artikelenversie 15 april 2009
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen
1In dit reglement wordt verstaan onder:
a.de verordening: de Verordening op de straathandel 2008;
b.het Dagelijks Bestuur: het Dagelijks Bestuur van het Stadsdeel Oud-Zuid;
c.de marktbeheerder: de door het Dagelijks Bestuur voor het beheer van de markt aangestelde persoon; deze is bevoegd om namens het Dagelijks Bestuur te beschikken ter zake van het beheer van de markt voor zover dit reglement daarin niet voorziet, met inachtneming van het aan hem verleende mandaat;
d.de marktmeester: de door het Dagelijks Bestuur voor het dagelijkse beheer van de markt aangestelde persoon; deze is bevoegd namens het Dagelijks Bestuur te beschikken ter zake van het dagelijkse beheer van de markt voor zover dit reglement daarin niet voorziet, met inachtneming van het aan hem verleende mandaat;
2Voor het overige zijn op dit reglement van toepassing de in artikel 1.1 van de verordening gegeven begripsomschrijvingen.
Artikel 1.2 Algemeen
1De Albert Cuypmarkt is een algemene warenmarkt die als dagmarkt van maandag tot en met zaterdag van 9.00 uur tot 18.00 uur, met uitzondering van de erkende feestdagen, wordt gehouden op het daartoe aangewezen marktterrein, het gedeelte van de Albert Cuypstraat tussen de Ferdinand Bolstraat en de Van Woustraat.
2aHet als marktterrein aangewezen gedeelte van de Albert Cuypstraat tussen de Ferdinand Bolstraat en de Eerste Van der Helststraat is aangewezen als voetgangersgebied van maandag tot en met zaterdag van 6.30 uur tot 20.00 uur, uitgezonderd laden en lossen van 6.30 tot 11.00 uur en van 16.30 uur tot 20.00 uur.
2bHet als marktterrein aangewezen gedeelte van de Albert Cuypstraat tussen de Eerste Van der Helststraat en de Van Woustraat is aangewezen als voetgangersgebied van maandag tot en met zaterdag van 6.30 uur tot 21.00 uur, uitgezonderd laden en lossen van 6.30 uur tot 11.00 uur en van 16.30 uur – 21.00 uur.
Hoofdstuk 2. Toewijzing van plaatsen op de markt
Artikel 2.1 Vergunningenbeleid
1De markt is o.g.v. artikel 3.11 van de verordening onderverdeeld, te weten:
•1e markt: het gedeelte tussen de Ferdinand Bolstraat en de Eerste Van Helststraat;
•2e markt: het gedeelte tussen de Eerste Van der Helststraat en de Eerste Sweelinckstraat;
•3e markt: het gedeelte tussen de Eerste Sweelinckstraat en de Van Woustraat.
2Per aangewezen eenheid zal bij de dagelijkse indeling van plaatsen aan het bepaalde in artikel 3.9 en 3.10 van de verordening toepassing worden gegeven.
3Het bepaalde in het tweede lid is niet van toepassing op maandagen.
Artikel 2.2 Vaste en losse plaatsen
1Vaste plaatsen op de 1e markt die om 9.00 uur niet door de rechthebbende zijn bezet, respectievelijk na afloop daarvan op de 2e markt en na afloop daarvan op de 3e markt, worden die dag als losse plaatsen toegewezen.
2De dagelijkse toewijzing van de losse plaatsen vangt om ca. 9.00 uur aan op de 1e markt, en vindt na afloop daarvan aansluitend plaats op de 2e markt en na afloop daarvan op de 3e markt. Om in aanmerking te komen voor een losse plaats dient men hierbij persoonlijk aanwezig te zijn.
Artikel 2.3 Standwerkers
1De loting voor een vergunning voor een standwerkersplaats vangt aan om 8.30 uur. Voor het overige gelden voor de standwerkers de tijden als bedoeld in de artikelen 1.2, 3.1 en 4.2 van dit reglement.
