Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen
In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a.algemene warenmarkt: markt waarop in beginsel alle waren worden verhandeld;
b.anciënniteitsnummer: het nummer dat aan de marktondernemer wordt toegewezen bij inschrijving op de marktlijst;
c.branchepatroon: de indeling in groepen van waren en het aantal vastgestelde marktplaatsen per warengroep per markt;
d.bijzondere marktplaats: marktplaats aangewezen als bakplaats, plaats voor eigen verkoopinrichting, grondplaats of boxplaats;
e.college: het college van burgemeester en wethouders;
f.dagmarkt: markt die ten minste vier dagen per week wordt gehouden;
g.digitale systeem: het door het college beschikbaar gestelde digitale systeem waarmee de dagelijkse indeling kan plaatsvinden
h.kind: elk kind ten aanzien waarvan de ingeschrevene in het register een wettelijke onderhoudsplicht heeft of heeft gehad;
i.levenspartner: de echtgenoot of de geregistreerde partner van de vergunninghouder of de partner waarmee een samenlevingscontract is gesloten dan wel de persoon met wie de vergunninghouder tenminste twee jaar op het zelfde adres staat ingeschreven met het oogmerk daar een duurzame gemeenschappelijke huishouding te voeren;
j.losse plaats: marktplaats die per marktdag beschikbaar wordt gesteld;
k.loteling: de ingeschrevene in het register die niet geplaatst is op de marktlijst van een markt;
l.markt: een door het college aangewezen gedeelte van de openbare weg bestemd voor het uitoefenen van de markthandel door ten minste zeven vergunninghouders;
m.markthandel: het verhandelen van waren op een marktplaats;
n.marktlijst: lijst die per markt wordt bijgehouden ten behoeve van de toewijzing van marktplaatsen;
o.marktondernemer: natuurlijk persoon die voor eigen rekening en risico de markthandel uitoefent;
p.markt op afstand: een markt die wordt georganiseerd en beheerd door een natuurlijk persoon of een andere rechtspersoon dan de gemeente;
q.marktplaats: plaats op de markt, bestemd voor het uitoefenen van de markthandel;
r.register: het in artikel 2.1 bedoelde register voor de ambulante handel;
s.periodieke markt: markt die gedurende maximaal 26 weken per kalenderjaar wordt gehouden;
t.reclame: het in het openbaar aanprijzen van of de aandacht vestigen op diensten, goederen, activiteiten of namen, met het doel een commercieel belang te dienen;
u.sollicitant: de ingeschrevene in het register die geplaatst is op de marktlijst, niet zijnde de houder van een vergunning voor een vaste marktplaats of een tijdelijke vaste marktplaats, op die markt;
v.standwerker: marktondernemer die publiek om zich heen verzamelt, een aansprekende demonstratie of uiteenzetting houdt over de door hem te verhandelen waren en ten slotte tracht een aantal personen gelijktijdig tot aankoop daarvan te bewegen;
w.standwerkersplaats: losse marktplaats, bestemd voor standwerkers;
x.tijdelijke vaste marktplaats: vaste marktplaats, al dan niet op een aangewezen locatie, die tot de eerstvolgende herindeling van de markt aan de vergunninghouder beschikbaar wordt gesteld;
y.themamarkt: markt waarop in hoofdzaak slechts een of enkele specifieke soorten waren worden verhandeld;
z.vaste marktplaats: marktplaats die in beginsel voor onbepaalde tijd aan de vergunninghouder beschikbaar wordt gesteld;
aa.verhandelen: het in voorraad houden, uitstallen, te koop aanbieden of verkopen van waren;
bb.verpachten: het afstaan van de marktplaats aan een ander door een vergunninghouder waardoor de vergunninghouder niet meer voor eigen rekening en risico handelt op zijn marktplaats;
cc.weekmarkt: markt die ten hoogste drie dagen per week wordt gehouden.
Artikel 1.2 Voorschriften en beperkingen
1Aan een op grond van deze verordening gegeven beschikking kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden die strekken tot bescherming van de belangen in verband waarmee het beschikkingsvereiste is gesteld.
2Het is verboden te handelen in strijd met de aan een beschikking verbonden voorschriften en beperkingen.
Hoofdstuk 2 Register en vervangerskaart
Artikel 2.1 Inschrijving in het register
1Het is verboden, de markthandel uit te oefenen zonder te zijn ingeschreven in het daarvoor door het college bijgehouden register.
2Het college kan van het verbod ontheffing verlenen.
Artikel 2.2 Eisen inschrijving
1Voor de inschrijving in het register is vereist dat:
a.de aanvrager een handelingsbekwaam natuurlijk persoon is;
b.de aanvrager beschikt over een vaste woon- of verblijfplaats;
c.de aanvrager niet in enig opzicht van slecht levensgedrag is;
d.deze de afgelopen vier jaar niet is doorgehaald op grond van artikel 2.4, tweede lid onder a.
2Bij de inschrijving worden de volgende documenten overgelegd:
a.een geldig identiteitsbewijs;
b.een bewijs van inschrijving in het handelsregister;
c.een goedgelijkende pasfoto.
3De ingeschrevene stelt het college onmiddellijk in kennis van wijzigingen van de geregistreerde gegevens onder het eerste lid.
Artikel 2.3 Weigering, geldigheidsduur en bewijs van inschrijving
1Het college weigert de inschrijving indien:
a.niet wordt voldaan aan de eisen van inschrijving in het register;
b.een eerdere inschrijving is doorgehaald op grond van artikel 2.4, tweede lid onder b.
2De inschrijving geschiedt voor de duur van één jaar en kan telkens voor één jaar worden verlengd.
