Aanhef
Besluit van burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn tot vaststelling van de Subsidieregeling “Vluchtelingen doen mee in Alphen aan den Rijn” 2025-2029.
Het college van burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn;
overwegende dat:
Artikel 1. Definities
1Alle begrippen die in deze subsidieregeling worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als de begrippen uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb), Jeugdwet, Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo), Participatiewet, Wet Inburgering en de Algemene subsidieverordening Gemeente Alphen aan den Rijn 2020 (Asv 2020).
2In deze regeling wordt verstaan onder:
a.Alphen aan den Rijn: het geografische gebied van Gemeente Alphen aan den Rijn.
b.Asv 2020: Algemene subsidieverordening Gemeente Alphen aan den Rijn 2020.
c.Awb: Algemene wet bestuursrecht.
d.AZC: asielzoekerscentrum
e.Bewoners AZC: de mensen die in het Alphense AZC op Hoorn-West verblijven.
f.COA: Centraal Orgaan opvang Asielzoekers
g.College: Het college van burgemeester en wethouders van Gemeente Alphen aan den Rijn.
h.Deelsubsidie: deel van de Subsidieregeling ten behoeve van een specifieke taak/activiteit;
i.Inwoner: iemand die woont in Gemeente Alphen aan den Rijn. Hieronder worden ook jeugdigen en/ of hun (pleeg)ouders verstaan die in Gemeente Alphen aan den Rijn hun woonplaats hebben, zoals bedoeld in de Jeugdwet.
j.Gemeente: Gemeente Alphen aan den Rijn.
k.Oekraïense ontheemden: vluchtelingen uit Oekraïne die op basis van de RTB door de gemeente opgevangen en gehuisvest worden.
l.Preventie: activiteiten ter voorkoming van zorg, escalatie in het kader van veiligheid en voortijdig schoolverlaten.
m.RTB: Europese Richtlijn Tijdelijke Bescherming Oekraïense ontheemden, geldt voorlopig tot 1 maart 2026. Gemeenten krijgen financiering vanuit het rijk tot één jaar na aflopen van de RTB.
n.Sociale basis: vrij toegankelijke formele en informele activiteiten en voorzieningen gericht op het elkaar ontmoeten en ondersteunen, ontplooien en ontspannen die zorgen dat mensen kunnen samenleven en meedoen in de samenleving.
o.Strategisch partnerschap: College en subsidieontvanger(s) hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid bij het realiseren van de ambitie en doelstellingen van deze Subsidieregeling. Uitgangspunten zijn transparantie, dialoog, vertrouwen, oplossingsgericht werken en samen leren en verbeteren.
p.Subsidie, zoals gesteld in de Awb: de aanspraak op financiële middelen, door een bestuursorgaan verstrekt met het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager, anders dan als betaling voor aan het bestuursorgaan geleverde goederen of diensten.
q.Subsidieaanvraag: het aanvragen van Subsidie zoals gesteld in de Awb.
Artikel 2. Doel Subsidieregeling
1Het doel van deze subsidieregeling is om te komen tot een sluitend en vraaggericht pallet van activiteiten die het meedoen in de Alphense samenleving door bewoners van het AZC en Oekraïense ontheemden bevordert en ondersteunt.
2Om het doel zoals omschreven in lid 1 te behalen, zijn binnen deze regeling de volgende vijf deelsubsidies beschikbaar:
a) Deelsubsidie I: psychosociale ondersteuning Oekraïense ontheemden.
b) Deelsubsidie II: ondersteuning door Oekraïense psycholoog van Oekraïense ontheemden.
c) Deelsubsidie III: vrijwilligersondersteuning AZC.
d) Deelsubsidie IV: activiteiten voor en door AZC bewoners.
e) Deelsubsidie V: Nederlandse les voor AZC bewoners door vrijwilligers.
Het college licht de inhoud en voorwaarden van deze deelsubsidies toe in bijlage 1 bij deze subsidieregeling.
Artikel 3. Doelgroep
De activiteiten zoals bedoeld in deze subsidieregeling richten zich op de bewoners van het AZC en de Oekraïense ontheemden en óók op alle inwoners die in contact willen komen/iets willen doen voor deze mensen.
Artikel 4. Deelsubsidies
1College wil voor elke deelsubsidie een subsidie verlenen aan één subsidieontvanger.
