Gemeentelijke regelgeving

Nadere regels (buurt)ontmoetingsplekken en -activiteiten

Gemeente Almere · geldt sinds 18 juni 2022

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almere;

gelet op titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3 van de Algemene subsidieverordening Almere 2020;

besluit: vast te stellen de navolgende Nadere regels (buurt)ontmoetingsplekken en -activiteiten

Artikel 1 Definities

1(Buurt)ontmoetingsplekken: zijn fysieke locaties (gebouwen) van waaruit natuurlijke personen of rechtspersonen in eigen beheer en op eigen initiatief ontmoeting, activiteiten en/of evenementen organiseren voor Almeerders.

2(Buurt)ontmoetingsactiviteiten:

a.activiteiten die bijdragen aan het versterken van de sociale cohesie van een wijk of stadsdeel.

b.activiteiten die bijdragen aan de participatie en de versterking van het sociale netwerk van Almeerders.

3College: het college van burgemeester en wethouders van Almere

4Jaarlijkse subsidie: subsidie die voor één jaar wordt verstrekt dan wel wordt verstrekt ten behoeve van activiteiten die (nagenoeg) een geheel jaar plaatsvinden.

Artikel 2 Doel

Het doel van deze regeling is het mogelijk maken van laagdrempelige vormen van (buurt)ontmoeting in Almere. Het initiatief en de actieve betrokkenheid van de Almeerders staat hierbij centraal. We streven naar het ontstaan en bestendigen van een netwerk van (buurt)ontmoetingsplekken en -activiteiten dat van betekenis en belang is voor alle Almeerders.

Artikel 3 Aanvragers

Aanvragers van jaarlijkse subsidie in het kader van deze regeling zijn rechtspersonen zonder winstoogmerk.

Artikel 4 Subsidiecriteria

De subsidie wordt slechts verstrekt indien het gaat om een (buurt)ontmoetingsplek en/of (buurt)ontmoetingsactiviteiten met:

1eigen initiatief of actieve betrokkenheid van inwoners bij de organisatie van en deelname aan de (buurt)ontmoetingsplek en (buurt)ontmoetingsactiviteiten.

2beschikbaarheid van de locatie en/of een aanbod van activiteiten voor inwoners voor nagenoeg het gehele jaar.

3cofinanciering voor een deel van de totale begroting. Deze cofinanciering kan bijvoorbeeld bestaan uit inkomsten door kleine bijdragen van bezoekers of deelnemers, giften of donaties, sponsoring van bedrijven en/of beschikbaar gestelde goederen.

Artikel 5 Subsidiabele kosten

1Voor subsidie komen slechts de volgende redelijke kosten in aanmerking:

a.structurele kosten die gebonden zijn aan de locatie van de (buurt)ontmoetingsplek zoals bedoeld in artikel 1, eerste lid van deze regeling.

b.kosten voor het organiseren en uitvoeren van (buurt)ontmoetingsactiviteiten zoals bedoeld in artikel 1, tweede lid van deze regeling.

2Voor subsidie komen niet in aanmerking de:

a.structurele kosten die gebonden zijn aan de locatie van een (buurt)ontmoetingsplek die onderdeel is van of verbonden is aan een professionele organisatie voor zorg en welzijn.

b.kosten voor de inzet van betaalde krachten.

Artikel 6 Aanvraagprocedure

1Een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie wordt gedaan vóór 1 oktober in het jaar voorafgaand aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft.

2Het college kan toestemming verlenen voor het later indienen van een aanvraag dan in het eerste lid is bepaald.

Artikel 7 Bij de aanvraag in te dienen gegevens

1De subsidieaanvraag bestaat ten minste uit:

a.een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier ‘subsidie (buurt)ontmoetingsplekken en -activiteiten’.

b.een activiteitenplan of een beschrijving van het type activiteiten dat de aanvrager verwacht te organiseren.

c.een begroting inclusief toelichting.

Artikel 8 Weigeringsgronden

1In aanvulling op artikel 9 van de Algemene Subsidieverordening kan de subsidie worden geweigerd indien:

a.de aanvrager niet voldoet aan de vereisten die zijn gesteld in artikel 2 en 5 van deze regeling.

b.er in de omgeving van de (buurt)ontmoetingsplek en -activiteiten al voldoende soortgelijk aanbod beschikbaar is.

c.de activiteiten of ruimtes al door de gemeente worden gesubsidieerd of bekostigd vanuit andere beleidsterreinen.

d.de aanvrager de te subsidiëren activiteiten niet zal uitvoeren in het kalenderjaar waarover subsidie wordt aangevraagd.

Artikel 9 Beslistermijn

1Het college beslist op een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie uiterlijk vóór 1 januari van het jaar waarop de aanvraag is ingediend. Voorwaarde hiervoor is dat de aanvrager een volledige subsidieaanvraag heeft ingediend uiterlijk vóór 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het jaar waarop de subsidie betrekking heeft.

2In geval het college toestemming heeft verleend voor het later indienen van een aanvraag als bedoeld in artikel 6, tweede lid, beslist het college binnen 3 maanden na ontvangst van de volledige aanvraag.

Artikel 10 Inwerkingtreding

Deze nadere regels treden in werking de dag nadat deze bekend zijn gemaakt.

Artikel 11 Citeertitel

Deze nadere regels worden aangehaald als: Nadere regels (buurt)ontmoetingsplekken en -activiteiten

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.