Hieronder wordt genoemd binnen welke kaders de werkzaamheden plaats vinden.
2. KADERS
2.3. HANDHAVINGSBELEID
2.3.1. Beleidsplan Toezicht en Handhaving fysieke leefomgeving Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel 2017.
Het handhavingsbeleid van beide gemeenten is beschreven in het in 2017 vastgestelde “Beleidsplan Toezicht en Handhaving fysieke leefomgeving Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel 2017” (hierna Beleidsplan Handhaving). In 2021 is er gestart met het opstellen van een nieuw VTH Beleidsplan waarin risicogericht werken centraal zal staan. De verwachting is dat dit eind 2022 vastgesteld wordt.
2.3.2. Het bestaand handhavingsbeleid in een notendop.
Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen willen een veilige, leefbare en duurzame omgeving behouden en daar waar nodig versterken. Goed toezicht op naleving van regels en zo nodig handhavend optreden is een instrument om dit doel te bereiken.
Het doel van handhaving is te bevorderen dat regels worden nageleefd, maar ook om geconstateerde overtredingen te laten stoppen en de gevolgen hiervan ongedaan te (laten) maken.
Preventie
Er wordt vooral ingezet op het voorkomen dat regels worden overtreden. Dit wordt gedaan door:
•Heldere regelgeving;
•Goede voorlichting;
•Consequent toezicht;
•Consequent optreden.
Er wordt bij het laten stoppen van overtredingen oplossingsgericht gewerkt. Als het nodig is wordt handhavend opgetreden.
Meetbare doelen
Gestreefd moet worden naar meetbare en realistische doelen. Het streven naar een veilige, leefbare en duurzame omgeving is een subjectief doel. Wanneer is dit doel bereikt; als 100% van de bevolking dat vindt? En hoe meet je dat?
Bovendien zijn er meer factoren die invloed hebben op de omgeving en op de veiligheid en leefbaarheid daarvan.
De aandacht wordt gericht op het toezicht op de naleving van voorschriften vooral op potentiële overtreders (de grootste naleefrisico’s). Zo zullen er bij vergunning soort c.q. bedrijven waar een slecht naleefgedrag wordt gemeten vaker en meer controles plaatsvinden dan bij die waar de regels wel goed worden nageleefd. Goed naleefgedrag wordt daarbij dus ook “beloond”. Deze werkwijze stimuleert goed naleefgedrag, bovendien wordt de beschikbare handhavingscapaciteit efficiënter ingezet.
Omdat de aandacht voornamelijk uitgaat naar potentiële overtreders is het niet naleven in verhouding tot wel naleven niet in absolute cijfers uit te drukken. Wel is een trend te meten. Een eerdere overtreder die bij een volgende controle wel aan alle voorschriften voldoet kan worden gezien als “winst”.
Ook zal een verbetering van het naleefgedrag logischerwijs leiden tot minder klachten en meldingen.
Om inzicht te krijgen in het naleefgedrag wordt nauwkeurig geregistreerd waarop toezicht wordt uitgeoefend en welke handhavingsacties zijn gevoerd. De verhouding naleving/niet naleving wordt uitgedrukt in een naleefscore. (Meetbaar) doel is deze naleefscore te laten stijgen en hier de aandacht te verleggen naar die onderdelen waar de naleefscore niet stijgt of zelfs daalt.
Een logisch doel van dit handhavingsprogramma is dat alle hierin genoemde activiteiten ook daadwerkelijk worden uitgevoerd. Dit wordt gemeten en verantwoord in het jaarverslag 2021 (begin 2022).
Prioriteiten (WAT)
Overal op controleren is niet reëel. Er moeten keuzes worden gemaakt waarvoor de beschikbare capaciteit wordt ingezet.
De activiteiten/overtredingen die een bedreiging vormen voor het algemene doel een veilige, leefbare en duurzame omgeving te willen behouden of te creëren, worden met voorrang behandeld ten opzichte van activiteiten/overtredingen die hier minder invloed op hebben.
Ook het doel het naleefgedrag te verbeteren leidt tot een verschuiving van aandacht. Zoals hiervoor genoemd worden bij bedrijfscontroles eerdere overtreders vaker bezocht dan bedrijven die de zaken goed op orde hebben.
In het Beleidsplan Handhaving worden prioriteitsaspecten genoemd die, als deze van toepassing zijn, extra risico’s vormen om de handhavingsdoelen te halen.
Prioriteitsaspecten:
1Veiligheid
2Schade
3Onomkeerbaarheid
4Ernstige overlast
5Externe verplichting
6Geloofwaardigheid gemeente
Alle mogelijke overtredingen zijn onderverdeeld in drie categorieën, “hoog”, “midden” en “laag”. Activiteiten en overtredingen die in de categorie “hoog” vallen, worden met de hoogste prioriteit opgepakt. Activiteiten vallend in de categorieën “midden” en “laag” worden opgepakt op het moment dat hier binnen het team tijd voor is, waarbij de categorie midden- overtredingen voorrang hebben op Categorie laag-overtredingen. Een eenvoudige maar (zo is gebleken) doeltreffende risicoanalyse. In Bijlage 1 worden de prioriteiten voor 2022 weergegeven.