3Van de inschrijving wordt een bewijs verstrekt.
Artikel 2.4 Doorhalen inschrijving register
1Het college haalt de inschrijving in het register door:
a.op verzoek van de ingeschrevene of na diens overlijden;
b.indien niet langer wordt voldaan aan de eisen van inschrijving in het register;
c.indien de inschrijving gebaseerd was op zodanig onjuiste of onvolledige gegevens dat de inschrijving zou zijn geweigerd als de juiste gegevens bekend waren geweest;
d.indien dat naar zijn oordeel noodzakelijk is voor het functioneren van de ambulante handel, of
e.indien aan de ingeschrevene een vervangerskaart wordt verstrekt.
2Het college kan de inschrijving in het register doorhalen als
a.de marktvergunning van de ingeschrevene voor onbepaalde tijd is ingetrokken op grond van overtreding van artikel 6.2 tweede lid onder g en h;
b.de plaats op de marktlijst wordt overgeschreven op grond van artikel 3.5 , eerste of tweede lid, of
c.een vergunning wordt overgeschreven op grond van artikel 3.15, tweede of derde lid.
Artikel 2.5 Vervangerskaart
1Het college kan aan maximaal vier door de ingeschrevene voorgedragen vervangers een vervangerskaart verstrekken waarmee, in diens plaats, een marktplaats kan worden ingenomen.
2De vervanger wordt als zodanig in het register op grond van artikel 2.1. eerste lid, bijgeschreven en kan niet tevens als marktondernemer in het register zijn ingeschreven.
3Het college weigert de bijschrijving indien:
a.de voorgedragene niet voldoet aan de in artikel 2.2. gestelde eisen, uitgezonderd artikel 2.2 tweede lid onder b;
b.de ingeschrevene in de hoedanigheid van standwerker in het register is ingeschreven.
4Het is verboden om voor meer dan één marktondernemer gelijktijdig als vervanger op te treden.
5De bijschrijving geschiedt voor de duur van één jaar en kan telkens voor één jaar worden verlengd.
6Van de bijschrijving wordt een bewijs verstrekt.
Hoofdstuk 3 Markten
§1 Algemeen
Artikel 3.1 Instellen en inrichten van markten
1Het college besluit tot het instellen, wijzigen of afschaffen van een markt.
2Het college wijst aan de grenzen van de markt, de waren die op de markt kunnen worden verhandeld, en de dagen en uren waarop de markt wordt gehouden.
3Het college bepaalt het aantal plaatsen op de markt, de soorten marktplaatsen, en de verdeling van de plaatsen over het marktterrein.
4Het college kan ruimte op de markt, niet zijnde een marktplaats, aanwijzen waar zitgelegenheid wordt geboden.
5Het college kan maximaal 15% van het vastgesteld aantal plaatsen op een markt aanwijzen als experimentele zone.
6De aangeboden waren op een experimentele zone moeten op de datum van het aanwijzingsbesluit aanvullend zijn op het bestaande aanbod op de betreffende markt.
7Op experimentele zones zijn de artikelen 3.2 tweede lid, 3.4 tot en met 3.13, 3.15 tot en met 3.17 en 3.19 niet van toepassing.
Artikel 3.2 Verbodsbepalingen waren verhandelen
1Het is verboden op een markt waren te verhandelen buiten de daarvoor aangewezen dagen en uren.
2Het is verboden op een markt andere waren te verhandelen dan die waarvoor de markt is aangewezen.
3Het is verboden op een markt waren te verhandelen die daartoe door het college zijn aangewezen.
Artikel 3.3 Marktcommissies
1Het college kan commissies instellen die belast zijn met:
a.het uitbrengen van advies over al hetgeen de gang van zaken op een markt of groep van markten aangaat;
b.het uitbrengen van advies over de op een themamarkt te verhandelen waren en de kwaliteit van die waren.
2Het college regelt de samenstelling en de werkwijze van de commissies.
§2 Marktlijsten
Artikel 3.4 Plaatsing op de marktlijst
1De ingeschrevene in het register die in aanmerking wil komen voor een marktplaats schrijft zich in op één of meer door het college per markt bijgehouden marktlijsten. De inschrijving op een marktlijst wordt vermeld op het bewijs van inschrijving in het register.
2Bij de plaatsing op de marktlijst wordt de datum, het tijdstip en het anciënniteitsnummer vermeld.
3Op de marktlijst worden, in volgorde van hun anciënniteit, achtereenvolgens de vaste marktplaatshouders, tijdelijke vaste marktplaatshouders en sollicitanten geplaatst.
4Inschrijving op een marktlijst is niet mogelijk indien de plaats op die marktlijst is doorgehaald wegens het niet voldoen van het marktgeld en dat marktgeld nog niet is voldaan.
5Standwerkers worden niet geplaatst op de marktlijst.
6Een marktondernemer kan op een marktlijst slechts éénmaal staan ingeschreven.
7Bij het instellen van een nieuwe markt wordt de plaats op de marktlijst bij de eerste marktindeling bepaald door loting of op een andere door het college vast te stellen wijze.
Artikel 3.5 Overschrijven plaats marktlijst
1Ingeval van overlijden, het bereiken van de 58-jarige leeftijd, of bij blijvende ongeschiktheid van de ingeschrevene om de markthandel uit te oefenen kan het college diens plaats op de marktlijst overschrijven op naam van de levenspartner van de ingeschrevene.
2Overschrijving op de levenspartner is eveneens mogelijk in het geval van ontbinding van het huwelijk door echtscheiding of door beëindiging van het geregistreerde partnerschap of van de samenleving op hetzelfde adres, mits deze verbintenissen ten minste twee jaar geduurd hebben.