2Onderaannemers zijn toegestaan bij de uitvoering van de Subsidie. De subsidieontvanger is eindverantwoordelijk voor de uitvoering en verantwoording van de Subsidie.
3Subsidieontvangers hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid en werken samen, waarbij optimaal gebruik gemaakt wordt van de sociale basis van gemeente.
Artikel 5. Subsidievereisten
1Subsidieontvanger sluit met de uitvoering van activiteiten aan bij:
a.de diversiteit van de doelgroep zoals beschreven in artikel 3 van deze regeling.
b.de leefwereld van de doelgroep zoals beschreven in artikel 3 van deze regeling.
c.de vindplekken van de doelgroep zoals beschreven in artikel 3 van deze regeling.
d.de behoeften de doelgroep zoals beschreven in artikel 3 van deze regeling.
e.vigerend beleid en aanbod.
2Subsidieontvanger is aantoonbaar geworteld in de gemeente. Subsidieontvanger staat dichtbij onze inwoners en is actief in de haarvaten van de Alphense samenleving. Zie beschrijving deelsubsidies in bijlage 1.
3Subsidieontvanger heeft aantoonbaar recent meerdere jaren ervaring met het uitvoeren van de activiteiten zoals beschreven in bijlage 1 bij deze subsidieregeling.
4Subsidieontvanger zorgt samen met andere subsidieontvangers, inwoners, college, professionele partners en vrijwilligersorganisaties voor samenhangende hulp en dienstverlening.
5Subsidieontvanger committeert zich aan strategisch partnerschap met college.
Artikel 6. Subsidieplafond
1Het subsidieplafond voor deze regeling bedraagt € 412.000
2Het subsidieplafond voor de deelsubsidies bedraagt:
a.Deelsubsidie I: € 80.000
b.Deelsubsidie II: € 32.000
c.Deelsubsidie III: € 135.000
d.Deelsubsidie IV: € 135.000
e.Deelsubsidie V: € 30.000
3De subsidie van deelsubsidies I en II hangt af van de financiering door het Rijk van de gemeentelijke taak in het kader van RTB.
4De besteding van deelsubsidie II, aan welke doelgroep de uren worden besteed, wordt per kwartaal afgestemd met de gemeente.
5Het subsidieplafond voor deelsubsidies III, IV en V is vanaf 2027 afhankelijk van de hoogte van het budget dat de gemeente van het COA ontvangt.
6Gedurende de looptijd van de subsidieregeling kan het college voor deelsubsidies III, IV en V extra subsidie ter beschikking stellen, via een apart hiertoe vast te stellen regeling.
7Het subsidiebedrag moet worden besteed aan de uitvoering van de activiteiten ten behoeve van het meedoen door vluchtelingen aan de Alphense samenleving. Het resterende subsidiebedrag vordert het college terug.
8Het college keert het volledige subsidiebedrag per deelsubsidie per jaar jaarlijks uit in het eerste kwartaal.
9Er vindt gedurende de looptijd van de subsidieregeling geen indexering van de bedragen plaats.
Artikel 7. Het aanvragen van Subsidie
1Om in aanmerking te komen voor subsidie stuurt aanvrager een schriftelijke subsidieaanvraag aan college.
2Een volledige subsidieaanvraag bevat minimaal:
a.Een volledig ingevuld en rechtsgeldig ondertekend aanvraagformulier zoals in bijlage 2 bij deze Subsidieregeling beschikbaar is gesteld.
b.Begroting subsidiejaren 2025 en 2026 voor deelsubsidies I, II, III, IV en V.
c.Statuten van de organisatie.
d.Jaarverslagen, inclusief jaarrekeningen, van kalenderjaren 2022 en 2023.
e.Minimaal één referentie waarin aanvrager aantoont meerdere jaren ervaring te hebben met de activiteiten die horen bij de uitvoering van de deelsubsidie waar subsidie voor wordt aangevraagd.
f.Plan van Aanpak zoals beschreven in artikel 7 lid 3.
3Aanvrager dient als onderdeel van de subsidieaanvraag een Plan van Aanpak in. Ook hiervoor gebruikt aanvrager het beschikbaar gestelde aanvraagformulier. In het Plan van Aanpak dient aanvrager minimaal het volgende aan te geven:
a.De deelsubsidie en het benodigde budget waar subsidie voor wordt aangevraagd, inclusief een onderbouwing hiervan.
b.Hoe de uitvoering van de deelsubsidie bijdraagt aan het doel van deze meerjarige subsidieregeling.
c.Hoe aanvrager met de uitvoering van de deelsubsidie aansluit bij de leefwereld en vindplekken van de doelgroep zoals beschreven in artikel 3 van deze regeling.
d.Hoe invulling gegeven wordt aan de samenwerking met belangrijke partners, waaronder minimaal: andere subsidieontvangers, inwoners, vluchtelingen, Oekraïense ontheemden, sociale basis, vrijwilligersorganisaties en professionals organisaties.