Er wordt opgetreden:
1Als een of meer van de prioriteitsaspecten aan de orde is;
2Als niet optreden leidt of kan leiden tot een of meer prioriteitsaspecten;
3Bij overige overtredingen op het moment dat daar tijd voor beschikbaar is, volgens de prioritering in Bijlage 1;
4Bij overtredingen geconstateerd bij handhavingsprojecten genoemd in dit programma.
Handhavingsstrategie (HOE)
Als een overtreding wordt geconstateerd, dan moet deze worden beëindigd. In de aanpak van overtredingen zal door de toezichthouders oplossingsgericht te werk worden gegaan. Is, om wat voor reden dan ook, een milde oplossing niet mogelijk/gewenst dan wordt binnen de gestelde prioriteiten handhavend opgetreden. Om willekeur te voorkomen wordt volgens een vaste handhavingsstrategie opgetreden. Deze is verwoord in hoofdstuk 6 van het Beleidsplan Handhaving. De keuze van welk handhavingsmiddel wordt ingezet en welke strategie wordt toegepast, is verwoord in een matrix. Deze interventiematrix is opgenomen in Bijlage 2.
Deze interventiestrategie is in zijn algemeenheid overeenkomstig de Landelijke Handhavingsstrategie (LHS). Op een paar punten is de LHS aan de lokale situatie aangepast.
Naleefscore
Per onderdeel (zoals bijvoorbeeld kapvergunningen, sloopvergunningen en milieucontroles bij bedrijven) wordt bijgehouden wat het percentage goede naleving is. Is dit percentage gedurende 2 achtereenvolgende jaren hoger dan 85%, dan wordt de controle-intensiteit (hoe vaak en hoe veel controleer je) in principe naar beneden gebracht. De controlefrequentie zal nooit onder de 10% mogen liggen. Andersom, als de naleefscore 2 jaren achtereen onder de 50% ligt dan zal de controle-intensiteit indien mogelijk worden verhoogd.
In paragraaf 3.4. wordt per onderdeel rekening gehouden met deze regel. Als de controlefrequentie wijzigt ten opzichte van vorig jaar/voorgaande jaren, dan wordt dit hier benoemd.
2.3.3. Strafrechtelijk optreden
Met het vaststellen van de Landelijke Handhavingsstrategie (LHS) door alle bevoegde gezagen in Fryslân (Gemeenten, Provincie en Wetterskip) wordt strafrecht meer en meer een middel dat toegepast wordt door de gemeente om overtredingen tegen te gaan. In de handhavingsmatrix als onderdeel van de LHS (Bijlage 2) wordt aangegeven bij welk soort overtreding strafrechtelijk optreden moet worden overwogen.
Om strafrechtelijk op te kunnen treden wijst de gemeente Bijzondere opsporingsambtenaren (BOA’s) aan.
Er zijn in het fysieke domein twee soorten BOA’s.
-BOA’s domein I, (BOA I). Deze treden op in het publieke domein (algemene overlast APV), Verkeer (zoals parkeren) en de Alcoholwet (voorheen D&H Wet);
-BOA’s domein II (BOA II), ook wel Milieu-Boa’s genaamd treden op in het WABO- domein. Dit betreft niet alleen Milieu, maar ook Bouwen, Slopen, RO en Kappen.
In het VTH-overleg
1Een formeel bestuurlijk overleg tussen alle instanties die betrekking hebben op Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving in het fysiek domein. Deelnemers zijn: Provincie Fryslân, Friese gemeenten, Wetterskip Fryslân, FUMO, Openbaar Ministerie, Politie, It Fryske Gea, Staatbosbeheer en Hengelsport Fryslân.
is besloten dat er een provincie dekkende BOA II-structuur moest worden opgezet. In Noordoost Fryslân is de samenwerking gezocht en gevonden. Er is een samenwerkingsverband opgezet voor de BOA domein II. Hiermee wordt voldaan aan de kwaliteitscriteria. Momenteel is er nog een BOA II bij 8kTD in opleiding. De verwachting is dat deze medio 2022 ingezet kan worden.
Ten behoeve van de overweging om wel of niet strafrechtelijk op te treden is door beide gemeenten een afwegingskader vastgesteld. Dit kader
2Zie hiervoor de notitie “Toepassen gemeentelijk strafrecht in de Landelijke Handhavingsstrategie.”
is richtinggevend voor de BOA’s in hun keuze wel of niet strafrechtelijk op te treden bij een concrete zaak.
Binnen het team VTH-V zijn vier medewerkers aangewezen als Buitengewoon Opsporingsambtenaar (BOA); twee voor Domein I en twee voor Domein II.