2De verlening van een vergunning voor een standwerkersplaats geschiedt door loting. Voor deze loting zijn 5 plaatsen beschikbaar, voor standwerkers die beschikken over een bewijs van inschrijving in het register voor de ambulante handel met daarop de vermelding ‘STW’.
3Indien de plaatsen uit het tweede lid niet verloot zijn respectievelijk niet zijn toegewezen, worden die plaatsen die dag als losse plaatsen verdeeld.
4Standwerkers dienen vóór de loting aan te geven met welk artikel zij als standwerker willen optreden. Daarna is artikelwijziging niet meer toegestaan.
5Een standwerker aan wie een plaats is toegewezen en die niet aan de volgende vereisten blijkt te voldoen, zulks ter beoordeling van de marktmeesters, kan voor maximaal drie maanden worden uitgesloten van het verkrijgen van een vergunning voor een standwerkersplaats:
a.als zodanig optreden, dat wil zeggen publiek om zich heen weten te verzamelen, een aansprekende uiteenzetting houden over de door hem te verhandelen waren en tenslotte trachten een aantal personen gelijktijdig tot aankoop daarvan te bewegen;
b.niet meer dan één soort artikel verkopen;
c.geen weeg- en meetapparatuur gebruiken;
d.het artikel niet voorzien van een prijsaanduiding.
6Twee keer per dag wordt door twee dienstdoende marktmeesters afzonderlijk beoordeeld of een standwerker (nog) voldoet aan de vier in het zesde lid gestelde vereisten. Vóór het sluiten van de markt wordt de beoordeling door de dienstdoende marktmeester schriftelijk vastgelegd in een beoordelingsformulier.
Hoofdstuk 3. Regels betreffende plaatsbezetting
Artikel 3.1 Persoonsgebonden vergunning
1De marktplaats dient door de vergunninghouder persoonlijk of zijn/haar levenspartner, mits deze beschikt over een partnerkaart, te zijn ingenomen vanaf 10.00 uur tot 16.30 uur en met voldoende koopwaar te zijn ingericht.
Artikel 3.2 Plaatsbezetting
1Vaste plaatshouders en voorkeurskaarthouders nemen hun plaats op de Albert Cuypmarkt ten minste drie dagen per week in.
2Ontheffing van de verplichting tot plaatsbezetting kan aan vaste plaatshouders en voorkeurskaarthouders worden verleend:
a.aan de voorkeurskaarthouder: gedurende de periode, genoemd in artikel 3.14, derde lid, van de verordening;
b.in geval van ziekte of bijzondere omstandigheden: voor een periode van drie maanden, welke periode maximaal zeven maal voor een periode van drie maanden kan worden verlengd. Dit is ter beoordeling van de marktbeheerder;
c.in geval van vakantie: voor de duur van maximaal zes weken per kalenderjaar, al dan niet aaneengesloten.
3Een aanvraag om ontheffing van de verplichting tot plaatsbezetting in geval van vakantie dient te worden aangevraagd met het daartoe door het Dagelijks Bestuur vastgestelde formulier, minimaal een week voor ingangsdatum.
4Plotselinge verhindering wordt mondeling of telefonisch aan de marktbeheerder of -meester gemeld.
5Op de houder van een partnerkaart is het eerste en tweede lid van overeenkomstige toepassing.
Artikel 3.3 Vervanging
1Ontheffing van het verbod zich te doen vervangen kan aan vaste plaatshouders en voorkeurskaarthouders worden verleend:
a.in geval van ziekte of bijzondere omstandigheden: voor een periode maximaal drie maanden, welke periode maximaal zeven maal voor een periode van drie maanden kan worden verlengd. Dit is ter beoordeling van de marktbeheerder;
b.in geval van vakantie: voor de duur van maximaal zes weken per kalenderjaar, al dan niet aaneengesloten.