3De aanvraag tot overschrijving wordt ingediend binnen acht weken na het overlijden of het beëindigen van de in het voorgaande lid genoemde verbintenissen, dan wel binnen acht weken nadat de blijvende ongeschiktheid tot het uitoefenen van de markthandel naar het oordeel van het college is vastgesteld.
4Behoudens het geval van overlijden wordt de aanvraag tot overschrijving door de ingeschrevene en de levenspartner gezamenlijk ingediend.
5De overschrijving wordt geweigerd indien:
a.de levenspartner niet voldoet aan de in artikel 2.2 genoemde eisen; of
b.de ingeschrevene zijn plaats op de marktlijst heeft verkregen door een overschrijving als bedoeld in het eerste of tweede lid.
Artikel 3.6 Doorhalen plaats marktlijst
Het college haalt de plaats op de marktlijst van een markt door:
a.op verzoek van de ingeschrevene;
b.na diens overlijden;
c.indien de inschrijving in het register wordt doorgehaald;
d.indien de ingeschrevene weigert een tijdelijke vaste marktplaats te aanvaarden binnen de in artikel 3.8, tweede lid of artikel 3.9, derde lid , genoemde termijn;
e.indien de ingeschrevene weigert een vaste marktplaats op die markt te aanvaarden;
f.indien de ingeschrevene zich als standwerker in het register laat inschrijven;
g.indien de ingeschrevene als houder van een vaste of tijdelijke vaste marktplaats gedurende een jaar, gerekend van 1 oktober tot en met 30 september, minder dan 25% van het aantal dagen dat er door of namens hem marktplaats is ingenomen, die plaats persoonlijk heeft ingenomen. Het voorgaande geldt niet indien ontheffing is verleend op grond van artikel 3.20, tweede lid onder a;
h.indien de ingeschrevene als sollicitant gedurende een jaar, gerekend van 1 oktober tot en met 30 september, minder dan 25% van het aantal dagen dat er door of namens hem marktplaats is ingenomen, die plaats persoonlijk heeft ingenomen;. Het voorgaande geldt niet indien ontheffing is verleend op grond van artikel 3.20, tweede lid onder a;
i.indien de ingeschrevene als sollicitant niet ten minste viermaal per jaar, gerekend van 1 oktober tot en met 30 september, een losse plaats op de markt heeft ingenomen, of
j.indien voor onbepaalde tijd een vergunning op die markt is ingetrokken of is geweigerd.
§3 Herindeling en dagelijkse marktindeling
Artikel 3.7 Toewijzen vaste marktplaatsen bij herindeling
1Het college besluit tot het houden van een herindeling van de markt.
2Het college beoordeelt ten minste eenmaal per drie jaar, of een herindeling van de markt noodzakelijk is. Indien is vastgesteld dat een herindeling noodzakelijk is, vindt de herindeling binnen één jaar nadien plaats.
3Bij een dergelijke herindeling komen, in de volgorde van de marktlijst, voor een vrijgekomen vaste marktplaats in aanmerking:
a.in de eerste plaats: de houders van een vergunning voor een andere vaste marktplaats;
b.in de tweede plaats: de houders van een vergunning voor een vaste plaats die door overschrijving op grond van artikel 3.15, derde lid onder b, is verkregen. Ingeval een dubbele of meervoudige marktplaats is overgeschreven op grond van artikel 3.15, derde lid onder b, kan de houder alleen in aanmerking komen voor een dubbele of meervoudige plaats als deze beschikbaar is;
c.in de derde plaats: de houders van een vergunning voor een tijdelijke vaste marktplaats. Ingeval een dubbele of meervoudige tijdelijke vaste marktplaats is toegewezen, kan de houder alleen in aanmerking komen voor een dubbele of meervoudige plaats als deze beschikbaar is;
d.in de vierde plaats: de sollicitanten.
4De in het derde lid genoemde personen kunnen tijdens de herindeling blijven meedingen naar een vrijkomende vaste marktplaats, in de volgorde van hun plaats op de marktlijst.
5Plaatsen die voor de verkoop van bepaalde waren zijn bestemd, worden, in de volgorde van hun plaats op de marktlijst, eerst toegewezen aan degenen die beschikken over een vergunning die voor de verkoop van deze waren is verstrekt.
6Bijzondere marktplaatsen worden, in de volgorde van de marktlijst, eerst toegewezen aan degenen die beschikken over een vergunning voor een dergelijke marktplaats.
7Het college kan in het geval van een economische binding tussen een marktplaats en de achtergelegen winkel afwijken van het bepaalde in het derde lid.
Artikel 3.8 Toewijzen tijdelijke vaste marktplaatsen
1Het college kan, in de volgorde van plaatsing, elk kwartaal tijdelijke vaste marktplaatsen aanbieden aan degenen die op de marktlijst zijn geplaatst.
2De betrokkene maakt binnen zes weken bekend of hij de tijdelijke vaste marktplaats in gebruik neemt.
Artikel 3.9 Toewijzen tijdelijke vaste marktplaatsen in afwijking van de marktlijst
1Het college kan, op aangewezen markten, in afwijking van artikel 3.8, een tijdelijke vaste marktplaats aanbieden in het geval van een economische binding tussen een marktplaats en de achtergelegen winkel.
2Het college kan, op aangewezen markten, in afwijking van artikel 3.8, een tijdelijke vaste marktplaats toewijzen aan een marktondernemer op die markt die in de 12 maanden voorafgaand aan de toewijzing:
a.op een dagmarkt minimaal 67 keer een marktplaats heeft ingenomen;
b.op een weekmarkt tenminste 27 keer een marktplaats heeft ingenomen.