2.3.4. Privaatrechtelijk optreden
Dit programma gaat hoofdzakelijk over bestuursrechtelijk en strafrechtelijk (zie § 2.3.3.) optreden tegen overtredingen. Hierop is de formatie berekend. Een ander instrument is privaatrechtelijk optreden. Dit is aan de orde als de gemeente zelf partij is. Bijvoorbeeld wanneer voorwaarden uit een contract tussen de gemeente en een derde niet worden nagekomen. Hier tegen optreden is ook (sinds 2019) een taak van team VTH-V. In 2021 is er bij de handhavingsjuristen structureel formatie (0,6 fte) toegevoegd t.b.v. privaatrechtelijke handhaving.
2.3.5. Leerpunten uit het jaarverslag 2020
Het Jaarverslag Toezicht en Handhaving 2020 leert dat het doel: verbetering van het naleefgedrag, is gehaald. Het naleefgedrag is achtereenvolgend 70% (2017)/ 72% (2018) / 74% (2019) / 79% (2020). Hierbij moet wel worden opgemerkt dat het jaar 2020 vooral in het teken stond van Corona. Het toezicht op de Coronamaatregelen soupeerde een groot deel van de formatie op. Hierdoor is het eindresultaat (naleefgedrag 79%) vertekenend en niet representatief te noemen.
3. UITVOERINGSPROGRAMMA
3.1. ORGANISATIE
3.1.1. Handboek Toezicht en Handhaving
Ten behoeve van een adequate uitvoering van de handhavingstaak wordt een Handboek handhaving Toezicht en Handhaving opgesteld. In dit handboek worden protocollen en werkwijzen vastgelegd. In voorgaande jaren zijn een aantal protocollen aangepast/geactualiseerd. In 2022 wordt hier een vervolg aan gegeven.
3.1.2. Opleidingen
Het op peil houden of brengen van inhoudelijke kennis is noodzakelijk voor professioneel toezicht en handhaving. Daarnaast zijn voor een aantal functies binnen de eenheid Toezicht kwaliteitscriteria vastgesteld. De medewerkers die deze functies bekleden moeten o.a. voldoen aan bepaalde opleidingseisen. Dit is geborgd bij de medewerker Kwaliteit en Ontwikkeling VTH.
Voor het op peil houden van de kennis bij de medewerkers is in de begroting van de Werkmaatschappij 8KTD opleidingsbudget opgenomen.
Ten behoeve van de eenheid Toezicht en Handhaving zijn in ieder geval de volgende opleidingen gepland.
Permanente her- en bijscholing BOA’s
Alle 4 BOA’s moeten ieder jaar een module volgen in het kader van permanente her- en bijscholing. Alleen bij het voldoen aan deze opleidingseis kunnen de BOA-bevoegdheden worden behouden. Er is met een externe organisatie (NIVOO) een opleidingsovereenkomst afgesloten. NIVOO houdt voor onze gemeente bij wanneer door wie een module gevolgd moet worden.
Kwaliteitscriteria
Op grond van de Wabo-kwaliteitscriteria (zie 3.1.3.) moeten medewerkers (bij)scholing volgen, om te kunnen voldoen aan deze criteria.
Resultaatgericht Werken
In 2021 is de organisatie 8KTD gestart met Resultaatgericht Werken. Dit wordt volgens de A3 methode uitgevoerd. Deze manier van werken is nieuw en vraagt om opleiding. Vanuit de eigen organisatie zullen de medewerkers worden opgeleid.
Overig
Voor het overige wordt ad-hoc bijscholingstraject gevolgd, al naar gelang de behoefte.
3.1.3. Implementatie Wabo-kwaliteitscriteria
Op grond van het besluit omgevingsrecht (BOR) moet de uitvoering van de Wabo taken
3Voor dit programma meer concreet toezicht en handhaving Omgevingsvergunningen en -meldingen onderdelen milieu, bouwen, slopen, RO, reclame, inritten en kappen.
voldoen aan kwaliteitscriteria. Er gelden criteria voor de medewerkers (opleiding, frequentie en aantal medewerkers per taak) en voor de organisatie procescriteria (inrichting, beleid, borging).
In Fryslân zijn de landelijke kwaliteitscriteria 2.1 vertaald naar een provinciaal model, het zogenaamde Frysk Peil. Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen hebben in een verordening vastgelegd dat de medewerkers en de organisaties moeten voldoen aan dit kwaliteitsniveau. Op Friese schaal is een projectgroep bezig met het doen van voorstellen hoe aan de procescriteria (waaronder een provincie brede omgevings- en risicoanalyse) kan worden voldaan.
In 2019 is door de beide colleges een verbeterplan vastgesteld, waarin staat wat er moet worden gedaan om aan de kwaliteitscriteria te voldoen. Met betrekking tot de massacriteria is er nog een opleidingsnoodzaak voor een aantal medewerkers. Volgens het verbeterplan worden deze gevolgd.