4Aanvrager dient de subsidieaanvraag uiterlijk 22 november 2024 in via
mmartens@alphenaandenrijn.nl
5Voor deelsubsidies I en II geeft de gemeente in oktober 2026 aan subsidieontvanger aan of deze nog doorlopen in 2027 en zo ja, wat de subsidieplafonds zijn.
6Voor deelsubsidies III, IV en V geeft de gemeente in oktober 2026 aan wat de nieuwe subsidieplafonds zijn vanaf 2027.
Artikel 8. Wijze van beoordelen
1De subsidieaanvraag wordt als volgt door het college getoetst:
a.Tijdigheid (art. 7 lid 4).
b.Volledigheid (art. 7 lid 2).
c.De subsidievereisten zoals beschreven in artikel 5 van deze subsidieregeling.
d.De weigeringsgronden zoals beschreven in artikel 9 van deze subsidieregeling.
e.De mate waarin aan de gevraagde onderdelen van het Plan van Aanpak (art. 7 lid 3) wordt voldaan.
2Als het totaal aan subsidieaanvragen het subsidieplafond overschrijdt, toetst college het Plan van Aanpak (artikel 7 lid 3) op basis van de volgende waarderingssystematiek: slecht, goed, uitstekend.
3De indiener van het plan van aanpak dat voldoet aan de eisen uit deze subsidieregeling en als beste wordt beoordeeld, zal het aangevraagde subsidiebedrag voorlopig voor de daartoe aangewezen periode ontvangen, tot maximaal het subsidieplafond van de betreffende deelsubsidie.
Artikel 9. Weigeringsgronden
Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de Awb en artikel 13 van de Asv 2020, kan het college een subsidieaanvraag weigeren als:
1De aanvraag niet bijdraagt aan de doelstelling van deze subsidieregeling.
2Niet voldaan is aan de subsidievereisten genoemd in deze subsidieregeling.
3Aanvrager onvoldoende aantoonbare ervaring heeft met de uitvoering de activiteiten waar subsidie voor wordt aangevraagd.
4Er niet voldoende budget is.
5De financiële onderbouwing onduidelijk of onvoldoende is.
6Aanvrager niet als beste is beoordeeld.
Artikel 10. Verplichting
De subsidieontvangers van deelsubsidies I en II respectievelijk de subsidieontvangers van deelsubsidies III, IV en V werken samen met elkaar aan de doelstellingen van deze subsidieregeling zonder dat overlappend aanbod ontstaat.
Artikel 11. Verantwoordingseisen
1Subsidieontvanger verstrekt jaarlijks voor 1 april de verantwoording over het voorafgaande jaar. Uit de verantwoording blijkt dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de subsidie verbonden verplichtingen. Daarbij geeft subsidieontvanger inzicht in:
a.Kwantitatieve gegevens: bereik, aantallen, contactmomenten, tevredenheid, e.d.
b.Kwalitatieve gegevens: maatschappelijke effecten en samenwerking.
c.Financiële gegevens: de besteding van de Subsidie.
2Bij de verantwoording wordt door het college getoetst of de inkomsten van bestuurders voldoen aan de Wet Normering Topinkomens (WNT)-norm. Dit wordt opgenomen in de
verantwoording (artikel 11 lid 1).
3De verleende subsidiebedragen dienen zichtbaar te zijn opgenomen in de jaarrekening.
4De verantwoording wordt ondertekend door het bestuur en die van deelsubsidies I, III, IV, en V ook door een accountant.
Artikel 12. Slotbepalingen
1Deze subsidieregeling treedt in werking op de dag na publicatie in het Gemeenteblad.
2De Asv 2020 is op deze subsidieregeling van toepassing, voor zover hiervan niet wordt afgeweken in deze Subsidieregeling.
3Deze subsidieregeling vervalt op 31 december 2029.
4Deze Subsidieregeling wordt aangehaald als: “Vluchtelingen doen mee in Alphen aan den Rijn” 2025-2029.