3De betrokkene maakt binnen zes weken bekend of hij de tijdelijke vaste marktplaats in gebruik neemt.
Artikel 3.10 Toewijzen losse marktplaatsen bij dagelijkse indeling
1Voor een losse marktplaats komen, in de volgorde van hun plaats op de marktlijst in aanmerking:
a.in de eerste plaats: de houders van een vergunning voor een vaste marktplaats;
b.in de tweede plaats: de houders van een vergunning voor een tijdelijke vaste marktplaats;
c.in de derde plaats: de sollicitanten;
d.in de vierde plaats: de lotelingen na loting, nadat gelegenheid tot het vergroten van marktplaatsen is gegeven.
2In afwijking van het voorgaande lid, onder c en d, komen voor een losse marktplaats op een dag of weekmarkt in aanmerking op vrijdag en zaterdag:
a.In de derde plaats: de sollicitanten die op een andere dag in dezelfde week al een plaats op deze markt hebben ingenomen;
b.In de vierde plaats: de overige sollicitanten, nadat gelegenheid tot het vergroten van marktplaatsen is gegeven;
c.In de vijfde plaats: de lotingen na loting, nadat gelegenheid tot het vergroten van marktplaatsen is gegeven.
3Een vaste marktplaats of een tijdelijke vaste marktplaats kan worden uitgegeven als losse plaats als de vergunninghouder:
a.voor een door het college te bepalen tijdstip in het digitale systeem heeft aangegeven de plaats niet in te zullen nemen;
b.een andere plaats toegewezen heeft gekregen;
c.bij aanvang van de markt niet aanwezig is.
4Plaatsen die voor de verkoop van bepaalde waren zijn bestemd, worden in de volgorde van de marktlijst eerst toegewezen aan degenen die zich toeleggen op de verkoop van deze waren.
5Bijzondere marktplaatsen worden in de volgorde van de marktlijst eerst toegewezen aan degenen die de marktplaats op de aangewezen wijze gaan gebruiken.
Artikel 3.11 Verkleinen en vergroten marktplaatsen voor onbepaalde tijd
1Bij een herindeling worden, voordat wordt overgegaan tot het toewijzen van marktplaatsen, op de marktgedeelten waar het college dit toestaat, de houders van een twee- of meervoudige marktplaats in de gelegenheid gesteld om aan te geven deze te willen verkleinen.
2Bij een herindeling worden, voordat wordt overgegaan tot het toewijzen van marktplaatsen, op de marktgedeelten waar het college dit toestaat, de houders van een vaste marktplaats in de gelegenheid gesteld deze te vergroten tot een twee- of meervoudige marktplaats.
3Het vergroten van de marktplaats bij een herindeling geschiedt in de volgorde van de marktlijst en is alleen mogelijk als de betrokken marktplaatsen zich in dezelfde kramenrij bevinden en op elkaar aansluiten. Een tweevoudige marktplaats mag pas worden vergroot tot een meervoudige marktplaats als alle gegadigden in de gelegenheid zijn geweest een tweevoudige marktplaats te kiezen.
4Voor het afsluiten van de herindeling wordt aan alle gegadigden nogmaals de gelegenheid geboden de marktplaats te vergroten.
5Het college kan besluiten om op aangewezen marktgedeelten houders van een vergunning voor een vaste marktplaats buiten een herindeling om in de gelegenheid te stellen om hun marktplaats:
a.na een jaar na de herindeling te verkleinen of;
b.te vergroten indien een marktplaats vrij komt naast hun vaste marktplaats.
[Opmerking van de redactie: In het eerste lid van dit artikel heeft per abuis een verschrijving plaatsgevonden. Achter de zinsnede ‘op de marktgedeelten waar het college’ had ‘dit toestaat’ moeten worden opgenomen. De zin dient dan ook als zodanig te worden gelezen. Bij een eerstvolgende wijzigingsverordening van deze verordening zal deze verschrijving worden hersteld.]
Artikel 3.12 verkleinen en vergroten marktplaatsen bij dagelijkse marktindeling
1Bij de dagelijkse indeling kunnen toegewezen meer- of tweevoudige marktplaatsen worden verkleind tot twee- of enkelvoudige marktplaatsen
2Bij de dagelijkse indeling kunnen toe te wijzen enkelvoudige marktplaatsen worden vergroot tot twee- of meervoudige marktplaatsen, mits de betrokken marktplaatsen zich in dezelfde kramenrij bevinden en op elkaar aansluiten en met dien verstande dat een tweevoudige marktplaats pas mag worden vergroot tot een meervoudige marktplaats als alle gegadigden in de gelegenheid zijn geweest een tweevoudige marktplaats te kiezen.
3Het vergroten geschiedt in de volgorde, genoemd in artikel 3.10, eerste en tweede lid, met dien verstande dat bij voorrang de vaste marktplaatshouder in aanmerking komt waarbij de plaatsvergroting aansluit op diens eigen vaste marktplaats.
4Er wordt geen gelegenheid tot het vergroten van marktplaatsen gegeven als het aantal open marktplaatsen gelijk is aan of kleiner is dan het aantal sollicitanten voor een losse marktplaats op die dag.
Artikel 3.13 Verdelen in eenheden
1Het college kan een markt in eenheden verdelen.
2Artikelen 3.10 en 3.12 zijn op elke eenheid afzonderlijk van toepassing.
§ 4 Vergunningen en standwerkersplaatsen
Artikel 3.14 Vergunningeis
1Het is verboden, zonder vergunning van het college een marktplaats in te nemen.
2De vergunning wordt gesteld op naam van een natuurlijk persoon en is niet overdraagbaar.