Per 1 juli 2019 zijn de Kwaliteitscriteria geüpdatet naar een KC 2.2 versie. Om de kwaliteit binnen het Frysk Peil actueel te houden, is de gelijkluidende Friese set VTH-Kwaliteitscriteria aangesloten bij het geüpdatete begrippenkader als gebruikt in de KC 2.2. Een aangepast verbeterplan is reeds opgesteld en wordt begin 2022 aan beide colleges voorgelegd.
3.2. BELEID
3.2.1. Uniform uitvoerings- en handhavingsbeleid basistaken
Op grond van de Wet VTH moet er voor de basistaken
4Dit zijn de taken die de FUMO, verplicht voor ons uitvoert.
uniform (provinciaal) beleid worden opgesteld. Dit beleidsplan is onderhand opgesteld en voorgelegd aan de beide colleges. Wij zullen ons beleid af moeten stemmen op dit beleid (level playing field).
3.2.2. Provinciale en regionale BOA-structuur
In § 2.3.3. is beschreven dat strafrechtelijk optreden door de gemeenten een steeds belangrijker middel wordt om de handhavingsdoelen
5Het verbeteren van het naleefgedrag, om bij te dragen aan een veilige, leefbare en duurzame leefomgeving.
te bereiken. Er is in Fryslân een provincie dekkende BOA II-structuur opgezet. Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel hebben we ervoor gekozen om de BOA II-taak zelf uit te voeren. Er is hierbij de samenwerking gezocht in Noordoost Fryslân (Noardeast-Fryslân en Dantumadiel). Niet alleen wordt daarmee voldaan aan de Wabo-kwaliteitscriteria (zie § 3.1.3.), we kunnen elkaar ook versterken en we zijn minder kwetsbaar. Zo mogen de BOA’s van 8KTD controles uitvoeren op grond van de Alcoholwet. Iets waar de BOA’s van Noardeast-Fryslân niet voor zijn opgeleid. De samenwerking is in 2020 gestart. Alle BOA’s in Noordoost Fryslân worden in de samenwerking ingebracht (ca 10 medewerkers). Dit geldt ook voor de BOA’s domein I (waaronder openbare orde en Alcoholwet). Voor de coördinatie wordt een medewerker van Noardeast-Fryslân ingezet.
3.3. OPZET TOEZICHT
3.3.1. Vergunning-/melding gericht toezicht.
De gemeentes stellen voorwaarden aan vergunningen die zij verlenen. Van belang is dat de gemeentes er ook op toezien dat deze regels worden nageleefd. Op basis van de naleefscore (zie paragraaf 3.3.2.) worden nieuw verleende vergunningen en meldingen, waaraan voorschriften worden verbonden gecontroleerd op naleving van deze voorschriften.
Er zijn verschillende moment waarop een vergunning wordt gecontroleerd:
-Nieuwe vergunningen/ meldingen
Deze worden gecontroleerd bij de uitvoering en daarna niet meer.
-In de gebruiksfase
Deze vergunningen worden zolang ze van kracht zijn periodiek gecontroleerd. Dit zijn:
-Omgevingsvergunningen/-meldingen Milieu;
-Omgevingsvergunningen/-meldingen Brandveilig gebruik;
-Horecavergunningen/-meldingen;
-Vergunningen Wet Kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen.
3.3.2. Controlefrequentie
Overeenkomstig het handhavingsbeleid worden vergunningen die in voorgaande jaren niet goed worden nageleefd (naleefscore < 85 %) allemaal gecontroleerd. Worden vergunningen wel goed nageleefd (naleefscore > 85 %) dan wordt 10 % van de verleende vergunningen gecontroleerd op naleving van de voorschriften. Bij het toezicht op naleving van sloopmeldingen wordt hiervan afgeweken, omdat hierbij het aspect Veiligheid (handelingen met asbest) aan de orde is. Ondanks een goede naleving worden alle sloopmeldingen gecontroleerd.
3.4. TOEZICHT
3.4.1. Evenementenvergunning
In 2022 worden ca 400 (gemiddelde 2019/2020) aanvragen voor een evenementenvergunning verwacht. Deze zullen niet allemaal worden gecontroleerd. Veel evenementen zijn zodanig van aard dat toezicht niet altijd nodig is. Controles worden alleen uitgevoerd bij risicovolle evenementen. Hieronder worden evenementen verstaan waarvan op basis van omvang en/of eerdere ervaringen overlast verwacht kan worden, zoals grotere evenementen als het Concours Hippique Buitenpost en de Wielerronde Surhuisterveen.
Op basis van ervaring uit voorgaande jaren is ca 10 % van de verleende evenementen- vergunningen/meldingen (40) aan te merken als risicovol. Op basis van de impact van grote en risicovolle evenementen is het wenselijk dat bij ieder van dit soort evenementen toezicht wordt uitgeoefend.
