Gemeentelijke regelgeving

Agressieprotocol/protocol normoverschrijdend gedrag tegen Politieke Ambtsdragers Gemeente Aalten

Gemeente Aalten · geldt sinds 1 januari 2025

Aanhef

De raad van de gemeente Aalten;

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 5 november 2024;

Besluit:

vast te stellen het Agressieprotocol/protocol normoverschrijdend gedrag tegen Politieke Ambtsdragers Gemeente Aalten.

4. Preventie

4.1 Dialoog, training

•Bij een nieuwe raads- en collegeperiode wordt in een bijeenkomst met politieke ambtsdragers

stil gestaan bij de uitgangspunten van veilig en integer werken, de gemeentelijke norm, dit

protocol, mogelijke effecten van grensoverschrijdend gedrag, hoe ambtsdragers kunnen

anticiperen op normoverschrijdend gedrag.

•Vaardigheidstrainingen voor burgemeester, wethouders, raadsleden en fractievolgers worden

naar behoefte ‘op maat” aangeboden vanuit de griffie en organisatie.

•Jaarlijks wordt een geanonimiseerd verslag gemaakt van de incidenten door de griffie m.b.t.

incidenten met raadsleden en fractievolgers en door de afdeling P&O m.b.t. incidenten met de

burgemeester en wethouders.

•Tweejaarlijks worden ervaringen en dilemma’s in de aanpak besproken op basis van de

jaarverslagen. Waar relevant worden ook vertegenwoordigers van de griffie en/of ambtelijke

organisatie uitgenodigd om casuïstiek, waarin het samenspel tussen politieke ambtsdragers

en ambtenaren in het bijzonder van belang is/was, te bespreken en om afspraken te maken

voor de toekomst.

•Normoverschrijdend gedrag is samen met het onderwerp integriteit een vast agendapunt voor

de vergaderingen van het Presidium.

4.2. Organisatorische maatregelen

•Als politieke ambtsdragers tijdens kantoortijden een gesprek met een burger voeren in het

gemeentehuis en mogelijke problemen verwachten of vooraf is duidelijk dat dit een

risicogesprek wordt en/of dit nodig achten of zich daar prettiger bij voelen, doen ze dat

gesprek samen met een tweede persoon vanuit de organisatie. Bijstand door het

interventieteam wordt eveneens ingeschakeld. Een mogelijkheid is ook dat dit gesprek

gevoerd wordt in de beveiligde zone, bv in een spreekkamer met alarmknop (in

gemeentekantoor Hofstraat). Op die manier kan waar nodig een beroep worden gedaan op

binnen de organisatie aanwezige interventieteam. Veiligheid staat voorop.

•Bij het organiseren van evident risicovolle (openbare) groepsbijeenkomst/ informatieavond

wordt door de burgemeester een inschatting van de risico’s gemaakt. Op basis van het

resultaat hiervan wordt een passende locatie gekozen, worden organisatorische maatregelen

getroffen en wordt waar nodig beveiliging ingezet. De verantwoordelijke medewerker in de

organisatie kan, in overleg met de griffie ondersteunen bij het treffen van de juiste

maatregelen.

6. De handelingsprocedure na een incident

6.1 Melden

Alle voorvallen van normoverschrijdende gedrag (zoals beschreven in bovenstaand schema) worden

intern gemeld. Het kanaal dat wordt gebruikt door de burger is in deze niet van belang. Melding wordt

gemaakt van normoverschrijdend gedrag dat face-to-face, schriftelijk, via e-mail, of sociale media

wordt geuit.

•Raadsleden en fractievolgers melden incidenten bij de griffier of de plaatsvervangend griffier.

De griffier stelt de burgemeester op de hoogte.

•Wethouders melden incidenten bij de burgemeester. De burgemeester stelt de

gemeentesecretaris op de hoogte.

•De burgemeester meldt een incident bij de gemeentesecretaris. De gemeentesecretaris

informeert de griffier en de aangewezen medewerker in de organisatie

•Voor het melden wordt gebruik gemaakt van het Gemeentelijk Incidenten Registratiesysteem

(GIR). Het GIR is zo ontworpen dat volledig “op maat” kan worden ingericht wie er meldt, waar

de melding terecht komt en wie de melding kan inzien. Hierdoor is de privacy van de melder

gewaarborgd. Het voordeel van registeren in GIR is dat er een totaaloverzicht van incidenten

en de daarbij behorende veroorzakers ontstaat vanuit de bestuurlijke en ambtelijke

organisatie.

•Het melden van incidenten geeft inzicht in de aard, de vorm en mogelijke toename of afname

van incidenten binnen de gemeente en is de basis voor de te nemen (preventieve)

maatregelen. Het registeren van incidenten is ook belangrijk voor het, mogelijk later, aangifte

doen bij de politie en het verhalen van mogelijke schade.

•Bij online incidenten via social media (bijv. X, Instagram, Whatsapp ect) legt de politiek

ambtsdrager het bericht en de eventueel bij behorende gegevens (account van verzender,

URL’s, datum en tijd van het bericht en eventueel andere gegevens) zoveel mogelijk vast als

bewijsmiddel. Als het vaker voorkomt, is het verstandig om een logboek bij te houden.

•Voor online normoverschrijdend gedrag geldt dat duidelijk wordt aangegeven dat de norm is

overschreden, eventueel in overleg met de gemeente. Het normoverschrijdend gedrag wordt

ook bij het platform van de betreffende medium gemeld.

