarde. Beide dienen twee doelen. Ten eerste is het nodig indien een (nieuwe) transportverzekering moet worden afgesloten. Ten tweede kan het een hulpmiddel zijn bij de beoordeling van gestelde schade aan en/of beschadiging van de woonboot (inclusief al hetgeen zich op, in en/of aan de woonboot bevindt) ten gevolge van de verplaatsing.
Sleepcertificaat en -advies
Tegelijk met de inspectie voor de conditie- en waardebepaling van het schip kan een inspectie t.b.v een sleepcertificaat en/of sleepadvies worden uitgevoerd. Als de gemeente een (nieuwe) transportverzekering afsluit, stelt de verzekering de voorwaarde dat deze aanbevelingen van de surveyor worden opgevolgd. Wanneer gebruik wordt gemaakt van de bestaande verzekering van de eigenaar, geldt deze verzekeringsvoorwaarde niet altijd. Dat hangt af van de verzekeringsvoorwaarden. Dat neemt natuurlijk niet weg dat de gemeente, met het oog op een zorgvuldige verplaatsing, genoemde inspectie kan laten uitvoeren en dat aanbevelingen van de surveyor in acht zullen worden genomen.
Inspectie op de dag van transport
Als een (nieuwe) transportverzekering wordt afgesloten geldt als voorwaarde dat de surveyor ook op de dag van het transport aanwezig is voor de laatste aanbevelingen en toezicht en tot slot afgifte van een zogenoemd ‘towage certificaat’.
Schade
Ondanks alle voorbereidingen en zorgvuldigheid kan het gebeuren dat onverhoopt schade ontstaat. Bij gestelde schade zal de verzekerde partij dit melden bij de verzekeraar. In overleg met de eigenaar en/of verzekeraar zal de gemeente zo nodig zorgen voor een goede afhandeling hiervan.
5.8.2 Verplaatsing door de eigenaar
Indien de woonbooteigenaar zelf zorg draagt voor de verplaatsing van de woonboot naar de tijdelijke ligplaats en/of de heringerichte ligplaats, is de gemeente niet verantwoordelijk en niet aansprakelijk voor de verplaatsing van de woonboot, voor de schade aan de woonboot door/bij deze verplaatsing (dit is inclusief al hetgeen zich op, in en/of aan de woonboot bevindt) en voor alle andere gevolgen. De woonbooteigenaar is dan zelf verantwoordelijk voor het afsluiten van een transportverzekering (en het voldoen aan de daarin gestelde voorwaarden) ten behoeve van de verplaatsing van de woonboot.
5.10 Financiële afspraken
5.10.1 Aanvullende afspraken kosten
De eigenaar draagt op de tijdelijke ligplaats de kosten zoals die ook op de oorspronkelijke ligplaats golden. Denk hierbij aan gebruik van elektra, water, gas, precario etc.
De woonbooteigenaar is voor het gebruik van de tijdelijke ligplaats (inclusief de inrichting zoals steigers, vlonders, meerpalen en andere vaste afmeervoorzieningen, de nutskasten, etc.) aan de gemeente geen andere vergoeding verschuldigd dan de gebruikelijke precario.
In het geval van het ontstaan van een dubbele belastingplicht of andere dubbele heffingen als gevolg van de tijdelijke verplaatsing vergoedt de gemeente het meerdere aan de eigenaar.
Indien de woonbooteigenaar andere kosten maakt dan in dit protocol genoemd, treedt de eigenaar hierover voorafgaand aan de verplaatsing in overleg met de gemeente. Ten aanzien van elk van deze kosten wordt gezamenlijk vastgesteld wie de verantwoordelijkheid draagt. Als de kosten ontstaan uit de wens van een bewoner om de verplaatsing aan te grijpen om te verbouwen of omdat een aspect aan de woonboot niet conform regelgeving was, dan zijn de kosten voor de woonbooteigenaar.
Indien de eigenaar van mening is, dat hij schade lijdt of nadeel ondervindt vanwege de verandering van de waarde in het economisch verkeer van enkel de woonboot ten gevolge van de verplaatsingen en/of de waarde in het economisch verkeer van de heringerichte ligplaats (zonder woonboot) ten opzichte van de huidige ligplaats (zonder woonboot), dan dient de eigenaar zelf de benodigde stappen te nemen voor de vergoeding van die schade / dat nadeel, middels de daarvoor bestaande procedures
8Bij schade veroorzaakt door de gemeente kunnen twee soorten vergoedingen worden verkregen, namelijk nadeelcompensatie en/of een schadevergoeding. Meer informatie hierover is te vinden op www.amsterdam.nl/veelgevraagd
.