Naleefscore
2020
Controlefrequentie
Beleid (§ 3.3.2.)
Opmerkingen
Controles 2022
nvt
10%
Grote impact op openbare orde
en Veiligheid. Frequentie 100 %
40
3.4.2. Brandveiligheid evenementen/kermissen
De medewerkers Brandpreventie zien toe op brandveiligheidsregels zoals vluchtroutes en brandbaarheid van versieringen bij (grote) evenementen en kermissen. Er zullen ca. 60 evenementen/kermissen worden gecontroleerd.
Naleefscore
2020
Controlefrequentie
Beleid (§ 3.3.2.)
Opmerkingen
Controles 2022
nvt
100%
60
3.4.3. Omgevingsvergunning onderdeel Kap/kapmeldingen
Niet alle omgevingsvergunningen onderdeel kap worden gecontroleerd. Aan veel vergunningen worden geen voorschriften verbonden. Een kapmelding moet worden gedaan bij onderhoud van houtwallen/-singels. Deze worden wel allemaal op naleving van (algemene) voorschriften gecontroleerd. Op basis van voorgaande jaren wordt geschat dat in dit programmajaar 155 kapvergunningen worden verleend en 180 kapmeldingen worden ontvangen. Alle kapvergunningen met voorwaarden (ca 50 %) en alle kapmeldingen worden gecontroleerd.
Naleefscore
2020
Controlefrequentie
Beleid (§ 3.3.2.)
Opmerkingen
Controles 2022
80%
100%
255
3.4.4. Ontheffing verbranden snoeihout
Bij het onderhoud aan het landschap (kap- en snoeiwerk bij houtsingels) wordt aan landeigenaren/-beheerders vaak een ontheffing verleend van de APV om dit hout ter plaatse te verbranden. Jaarlijks worden ongeveer 180 ontheffingen verleend. Deze worden allemaal gecontroleerd.
Naleefscore
2020
Controlefrequentie
Beleid (§ 3.3.2.)
Opmerkingen
Controles 2022
80%
100%
180
3.4.5. Omgevingsvergunning, onderdeel Aanleg
Voor bepaalde activiteiten die van invloed zijn op (o.a. landschappelijke) waarden moet een Omgevingsvergunning, onderdeel Aanleg worden aangevraagd. Een en ander is geregeld in het bestemmingsplan. Voorbeelden van activiteiten zijn het dempen van sloten, het rooien van boomwallen en het ophogen van landerijen. Geschat wordt dat in dit programmajaar 18 aanlegvergunningen worden verleend.
Naleefscore
2020
Controlefrequentie
Beleid (§ 3.3.2.)
Opmerkingen
Controles 2022
70%
10%
2
3.4.6. Omgevingsvergunning, onderdeel Bouwen
De omgevingsvergunningen onderdeel Bouw worden tijdens verschillende bouwfasen gecontroleerd. De te onderscheiden fasen tijdens de bouw zijn: Bij het uitzetten van het werk, bij het storten van de fundering, tijdens de bouw van de begane grond, tijdens de bouw van het casco en tijdens de afbouw.
Hierbij wordt gebruik gemaakt van het toezicht protocol van de Vereniging BWT.
In Tytsjerksteradiel richt het toezicht zich op de hoofdstukken Veiligheid, Gezondheid en Energiezuinigheid uit het Bouwbesluit. Het hoofdstuk Bruikbaarheid krijgt niet of minder aandacht.
In Achtkarspelen is het toezicht alleen gericht op het onderdeel Veiligheid (Fundering en constructie). Het ontslaat de vergunninghouder overigens niet van het zich houden aan de regels van de overige onderdelen.
In beide gemeenten is het uitzetten van een bouwwerk vanwege de onomkeerbaarheid een integraal onderdeel van het toezicht.
Naast deze inhoudelijke aspecten worden diensten aan andere afdelingen geleverd ten behoeve van Basisadministratie gebouwen (BAG; verplicht) en de Onroerendzaakbelasting (WOZ; van invloed op de hoogte van de belasting. Concreet betekent dit het afhandelen van Start- en gereedmeldingen en het bijhouden van de vorderingen in de bouw.
Geschat wordt dat er in 2022 ca. 530 omgevingsvergunningen, onderdeel Bouw worden verleend, 265 voor Tytsjerksteradiel en 265 voor Achtkarspelen. Deze worden allemaal op bovenstaande wijze gecontroleerd.
Naleefscore
2020
Controlefrequentie
Beleid (§ 3.3.2.)
Opmerkingen
Controles 2022
88%
100%
530
3.4.7. Erfgoed
Het toezicht op behoud van cultureel erfgoed is een belangrijke zaak. Ongeoorloofde veranderingen zijn meestal niet terug te draaien. Er zijn in Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel 225 rijksmonumenten. Het zonder Monumentenvergunning veranderen, beschadigen of vernielen van een monument is strafbaar (Economisch delict). Er worden per jaar enkele Omgevingsvergunningen onderdeel Monumenten verleend. Er wordt in alle gevallen toegezien op juiste uitvoering van de vergunningen. Verder zijn we alert op illegale activiteiten op dit gebied.