3In de vergunning voor een vaste of tijdelijke vaste marktplaats wordt ten minste vermeld:
a.de persoonsgegevens van de houder;
b.een omschrijving van de marktplaats, de afmetingen en het nummer daarvan.
4De vergunning moet op de marktplaats aanwezig zijn.
Artikel 3.15 Overschrijven vergunning vaste en tijdelijke vaste marktplaats
1Bij een overschrijving als bedoeld in artikel 3.5 schrijft het college, voor zover deze vergunning is verleend, ook de vergunning voor een vaste of een tijdelijke vaste marktplaats over op naam van de levenspartner of gewezen levenspartner van de ingeschrevene. Op de aanvraag is artikel 3.5, derde en vierde lid, van overeenkomstige toepassing.
2Onverminderd het bepaalde in artikel 3.5 is overschrijving van een vergunning voor een vaste of tijdelijke vaste marktplaats van een vergunninghouder op diens levenspartner ook mogelijk indien zij daar gezamenlijk om verzoeken.
3In de gevallen, genoemd in artikel 3.5 , eerste lid, kan het college, als de levenspartner niet om overschrijving van de plaats op de marktlijst verzoekt, de vergunning voor de vaste of tijdelijke vaste marktplaats overschrijven op:
a.het kind van de ingeschrevene, of ingeval deze niet om overschrijving verzoekt;
b.in volgorde van aanwijzing, een vervanger als bedoeld in artikel 2.5 , die de laatste vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag ten minste 16 uur per week in dienstbetrekking of ten minste 16 uur per week als mede-eigenaar in het marktbedrijf van de ingeschrevene werkzaam is geweest. De vergunning is geldig tot de eerstvolgende herindeling.
Op de aanvraag is artikel 3.5 , derde en vierde lid, van overeenkomstige toepassing. Ingeval meerdere kinderen verzoeken om overschrijving van de vergunning vindt toewijzing plaats door middel van loting.
4Een vergunning op grond van de voorgaande leden, wordt niet overgeschreven als de vergunninghouder het verschuldigde marktgeld niet heeft voldaan.
Artikel 3.16 Vergunning standwerkersplaats
1Het is verboden zonder vergunning van het college als standwerker op een markt op te treden.
2Een vergunning voor een standwerkersplaats wordt per dag verleend aan marktondernemers die als standwerker in het register zijn ingeschreven.
3De vergunningafgifte wordt bepaald door het lot.
4De standwerker mag de toegewezen marktplaats niet samen met een ander innemen of zich door een ander laten vervangen.
5Een standwerker treedt bij voortduring als zodanig op de aangewezen plaats op.
§5 Plaatsbezetting en vervanging
Artikel 3.17 Plaats op meerdere markten
1Het is verboden op meer dan drie markten gelijktijdig een marktplaats in te nemen.
2Een vergunning voor een vaste marktplaats of een tijdelijke vaste marktplaats wordt verleend voor ten hoogste:
a.twee dagmarkten en zes weekmarkten,
b.vier dagmarkten, of
c.twaalf weekmarkten.
Artikel 3.18 Persoonlijk innemen marktplaats
1De vergunninghouder neemt de marktplaats persoonlijk in.
2Het voorgaande lid is niet van toepassing indien de marktplaats wordt ingenomen door de houder van een vervangerskaart, onverminderd artikel 3.6 onder g en artikel 3.6 onder h.
Artikel 3.19 Frequentie innemen marktplaats
1De houder van een vergunning voor een vaste marktplaats of een tijdelijke vaste marktplaats neemt zijn plaats in:
a.op een dagmarkt ten minste drie dagen per week en ten minste tien weken per kwartaal;
b.op een weekmarkt ten minste tien weken per kwartaal;
c.op een periodieke markt ten minste tweederde van het aantal dagen per kalenderjaar dat de markt wordt gehouden.
2Het college kan van het voorgaande lid ontheffing verlenen:
a.in geval van ziekte of bijzondere omstandigheden: voor een maximale duur van twee jaar;
b.in geval van vakantie: voor de duur van maximaal zes weken per kalenderjaar.
c.aan de houder van een vergunning voor een weekmarkt met een leeftijd van 58 jaar of ouder zonder vervanger, met dien verstande dat de aanwezigheidsplicht mimimaal zeven weken per kwartaal is.
3Het college kan de omvang van de in het eerste lid genoemde verplichting verminderen op door hem aangewezen markten.
Artikel 3.20 Vervangen
1Het is de vergunninghouder verboden zich op de marktplaats te laten vervangen door een persoon die niet over een vervangerskaart op grond van artikel 2.5 beschikt.
2Het college kan van het verbod ontheffing verlenen:
a.in geval van ziekte of bijzondere omstandigheden: voor een maximale duur van twee jaar;
b.in geval van vakantie: voor de duur van maximaal zes weken per kalenderjaar.
3De ontheffing wordt slechts verleend indien de vervanger voldoet aan de in artikel 2.2 genoemde eisen, uitgezonderd artikel 2.2 tweede lid onder b.
§6 De orde op de markten
Artikel 3.21 Verboden gedragingen
Het is de vergunninghouder verboden:
a.zijn marktplaats te verpachten;
b.zich zonder verlof van zijn marktplaats te verwijderen;
c.op de marktplaats andere waren te verhandelen dan die waarvoor de plaats is aangewezen;
d.waren te serveren op een ruimte als bedoeld in artikel 3.1, vierde lid of artikel 3.25, derde lid.
e.indien de dagelijkse indeling gebeurt door middel van het digitale systeem, de marktplaats niet in te nemen zonder zich in het digitale systeem voor een door het college te bepalen tijdstip te hebben afgemeld.
