Aanhef
(Her)inrichting, beheer en onderhoud van de civiele openbare ruimte
Het college besluit
1Het Implementatiekader Civiel 2026 vast te stellen.
2De raad door middel van een raadsbrief te informeren.
Bijlage A. Betrokken assets bij Implementatiekader Civiel
Asset
Hieronder valt:
Hieronder valt niet:
Verlichting en informatieborden
-Verlichting in straten, dreven en wegen;
-Verkeerslichten en dynamisch reis informatiesysteem (bij bushaltes)
-Reclameborden
-laadpalen
Alle openbare verhardingen
-Wegen en paden in eigendom en/of beheer van de gemeente;
-Belijning van alle wegen en paden;
-Inritten, parkeerplaatsen en trottoirs
-Half-verharding, zoals bospaadjes.
-Wegen en paden in eigendom of beheer van andere terreineigenaar
-Achterpaden in beheer van anderen of mandelig.
Kunstwerken
-Alle bruggen, onderdoorgangen, viaducten en ecoducten in eigendom en/of beheer van de gemeente;
-Kademuren en keermuren in eigendom en/of beheer van de gemeente;
-Vlonders: (afbouwen)
-Sluizen en steigers.
-Kunstwerken in eigendom en beheer van andere terreineigenaar
Borden en paaltjes
-Alle paaltjes in eigendom en/of beheer van de gemeente
-Schrikhekken, verkeersborden (RVV), straatnaamborden en informatieborden
-verkeerszuilen
-Reclameborden;
-Verwijzingsborden naar commerciële partijen, bedrijven en instellingen zoals restaurants etc.
Meubilair
-Bankjes, fietsenrekken / fietsennietjes
-Geluidschermen en schanskorven (korven met stenen ter afrastering)
-Losse paaltjes/stenen
-Biggenruggetjes / vierkante witte stenen
-Afrastering tegen overstekend wild.
-Bankjes en picknicktafels van andere organisaties en zelfbeheergroepen;
-Geen echte kunstwerken
-Tijdelijk meubilair, zoals legoblokken
Bijlage B. Aanpak totstandkoming implementatiekader
Verschillende vormen van participatie toegepast
In gesprek met deskundigen van de gemeente
Allereerst is er gesproken met deskundigen binnen de gemeente op het gebied van civiel, zoals op het gebied van inrichting, beheer en onderhoud en het gebruik van civiele infrastructuur. Hierbij zijn dilemma’s en thema’s duidelijk geworden waar zij beleid op nodig hebben. Dit waren tevens onderwerpen waar zij de mening van bewoners en partners wilden weten. Deze onderwerpen hebben we uitgewerkt tot concrete vragen voor bewoners en partners.
Op straat in gesprek met bewoners
In de lente van 2023 zijn we de straat op gegaan en zijn we in gesprek gegaan met bewoners in Almere over het beheer en onderhoud van de civiele infrastructuur in Almere. Door deze gesprekken op straat hebben we een eerste beeld gekregen over hoe bewoners over bepaalde thematiek denken en wat hun voorkeur heeft. Om deze uitkomsten beter te duiden en meer algemene conclusies te kunnen trekken zijn die resultaten meegenomen in een breder onderzoek, namelijk een vragenlijst die naar Almeerders thuis is gestuurd.
Vragenlijst naar de bewoners thuis
De vragenlijst die een representatief aantal bewoners thuis hebben ontvangen en door 2100 bewoners is beantwoord, ging dieper in op het beheer en onderhoud van de civiele infrastructuur in de stad. Hierbij hebben we dilemma’s voorgelegd, en naar voorkeuren gevraagd met betrekking tot de manier van het beheren en onderhouden van de civiele infrastructuur. Deze vragenlijst is opgesteld samen met de beleidskaders Schoon en Groen en bevatte dus ook vragen voor die beleidskaders.
Aan tafel met ondernemers
Almere is niet alleen een stad om te wonen, maar ook om te werken. Dit kan bij een bestaande organisatie zijn, of een eigen bedrijf. Ondernemers zijn vaak gevestigd op bedrijventerreinen. Ook daar spreken we van openbare ruimte en een openbare civiele infrastructuur, dat beheerd en onderhouden moet worden. Door gesprekken te voeren met contactpersonen van ondernemers binnen de gemeente en aan tafel te gaan met een deel van de ondernemers zijn, is naar voren gekomen wat hun mening is over het beheer en onderhoud van de civiele infrastructuur rondom hun bedrijven en ondernemingen.
Bijlage C. Vervolg: doorvertaling implementatiekader naar beheerplannen
Na het opstellen van het Implementatiekader Civiel worden de beheerplannen voor het beheer van de verhardingen, kunstwerken en verlichting opgesteld. Deze beheerplannen dienen als uitwerkingen naar de praktijk, zodat de beheerplannen toepasbaar zijn voor de beheerders in het dagelijks beheer van de verhardingen, kunstwerken en verlichting. Een aantal (ambtelijke) uitvoeringsdocumenten zijn inmiddels al gereed:
•Handreiking Paaltjes Openbare Ruimte (2025);
•Afwegingskader openbare verlichting, sociale veiligheid en ecologie (2026).
Van uitgangspunten naar doelstellingen
Om de uitgangspunten van het Implementatiekader Civiel goed te kunnen toepassen, is het nodig om deze concreet te vertalen naar doelstellingen. Hiervoor worden prestatie indicatoren (PI’s) gebruikt. Dat zijn concrete resultaten die je wil bereiken om je doelen (“je prestaties”, dus de uitgangspunten) te behalen. Door gebruik te maken van deze prestatie indicatoren is het mogelijk om de voortgang te monitoren en te bepalen of resultaten zijn behaald.
Een voorbeeld. Voor uitgangspunt 2 (we richten ons allereerst op het aanleggen en vervangen van de noodzakelijke civiele inrichting) is het doel om de niet-noodzakelijke assets te verminderen. Om te weten of dit lukt kan je enerzijds bij nieuwe assets de data over locatie en levensduur beter bijhouden. En anderzijds bijhouden hoeveel objecten er zijn verwijderd op basis van dit uitgangspunt.
Zorgen voor monitoring, evalueren en bijsturing
Professioneel civiel beheer staat en valt bij het regelmatig te kijken of alles loopt zoals het is gepland. We noemen dit monitoren, analyseren, evalueren en bijsturen. Dit is een vast onderdeel van onze beleidscyclus. Hiervan leren we en verbeteren we de uitvoering.
Jaarlijks monitoren en evalueren we de voortgang van de gestelde beleidsdoelen, waarbij we gebruikmaken van de PI’s. Dit kun je aanvullen door het houden van enquêtes of interviews. Hierbij noteren we in hoeverre we de gestelde doelen hebben behaald. We stellen onszelf vragen zoals: Zijn onze plannen gelukt? Zijn de projecten goed uitgevoerd? Hebben we ons aan het budget gehouden? En heeft het geleid tot wat we wilden bereiken?
Aan de hand van de gegevens uit de analyse kijken we op bijsturing nodig is. Bijvoorbeeld als blijkt dat er nog aanpassingen in ons beheer, onze contracten of werkafspraken nodig zijn om het doel te behalen. Na 5 tot 10 jaar evalueren we of de doelen van het implementatiekader zijn behaald en onderzoeken we of actualiseren van het beleid nodig is.