3.4.8. Brandveilig gebruik
Brandveiligheid heeft een hoge prioriteit binnen onze organisatie. Het voornaamste doel is het voorkomen van doden en gewonden en het voorkomen van uitbreiding van brand naar andere percelen.
Het toezicht bij het onderdeel brandveiligheid richt zich op de vergunning/ meldingplichtige objecten. Dit zijn bijvoorbeeld scholen, tehuizen en andere plaatsen die voor publiek toegankelijk zijn zoals horeca en sporthallen. Het gebruik van gebouwen en inrichtingen moet voldoen aan de eisen die zijn vastgelegd in het Bouwbesluit en de voorwaarden die bij de verleende vergunningen horen.
Naleefscore
2020
Controlefrequentie
Beleid (§ 3.3.2.)
Opmerkingen
Controles 2022
nvt
100%
235
3.4.9. Milieutoezicht
Al sinds het begin van de 90er jaren wordt het gericht milieutoezicht bij bedrijven op dezelfde wijze gepland. Alle bedrijven worden verdeeld in 4 categorieën, waarbij de categorie-1 bedrijven de minste potentiële belasting hebben en categorie-4 bedrijven de meeste. Er wordt een vaste controlefrequentie aan de categorisering gehangen. De “zwaardere” bedrijven worden vaker gecontroleerd dan de minder zware. Tytsjerksteradiel heeft daar nog tussencategorieën ingevoegd. Bedrijven die goed naleefgedrag vertonen worden minder vaak gecontroleerd dan bedrijven waar bij de laatste controle overtreding zijn geconstateerd.
Strikte toepassing van deze systematiek heeft ertoe geleid dat de naleving van de voorschriften is verbeterd.
Een stringente toepassing van een meerjarenplanning heeft ook nadelen. Zo zal het niet halen van een jaarplanning, bijvoorbeeld door ziekte, het volgende jaar leiden tot extra druk op de planning. Iets wat met de huidige bezetting moeilijk op te vangen is.
Projectmatig werken
Om bovenstaande reden en in een poging om het naleefgedrag een boost te geven, wordt gekozen om het milieutoezicht voortaan projectgewijs te organiseren. Er kan nu gericht op aspecten worden gestuurd. Er kan ook beter worden ingespeeld op landelijke en lokale ontwikkelingen en regelgeving. Ieder jaar worden gerichte projecten gepland, waarop de beschikbare capaciteit deels wordt ingezet.
Deze nieuwe werkwijze past binnen de meer activiteitengerichte benadering van het Activiteitenbesluit.
Vaste onderdelen milieutoezicht
Aandachtsbedrijven
In Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen worden in 2022 ca. 30 zogenaamde categorie 35- bedrijven gecontroleerd. Dit zijn de zwaarste bedrijven (met de grootste potentiële milieubelasting) waarbij het milieutoezicht door de gemeente wordt gedaan en die bij de laatst gehouden controle niet aan alle milieuvoorschriften voldeden.
Deze worden allemaal gecontroleerd op naleving van de voorschriften uit het Activiteitenbesluit.
Opleveringscontroles
Bedrijven die nieuw zijn of bestaande bedrijven die een belangrijke wijziging/uitbreiding doorvoeren, worden gecontroleerd op het juist melden hiervan bij de gemeente. Met deze bedrijven wordt ook besproken welke voorschriften op de activiteiten van toepassing zijn en worden -indien van toepassing- afspraken gemaakt over het voldoen aan deze voorschriften of het indienen van verplichte onderzoeksrapporten. Dit soort controles zijn dus vooral informatief van aard; de inrichting houder helpen aan de voorschriften te voldoen. Hierna treedt het toezichttraject in werking.
Achterstand
Voor 2022 wordt er gekozen om bedrijven (niet zijnde cat. 30) die al geruime tijd geen controle hebben gehad te gaan controleren. Het bedrijvenbestand is gescreend op achterstand en hieruit is een lijst met bedrijven gekomen. Er heeft daarna een random selectie plaatsgevonden waarbij er 30 bedrijven zijn geselecteerd.
3.4.10 Bodemenergie
De verwachting is dat jaarlijks 5 bodemenergiesystemen zullen worden opgericht per gemeente. Elk systeem moet direct na oprichting op goede werking worden gecontroleerd.
3.4.11 Wet Kinderopvang
De GGD voert controles uit bij de kinderdagverblijven, peuterspeelzalen en Buitenschoolse opvangen (BSO’s) en gastouders. Dit gebeurt volgens een landelijk protocol. Indien van toepassing wordt door de eenheid T&H handhavend opgetreden. In 2022 worden alle ca. 70 objecten gecontroleerd. De resultaten worden in een landelijk register opgenomen.