Artikel 3.22 Bijzondere omstandigheden
1Het college kan de handel in door hem aan te wijzen waren tijdelijk verbieden in het belang van de gezondheid, de orde of de veiligheid op de markt.
2Het college kan gelasten dat een markt of een gedeelte daarvan wegens bijzondere omstandigheden niet wordt gehouden.
3Marktondernemers ontruimen hun marktplaats, indien dat naar het oordeel van het college noodzakelijk is in verband met het uitvoeren van openbare werken, de orde of de veiligheid op de markt, of de bescherming van een ander algemeen belang.
4Het college kan de rechthebbende op een marktplaats gelasten een andere marktplaats in te nemen of van zijn vaste marktplaats gebruik te blijven maken, indien hij dit noodzakelijk acht in het belang van het functioneren van de markt.
5Het is verboden te handelen in strijd met een krachtens de voorgaande leden gegeven verbod of last.
6Degene tot wie de last zich richt, geeft hieraan onmiddellijk gevolg.
Artikel 3.23 Afval
1De marktondernemer houdt zijn marktplaats en directe omgeving gedurende de marktdag schoon.
2Het is een ieder verboden op het marktterrein afval te deponeren buiten de daarvoor bestemde voorzieningen.
Artikel 3.24 Plaatsen en verhuren marktkramen
1Het is verboden zonder vergunning van het college op een markt kramen te plaatsen of te verhuren.
2Een beschikking omtrent een vergunning wordt gegeven binnen een termijn van 16 weken, met ingang van de dag na de laatste dag van de periode waarin aanvragen kunnen worden ingediend. De bepalingen in paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht zijn niet van toepassing.
3De vergunning kan worden geweigerd of ingetrokken in het belang van de orde, het uiterlijk aanzien of de veiligheid op de markt dan wel als niet of in mindere mate wordt voldaan aan de selectiecriteria als bedoeld in artikel 5.2, tweede lid.
4De vergunning kan, in aanvulling op het derde lid, worden ingetrokken als niet wordt voldaan aan de voorschriften die zijn verbonden aan de vergunning.
5De vergunning wordt verleend voor maximaal tien jaar en kan niet worden verlengd.
6De vergunning wordt gesteld op naam van een natuurlijk persoon of rechtspersoon en is niet overdraagbaar.
7Het is verboden marktkramen te plaatsen of te verhuren of aanvoervoorzieningen te gebruiken die zijn vervaardigd van ondeugdelijk materiaal of in een slechte staat van onderhoud verkeren.
Artikel 3.25 Gebruik marktplaats
1Marktondernemers zijn voor het uitoefenen van de markthandel verplicht gebruik te maken van de kramen van de houder van de vergunning als bedoeld in artikel 3.24 eerste lid.
2De verplichting als bedoeld in het eerste lid geldt niet als een marktplaats is aangewezen als grondplaats, plaats voor eigen verkoopinrichting of boxplaats en de marktplaats als zodanig wordt gebruikt.
3Het is de marktondernemer toegestaan op de marktplaats zitgelegenheid te bieden door (sta)tafels en stoelen te plaatsen, mits deze ondersteunend is aan de handel op de marktplaats.
4Het is verboden op een marktplaats gebruik te maken van een kraam, eigen verkoopinrichting of zitgelegenheid die is vervaardigd van ondeugdelijk materiaal of in een slechte staat van onderhoud verkeert.
Artikel 3.26 Reclame
1Behalve in de uitoefening van de markthandel is het verboden tijdens de duur van de markt op het marktterrein folders, reclamemonsters of ander reclamemateriaal te verspreiden, dan wel op andere wijze reclame te maken.
2Het college kan van het voorgaande lid ontheffing verlenen.
3De ontheffing kan worden geweigerd in het belang van de orde of veiligheid, het voorkomen of beperken van overlast, of het tegengaan van verontreiniging op de markt.
Artikel 3.27 Venten met stukken en propaganda
Het is verboden tijdens de duur van de markt op het marktterrein met gedrukte of geschreven stukken of afbeeldingen te venten of deze te verspreiden, dan wel godsdienstige, politieke of andere propaganda te voeren, op andere dan daarvoor door het college aangewezen marktgedeelten.
Artikel 3.28 Venten met andere waren
1Het is verboden op het marktterrein te venten.
2Het verbod is niet van toepassing op de verkoop van alcoholvrije dranken en voor directe consumptie geschikte etenswaren ten behoeve van op de markt werkzame personen.
Artikel 3.29 Geluidshinder
1Het is de marktondernemer verboden gebruik te maken van geluidsversterkende apparatuur of andere middelen die geluidshinder veroorzaken.
2Het college kan van het verbod ontheffing verlenen.
Hoofdstuk 4 Markt op afstand
Artikel 4.1 Instellen markt op afstand
1Het college kan besluiten tot het instellen, wijzigen of afschaffen van een markt op afstand.
2Het college wijst aan de periode waarvoor de markt op afstand wordt ingesteld, de grenzen van de markt op afstand, de waren die op de markt op afstand kunnen worden verhandeld en de dagen en uren waarop de markt op afstand wordt gehouden.
3Het college kan het aantal plaatsen op de markt op afstand, de soorten marktplaatsen, en de verdeling van de plaatsen over het marktterrein bepalen.
Artikel 4.2 Uitsluiten bepalingen hoofdstuk 2 en 3
De bepalingen in hoofdstuk 2 en 3 van deze verordening zijn niet van toepassing op een markt op afstand.
Artikel 4.3 Vergunning
1Het is verboden zonder vergunning van het college een markt op afstand te organiseren.