2Per vergunninghouder kan slechts één persoon als vervanger optreden.
3De persoon die als vervanger optreedt, kan slechts één vergunninghouder vervangen, en kan gedurende die periode niet van zijn/haar rechten gebruik maken.
4Een aanvraag om ontheffing van het verbod zich te doen vervangen in geval van vakantie , dient te worden ingediend met het daartoe door het Dagelijks Bestuur vastgestelde formulier, gelijktijdig met de aanvraag als bedoeld in artikel 3.2, derde lid, minimaal een week voor de ingangsdatum.
Hoofdstuk 4. De orde op de markt
Artikel 4.1 Bijzondere omstandigheden
1Bij extreme weersomstandigheden of verwachting daarvan, kan de marktbeheerder, in het belang van de veiligheid van personen of zaken op de markt, besluiten de markt die dag geen doorgang te laten vinden, dan wel een ieder te gelasten zich ogenblikkelijk van de markt te verwijderen.
Artikel 4.2 Aanvoer en opslag van zaken en waren
1De kramen dienen vanaf 10.00 uur te zijn ingericht. De marktplaatshouders dienen hun transportmiddelen daarna zo spoedig mogelijk, maar in ieder geval uiterlijk om 11.00 uur, van de markt verwijderd te hebben.
2Het is de marktplaatshouders niet toegestaan hun handel voor 16.30 uur in te pakken.
3De kramen dienen leeg te zijn en de kooplieden dienen de markt te hebben verlaten vanaf 18.00 uur, tenzij in de vergunning voor een eigen kraam of verkoopinrichting hiervan ontheffing is verleend.
4Het is de marktplaatshouder verboden vóór 7.00 uur en tussen 11.00 uur en 16.30 uur zaken of waren aan en af te voeren en voertuigen te plaatsen of te hebben. Dit verbod geldt niet ten aanzien van aan- en afvoer met steekwagens e.d.
5Kramenzetters- en verhuurvergunninghouders dienen zaken die direct of indirect met de markt te maken hebben, zoals onder andere kramen, karren en aanhangers, uiterlijk om 19.30 uur van de markt verwijderd te hebben.
Artikel 4.3 Maatvoering van aan- en afvoermateriaal
1Het gebruik van achter- en/of zijzeilen ter afscherming tegen wind en regen is toegestaan. Deze zeilen dienen vanaf 1,50 meter, gemeten vanaf de straat, vervaardigd te zijn van doorzichtig materiaal.
2Het gebruik van aan- en afvoermateriaal is toegestaan, voor zover dat niet hoger is dan 1,50 meter, gemeten vanaf de straat.
3Het Dagelijks Bestuur kan ontheffing verlenen van de verplichtingen als bedoeld in het eerste en tweede lid:
a.in geval normen op grond van de Arbeidsomstandighedenwet of andere wettelijke voorschriften daartoe aanleiding geven;
b.bij het verlenen van een vergunning voor een eigen kraam of verkoopinrichting.
Artikel 4.4 Voorzieningen
1Elektriciteit en water worden door het stadsdeel geleverd.
2Het beheer over de elektriciteitskasten en de watertappunten wordt gevoerd door het stadsdeel.
3Het is de koopman verboden de watertappunten te gebruiken bij een temperatuur onder de 0 C°.
4Bij het gebruik van de watertappunten dienen de hierin aangegeven gebruiksvoorschriften in acht te worden genomen.
5Het stadsdeel aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid ten gevolge van stroomuitval en van schade door ondeskundig gebruik.
6Een ontheffing ten aanzien van het eerste lid wordt slechts verleend bij calamiteiten.
Artikel 4.5 Kramen op de marktplaats
1Door het Dagelijks Bestuur wordt een kramenzet- en verhuurvergunning verleend.
2De marktplaatshouder dient er zelf voor zorg te dragen dat zijn/haar kraam verankerd is aan de daarvoor bestemde ankerblokken.