3.4.12 Horeca
Vergunningen
Er wordt toezicht op de Alcoholwet -vergunningen, de Alcoholverordening, horeca- exploitatievergunningen en de Wet op de kansspelen uitgeoefend. Er zijn in totaal ca. 110 horecabedrijven in beide gemeenten. Over het algemeen houdt de horeca zich prima aan de regels rondom deze regelingen. Uitzondering is het verbod op verstrekking van alcoholhoudende dank aan personen jonger dan 18 jaar c.q. het vragen om een ID bij jongeren. Toezicht hierop vindt grootschalig tweejaarlijks. Dit zou in 2022 weer worden uitgevoerd. Echter is dit niet tijdig meegenomen in de begroting en zal het toezicht in 2023 worden uitgevoerd. Controle op het verstrekverbod vindt steekproefsgewijs plaats.
Naleefscore
2020
Controlefrequentie
Beleid (§ 3.3.2.)
Opmerkingen
Controles
2022
N.v.t.
10%
11
Horecaconvenant
Met de meeste horecabedrijven en para commerciële horeca-inrichtingen (sportkantines, dorpshuizen e.d.) is een convenant afgesloten. In het convenant staat dat er bij deelnemers aan het convenant minder vaak toezicht zal plaats zal vinden (10 %), Dit geldt niet als er sprake is van overtredingen. Niet-deelnemers worden minimaal éénmaal gecontroleerd. Er zijn ca. 180 horeca- en para commerciële horeca-inrichtingen aanwezig. Toezicht op de drankverkoop door de slijterijen en supermarkten zal ad hoc plaatsvinden. Zeker rond jeugdfeesten, waarbij uit ervaring blijkt dat de jeugd vóór deze feesten drank wil kopen, zal gericht toezicht op de detailhandel plaatsvinden.
3.4.13 Registerplicht handelaren tweedehands goederen
Handelaren in tweedehands goederen zijn conform artikel 437 van het Wetboek van Strafrecht verplicht aantekening te houden van alle gebruikte en ongeregelde goederen die zij verworven hebben in een doorlopend en een door of namens de burgemeester gewaarmerkt register. De burgemeester heeft hiervoor het Digitaal Opkopers Register (DOR) gewaarmerkt.
Het doel is om de afzetmarkt voor gestolen goederen te verstoren en de pakkans van woninginbrekers te vergroten. Het gebruik van het DOR draagt bij aan dit doel, omdat de ingevoerde goederen automatisch worden gecontroleerd in het politiesysteem. Daarmee wordt inzichtelijk of goederen afkomstig zijn van diefstal.
Op basis van de Kamer van Koophandel zijn er circa dertig geregistreerde handelaren. Verwacht wordt dat bij iedere handelaar een her controle moet worden uitgevoerd, omdat de bestaande wettelijke taak opnieuw bij handelaren onder de aandacht wordt gebracht.
3.4.14. Verkeer
In 2020 is een BOA I aangewezen voor verkeerszaken. Deze bevoegdheid wordt beperkt ingezet bij parkeerknelpunten, zoals hinderlijk parkeren in blauwe zones en andere verkeersexcessen.
3.5. PROJECTEN
3.5.1. Toezicht Informatieplicht energiebesparing
De informatieplicht energiebesparing voor bedrijven en organisaties is op 1 juli 2019 in werking getreden. Een inrichting met een verbruik van meer dan 50.000 kWh elektriciteit of
25.000 m3 aardgasequivalent per kalenderjaar moet energiebesparende maatregelen treffen met terugverdientijd van 5 jaar of minder.
Organisaties moeten om de vier jaar het bevoegde gezag informeren over de genomen maatregelen. Voor de beide gemeenten samen, gaat het om ongeveer 400 bedrijven.
Het bevoegd gezag is verantwoordelijk voor toezicht op en handhaving van de wettelijke energiebesparingsplicht en de informatieplicht. In 2022 zullen de binnengekomen gegevens uit 2021 verder worden beoordeeld en verwerkt. Handhaving zal worden opgestart wanneer hier aanleiding toe is. In het kader van versterkte uitvoering Informatieplicht zal in samenwerking met de FUMO en een extern adviesbureau controles worden uitgevoerd. Net als in 2021 zal een nog een nader te bepalen aantal bedrijven worden bezocht die voldaan hebben aan de informatieplicht, maar nog niet aan de verplichting voldaan hebben, om alle vastgestelde maatregelen uit te voeren. Tevens zullen er bij een aantal bedrijven her controles worden uitgevoerd naar aanleiding van eerdere bezoeken.