2Het college kan besluiten tot vaststelling van een vergoeding voor het gebruik van de grond.
3Een beschikking omtrent een vergunning wordt gegeven binnen een termijn van 16 weken, met ingang van de dag na de laatste dag van de periode waarin aanvragen kunnen worden ingediend. De bepalingen in paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht zijn niet van toepassing.
4De vergunning wordt verleend voor maximaal tien jaar.
5De vergunning wordt op naam gesteld van een natuurlijk persoon of een rechtspersoon en is niet overdraagbaar.
6De vergunning kan worden geweigerd of ingetrokken in het belang van de orde, het uiterlijk aanzien of de veiligheid op de markt op afstand dan wel vanwege het niet voldoen aan op grond van artikel 5.3 voor de betreffende markt vastgestelde nadere regels.
7De vergunning kan, in aanvulling op het zesde lid, worden ingetrokken als niet wordt voldaan aan de voorschriften die zijn verbonden aan de vergunning.
Artikel 4.4 Borgsom
Het college kan in het belang van de naleving van de voorschriften aan de vergunning op grond van artikel 4.3 bepalen dat een borgsom wordt betaald voordat de markt op afstand wordt gehouden.
Artikel 4.5 Verbodsbepalingen waren verhandelen
1Het is verboden op een markt op afstand waren te verhandelen buiten de daarvoor aangewezen dagen en uren.
2Het is verboden op een markt op afstand andere waren te verhandelen dan die waarvoor de markt is aangewezen.
3Het is verboden op een markt op afstand waren te verhandelen die daartoe door het college zijn aangewezen.
Artikel 4.6 Bijzondere omstandigheden
1Het college kan de handel in door hem aan te wijzen waren tijdelijk verbieden in het belang van de gezondheid, de orde of de veiligheid op de markt op afstand.
2Het college kan gelasten dat een markt op afstand of een gedeelte daarvan wegens bijzondere omstandigheden niet wordt gehouden dan wel wordt ontruimd.
3Het is verboden te handelen in strijd met een krachtens het eerste of tweede lid gegeven verbod of last.
4Het college kan gelasten dat een markt op afstand of een gedeelte wordt ontruimd wegens het uitvoeren van openbare werken, de orde of de veiligheid op de markt of afstand, of de bescherming van een ander algemeen belang.
Artikel 4.7 Venten met stukken en propaganda
Het is verboden tijdens de duur van de markt op afstand op het marktterrein met gedrukte of geschreven stukken of afbeeldingen te venten of deze te verspreiden, dan wel godsdienstige, politieke of andere propaganda te voeren, op andere dan daarvoor door het college aangewezen gedeelten.
Artikel 4.8 Venten met andere waren
1Het is verboden op het terrein van een markt op afstand te venten.
2Het verbod is niet van toepassing op de verkoop van alcoholvrije dranken en voor directe consumptie geschikte etenswaren ten behoeve van op de markt werkzame personen.
Hoofdstuk 5 Nadere regels
Artikel 5.1 Nadere regels markten
Het college kan nadere regels vaststellen met betrekking tot:
a.het branchepatroon op de markt;
b.het gebruik, de inrichting en de uitvoering van kramen en verkoopinrichtingen;
c.de aanvoer, afvoer en opslag van materialen en waren;
d.de energie- en watervoorziening op de markt;
e.de orde en de veiligheid op de markt;
f.de wijze van afvalinzameling en het afvoeren van afval op de markt;
g.het maken van reclame op het marktterrein;
h.de uitgifte van marktplaatsen op een experimentele marktzone;
i.de waren die op een themamarkt kunnen worden verhandeld;
j.het vervangen van marktondernemers op marktplaatsen;
k.standwerken.
Artikel 5.2 Nadere regels verhuur marktkramen
1Het college stelt per markt nadere regels vast met betrekking tot de verlening van vergunningen op grond van artikel 3.24. Deze hebben in elk geval betrekking op:
a.het aantal vergunningen dat ten hoogste kan worden verleend;
b.de periode waarbinnen aanvragen kunnen worden ingediend;
c.de wijze van verdeling;
d.de wijze van bekendmaking van de wijze van verdeling.
2Bij de vaststelling van de wijze van verdeling wordt onder meer rekening gehouden met de volgende selectiecriteria:
a.geschiktheidseisen aan aanvragers;
b.het aantal, de kwaliteit en het uiterlijk aanzien van de te verhuren kramen;
c.de hoogte van de prijs van de verhuur van de kramen;
d.opbouwen en afbreken van de kramen;
e.aansprakelijkheid.
Artikel 5.3 Nadere regels markt op afstand
Het college stelt nadere regels vast met betrekking tot de verlening van vergunningen op grond van artikel 4.3. Deze hebben in elk geval betrekking op de wijze van verdeling.
Hoofdstuk 6 Verwijderings-, weigerings- en intrekkingsgronden
Artikel 6.1 Verwijdering van de markt
1Het college kan de marktondernemer gelasten zich voor de duur van ten hoogste een week van de markt te verwijderen, die:
a.de orde op de markt verstoort of in gevaar brengt;
b.zich aan wangedrag of bedrog schuldig maakt; of
c.de toezichthouders op de naleving van deze verordening in de uitoefening van hun taak belemmert.
2Het college kan de standwerker die niet of onvoldoende actief is, gelasten zich van de markt te verwijderen en kan hem voor de duur van ten hoogste een week de toegang tot de markt ontzeggen.
3Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de houder van een vervangerskaart of degene die de ondernemer met toepassing van artikel 3.20 vervangt.
4Degene tot wie de last zich richt, voldoet hieraan onmiddellijk.
