Gemeentelijke regelgeving

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam houdende regels over aanwijzing ambtenaren bevoegd tot afnemen verklaring onder eed of belofte als bedoeld in de artikelen 2.8 en 2.8a van de Wet basisregistratie personen

Gemeente Amsterdam · geldt sinds 31 oktober 2024

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam,

gelet op artikel 2.8, tweede lid, onder e, en artikel 2.8a, tweede lid, onder d, van de Wet basisregistratie personen,

besluit

Artikel 1

Alle ambtenaren in dienst bij de directie Dienstverlening, die bevoegd zijn om werkzaamheden in het kader van de Wet basisregistratie personen uit te voeren, aan te wijzen als ambtenaar bevoegd tot het afnemen van de in artikel 2.8, tweede lid, onder e en artikel 2.8a, tweede lid, onder d, van de Wet basisregistratie personen bedoelde verklaring onder eed of belofte.

Artikel 2

Het Besluit aanwijzing ambtenaren bevoegd tot afnemen verklaring onder eed of belofte als bedoeld in de artikelen 2.8 en 2.8a van de Wet basisregistratie personen van 4 februari 2019 in te trekken.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 7 juli 2023.

Artikel 4

Deze regeling wordt aangehaald als: Besluit aanwijzing ambtenaren voor het afnemen van verklaring onder eed of belofte als bedoeld in de artikelen 2.8 en 2.8a van de Wet basisregistratie personen Amsterdam.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.