3.5.2. Handhaving op grondstoffenbeleidsplan
Op 1 januari 2021 is het grondstoffenbeleidsplan in werking getreden in de gemeente Tytsjerksteradiel. Het beleidsplan regelt o.a. dat de frequentie van het ledigen van de grijze container wordt verlaagd. Deze maatregel moet bijdragen aan het beter scheiden (o.a. glas, papier, textiel, groen) van afval en zo het verminderen van de kilo’s van het “grijze” afval.
Naast een afvalcoach wordt er ook een beroep gedaan op Toezicht en Handhaving. Eén van de BOA I medewerkers wordt ingezet om excessen met afvalafgifte (o.a. afvalbrandjes, afvaldumpingen, onjuiste afvalstromen in de grijze container, grijs afval in groene container) aan te pakken. Hierbij is er regelmatig overleg met de beleidsmedewerkers van beheer en de afvalinzamelaars van de buitendienst.
BIJLAGE 1 HANDHAVINGSPRIORITEITEN 2022
NB: Onderstaande activiteiten hebben altijd een hoge prioriteit als één van de prioriteitsaspecten (zie 2.3.2 blz. 8) aan de orde is.
HANDHAVINGSPRIORITEITEN, waarbij geen prioriteitsaspect aan de orde is
ACTIVITEIT
PRIORITEIT
Milieu
Illegale bedrijvigheid
Midden
Illegale grondtoepassing
Midden
Illegale toepassing niet vormgegeven bouwstoffen
Midden
Toepassing vormgegeven bouwstoffen
Laag
Bodemsanering
Midden
Sanering niet meer in gebruik zijnde ondergrondse tanks
Midden
Storten op of in de bodem
Midden
Bouwen
Illegale bouw
Midden
Illegale sloop
Laag
Gebruik zonder gebruiksvergunning
Midden
Gebouwenkwaliteit
Laag
Veranderen zonder monumentenvergunning
Midden
Openbare ruimte/ landschap
Afvalscheiding door huishoudens
Laag
Opruimplicht hondenpoep
Laag
Aansluiting op de riolering
Midden
Bescherming individuele bomen
Midden
Bescherming dijkswallen houtsingels
Midden
Illegale kap (karakteristieke) bomen bebouwde kom
Midden
Illegale kap/gebruik gemeentelijke grond
Midden
Annexatie gemeentelijke grond
Midden
Parkeren gemeentelijk groen en bermen
Midden
Vernieling gemeentelijk plantsoen
Midden
Illegaal gebruik bestrijdingsmiddelen
Midden
Branden snoeiafval
Midden
Ruimtelijke Ordening
Gebruik gronden/bouwwerken buitengebied
Midden
Gebruik gronden/bouwwerken dorpen/clusterbebouwing
Midden
Gebruik gronden/bouwwerken bedrijven-/ recreatieterreinen
Midden
Zonder aanlegvergunning buitengebied
Midden
Zonder aanlegvergunning dorpen/clusterbebouwing
Midden
Zonder aanlegvergunning bedrijven- / recreatieterreinen
Laag
Illegale bewoning recreatieterreinen
Laag
Illegale bewoning bedrijfspanden
Midden
APV
dieren
Loslopende honden
Laag
Verontreiniging door honden, paarden en pony's
Laag
Gevaarlijke honden
Midden
Houden van hinderlijke of schadelijke dieren
Laag
Loslopend vee en pluimvee
Laag
Duiven
Laag
geluidhinder door dieren
Laag
Hobbymatig houden van dieren
Laag
Opslag van mest
Laag
openbare weg
voorwerpen/stoffen aan of boven de weg
Laag
Hinderlijke beplanting/voorwerpen
Midden
Gevaarlijk of hinderlijk voorwerp
Midden
Plakken en kladden
Laag
Hinderlijk gedrag
Midden
drankgebruik
Midden
Drugshandel op straat
Midden
Verontreiniging van de weg en van terreinen
Midden
Verontreiniging bij werkzaamheden op de weg
Midden
Defecte voertuigen
Laag
Aantasting groenvoorziening door voertuigen
Midden
Voertuigwrakken
Midden
Caravans e.d.
Laag
Parkeeroverlast
Laag
op/aan het water
Voorwerpen op, in of boven openbaar water
Laag
Innemen ligplaats
Laag
Aanleggen
Laag
Aanwijzing ligplaats/aanlegmogelijkheid
Laag
Overlast van vaartuigen
Laag
handel/bedrijven/evenementen
Illegale evenementen
Midden
Speelautomaten
Midden
Sexinrichtingen en escortservice
Laag
Illegale handelsreclame
Laag
Inzameling van geld en goederen
Laag
Standplaatsen
Laag
Geluid
Overige geluidhinder
Midden
gebruik geluidsapparatuur in de open lucht
Midden
Overig
Toezicht collectieve festiviteiten
Midden
Opslag voer- en vaartuigen, mest, afvalstoffen e.d.
Laag
Crossterreinen
Midden
Verbod vuur te stoken
Midden
Overige overtredingen
Laag