Artikel 6.2 Weigerings- en intrekkingsgronden beschikkingen markthandel
1Het college weigert een vergunning voor een marktplaats indien:
a.de aanvrager niet is ingeschreven in het register;
b.niet wordt voldaan aan de nadere regels die met betrekking tot de op een themamarkt te verhandelen waren zijn gesteld;
c.bij de dagelijkse indeling, bedoeld in artikel 3.10, geen marktplaats kan worden verkregen.
2Het college kan een vergunning als bedoeld in het eerste lid, alsmede een ontheffing, een vervangerskaart voor bepaalde of onbepaalde termijn intrekken, dan wel weigeren een vergunning voor een losse marktplaats op een markt voor bepaalde of onbepaalde termijn te verlenen:
a.indien de houder niet meer beschikt over een geldig bewijs van inschrijving in het register;
b.indien ter verkrijging van de beschikking zodanig onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt dat de beschikking zou zijn geweigerd als de juiste gegevens bekend waren geweest;
c.op verzoek van de houder;
d.na diens overlijden;
e.indien de plaats van de houder op de marktlijst is doorgehaald;
f.indien de houder van de beschikking daarvan geen gebruik maakt binnen een daarin gestelde termijn of, bij gebreke daarvan, binnen een redelijke termijn;
g.indien niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld is voldaan;
h.indien de houder de in artikel 6.1 genoemde gedragingen pleegt dan wel anderszins in strijd handelt met hetgeen bij of krachtens deze verordening is bepaald;
i.indien de houder de aan de beschikking verbonden voorschriften of beperkingen niet naleeft;
j.indien niet langer wordt voldaan aan de nadere regels die met betrekking tot de op een themamarkt te verhandelen waren zijn gesteld;
k.indien op grond van een wijziging van omstandigheden of inzichten moet worden aangenomen dat de intrekking wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming waarvan het beschikkingsvereiste is gesteld.
3In aanvulling op het voorgaande lid trekt het college de vervangerskaart in:
a.op verzoek van de ingeschrevene bij wie de vervanger in het register is bijgeschreven;
b.indien de ingeschrevene bij wie de vervanger in het register is bijgeschreven, is overleden;
c.indien de houder niet meer beschikt over een geldig bewijs van bijschrijving in het register;
d.indien de houder zich heeft ingeschreven in het register op grond van artikel 2.1.
Hoofdstuk 7 Slotbepalingen
Artikel 7.1 Strafbepaling
Overtreding van het bij of krachtens de volgende artikelen bepaalde en de op grond van artikel 1.2 gegeven voorschriften en beperkingen wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of met een geldboete van de tweede categorie: 2.1 eerste lid, 2.5 derde lid, 3.2, 3.14 eerste lid, 3.16 eerste lid, 3.17 eerste lid, 3.20 eerste lid, 3.21, 3.22, artikel 3.23, 3.24 eerste en zevende lid, 3.25 eerste lid, 3.26, 3.27 eerste lid, 3.28 eerste lid, 4.3 eerste lid, 4.5, 4.6, 4.7 en 4.8 eerste lid.
Artikel 7.2 Toezicht op de naleving
Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze verordening bepaalde zijn belast de door het college aangewezen ambtenaren, personen of categorieën van ambtenaren.
Artikel 7.3 Overgangsbepaling
1Ten tijde van de Verordening op de straathandel 2008 van kracht zijnde inschrijvingsrechten, vergunningen, ontheffingen, voorkeurskaarten of partnerkaarten blijven ook na de inwerkingtreding van deze verordening gelden, hetzij tot het einde van hun looptijd, hetzij tot het tijdstip dat zij met toepassing van deze verordening worden gewijzigd of ingetrokken.
2Het toewijzen van tijdelijke vaste marktplaatsen geschiedt niet indien op die markt voorkeurskaarten op grond van de Verordening op de straathandel 2008 zijn uitgegeven.
3De uitgegeven partnerkaarten op grond van artikel 2.5 van de Verordening op de straathandel 2008 worden geacht te zijn verleend op grond van de bepalingen van artikel 2.5 van deze verordening.
4In afwijking van het eerste lid blijven vergunningen op grond van artikel 3.22 van de Verordening op de straathandel 2008 die voor onbepaalde tijd zijn verleend, tien jaar gelden, gerekend vanaf het moment van inwerkingtreding van deze verordening.
5In afwijking van het eerste lid wordt een besluit omtrent instelling van een jaarmarkt of een uitgezonderde markt op grond van artikel 3.3 van de Verordening op de straathandel 2008 gelijkgesteld met een besluit op grond van artikel 4.1 van deze verordening.
6Besluiten op grond van artikel 6.1 van de Verordening op de straathandel 2008 worden geacht te zijn genomen op grond van artikel 5.1 van de Marktverordening.
7Op aanvragen om besluiten krachtens de Verordening op de straathandel 2008 waarop bij de inwerkingtreding van deze verordening nog niet is beslist, wordt met toepassing van deze verordening een beslissing genomen.
8Op bezwaarschriften tegen besluiten die zijn genomen krachtens de Verordening op de straathandel 2008 waarop bij de inwerkingtreding van deze verordening nog niet is beslist, wordt met toepassing van deze verordening een beslissing genomen.
Artikel 7.4 Hardheidsbepaling
Het college kan de artikelen 3.5 en 3.15 buiten toepassing laten of daarvan afwijken, indien de toepassing zou leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Artikel 7.5 Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als: Marktverordening.
Bijlage
Schema ancienniteitsnummer en vergunning. Behorende bij Toelichting art 3.15.pdf (214 Kb)