3De vergunning voor een eigen kraam of verkoopinrichting kan alleen onder de volgende voorwaarden worden verleend:
a.indien er ten aanzien van de bewaring, bereiding, behandeling of verkoop van het gevoerde artikel wettelijke regelgeving geldt;
b.indien de medische noodzaak daartoe is gebleken;
c.indien op grond van normen uit de Arbowet de noodzaak daartoe is gebleken;
4Een aanvraag voor een eigen kraam of verkoopinrichting dient te worden ingediend met het daartoe door het Dagelijks Bestuur vastgestelde formulier.
5Standwerkers hebben geen verplichting een kraam te gebruiken van het bedrijf aan wie een kramenzet- en verhuurvergunning is verleend.
Hoofdstuk 5. Verplichtingen van de marktplaatshouder
Artikel 5.1 Wijziging aan kraam of verkoopinrichting
1Het is de marktplaatshouder verboden aan de kraam of verkoopinrichting wijzigingen aan te brengen.
2Van het verbod uit het voorgaande lid kan ontheffing worden verleend. Dit is ter beoordeling van de marktbeheerder.
Artikel 5.2 Afval
1De marktplaatshouder is gehouden het marktafval van zijn kraam af te leveren op een daarvoor door het Dagelijks Bestuur aangegeven:
•plaats
•wijze, en
•scheiding in soorten.
2Marktplaatshouders die op basis van een aan hen verleende vergunning op hun marktplaats tevens geringe eet- en drinkwaren voor consumptie gereed maken, dienen aan de voorzijde van hun marktplaats voor het deponeren van afval een voorziening te hebben.
Artikel 5.3 Gebruik maken van geluidsapparatuur
1Het is de marktplaatshouder verboden, tijdens de markt gebruik te maken van geluidsversterkende apparatuur.
2Van het verbod uit het voorgaande lid wordt geen ontheffing verleend.
Artikel 5.4 Verwarmingstoestellen
1Het is de marktplaatshouder verboden, verwarmingstoestellen of bak- en kookinstallaties te gebruiken.
2Van het voorgaande lid wordt door het Dagelijks Bestuur ontheffing verleend in die zin dat het gebruik van verwarmingstoestellen of bak- en kookinstallaties is toegestaan op de bijzondere daarvoor aangewezen bak- en wildplaatsen, en plaatsen voor verkoopwagens.
Hoofdstuk 6. Intrekking vergunning vaste plaats of voorkeurskaart
Artikel 6.1 Intrekken vergunning
1Bij overlijden van de vergunninghouder wordt de intrekking van de vergunning opgeschort indien een aanvraag tot overschrijving van diens vergunning door de levenspartner of kind van de vergunninghouder op grond van artikel 3.13 juncto 3.6 van de verordening is ingediend, tot het moment dat hierop een beslissing is genomen.
2Indien een aanvraag als in het eerste lid niet is ingediend wordt de vergunning ingetrokken na acht weken, na overlijden van de vergunninghouder.
3De erven krijgen binnen deze periode de gelegenheid de in voorraad zijnde handelswaar te verkopen door henzelf of door een door hen aan te wijzen zaakwaarnemer.
Hoofdstuk 7. Slotbepalingen
Artikel 7.1 Intrekken oude marktreglement
Het Marktreglement Albert Cuyp 2002, vastgesteld door het Dagelijks Bestuur bij besluit van 7 maart 2002, zoals laatstelijk gewijzigd bij besluit van het Dagelijks Bestuur van 29 juli 2002 en 11 april 2003, vervalt met ingang van de dag waarop dit reglement in werking treedt.
Artikel 7.2 Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking op de dag na die van bekendmaking in de Stadsdeelkrant Oud-Zuid.
Artikel 7.3 Citeertitel
Dit reglement kan worden aangehaald als “Marktreglement Albert Cuyp 2009”.