•Ook als een politiek ambtsdrager twijfelt or er sprake is van normoverschrijdend gedrag, is het

altijd mogelijk contact op te nemen met de gemeentesecretaris, de griffier en/of de

burgemeester. Tijdens het contact wordt bepaald of er vervolgstappen nodig zijn en zo ja, welke.

6.2. Afhandeling van incidenten.

Na het doen van een melding wordt besproken welke maatregel tegen de veroorzaker wordt

genomen. In zijn algemeenheid zijn de volgende maatregelen mogelijk:

•De persoon mondeling of schriftelijk waarschuwen

•(Tijdelijk) de dienstverlening beperken of (tijdelijk) de toegang ontzeggen tot de gemeentelijke

gebouwen. De schriftelijke ontzegging voor een bepaalde tijd is een besluit van de

burgemeester. Als hier geen gevolg aan wordt gegeven dan wordt de politie eveneens direct

in kennis gesteld en is sprake van een strafbaar feit waarvan aangifte wordt gedaan.

•De persoon oproepen voor een incidentgesprek/stopgesprek met een daartoe aangewezen

vertegenwoordiger van de gemeente over het normoverschrijdend gedrag.

•Het voorval melden bij de politie (als het gedrag niet strafbaar is, maar wel

normoverschrijdend, kan melding worden gedaan bij de politie, zodat het incident in ieder

geval bekend is bij de politie).

•Aangifte doen bij de politie.

•Afspraak op locatie of persoon bij de politie (prioritering in de respons door politie na een

melding)

•Andere maatregelen treffen, al naar de omstandigheden

•De burgemeester informeert, waar dat passend is, OM en politie en bespreekt incidenten in

het overleg binnen de driehoek.

Bij het bepalen van de maatregel wordt meegenomen of er sprake is van een eerste of herhaald

incident, zowel gericht tegen politieke ambtsdragers, als tegen ambtenaren van de gemeente.

6.3. Opvang en nazorg

Naast het regelen van praktische zaken is met name de emotionele ondersteuning van politieke

ambtsdragers (en hun familie) van groot belang voor het behoud van persoonlijk welzijn en voor

adequaat functioneren in de toekomst. De impact van een incident kan groot zijn en daarom wordt

altijd opvang en nazorg aangeboden. Voor opvang en nazorg is zeker niet altijd een externe

professional nodig. Effectieve ondersteuning na incidenten wordt vooral gekenmerkt door

invoelend vermogen en kennis van de mogelijke effecten van bijvoorbeeld bedreiging.

Er zijn verschillende mogelijkheden voor ondersteuning:

•De burgemeester en gemeentesecretaris verlenen opvang en nazorg aan de wethouders,

burgemeester en griffier aan de raadsleden en fractievolgers.

•Afhankelijk van de aard van het incident kan er ook gekozen worden om het

ambassadeursnetwerk van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden een rol te geven in

de emotionele ondersteuning

•Er kan gebruik worden gemaakt van Slachtofferhulp, via 0900 0101

•Als ondersteuning van het thuisfront nodig is, is het in ieder geval raadzaam een externe

professional in te schakelen. De gemeente heeft hiertoe een lokale voorziening getroffen via

de arbodienstverlening

•Voor acute gespecialiseerde psychosociale ondersteuning kan 24/7 een beroep worden

gedaan op het Instituut voor Psychotrauma. Zij zijn tijdens kantooruren te bereiken onder

nummer 020 840 76 20 en buiten deze tijden onder alarmnummer 088 33 05 112

•Ook de Vertrouwenslijn is voor politieke ambtsdragers een (vertrouwelijk) kanaal voor advies

en een luisterend oor. Deze helpt bestuurders met nazorg na vormen van ongewenst gedrag,

zoals bedreiging, intimidatie en geweld. De Vertrouwenslijn is opgericht in opdracht van het

•Ministerie van BKZ om politieke ambtsdragers bij te staan en te adviseren. Er kan anoniem

worden gebeld naar de Vertrouwenslijn op 0800 2800 200 (zeven dagen per week van 10.00

tot 17.00 uur). Voor persoonlijke- of zakelijke vragen kan er contact worden opgenomen via de

kantoorlijn op 088 – 5543218

Bij intern verzorgde opvang en nazorg kunnen altijd de navolgende gesprekken worden

aangeboden:

Eerste gesprek (binnen 24 uur)

Direct na een agressie-incident gaat het er om de veiligheid te herstellen en steun te bieden aan

de betrokkene(n). Het eerste gesprek heeft als doelen: veiligheid, emotionele ondersteuning en

praktische hulp bieden, informatie geven over het verwerkingsproces en vervolgafspraken maken.

Het is vooral belangrijk om betrokkene het verhaal te laten vertellen en te onderzoeken waar hij of

zij behoefte aan heeft. Wellicht moeten er praktische zaken worden geregeld (informeren

thuisfront, aangifte doen, schade e.d.)

Tweede gesprek (binnen drie dagen na het incident)

Het doel van het gesprek is net als bij het eerste gesprek het bieden van een luisterend oor en

steun (emotioneel en praktisch). Daarnaast is het belangrijk dat samen met de betrokkene het

verloop van de afgelopen dagen in kaart wordt gebracht en zodoende meer informatie wordt

verkregen over het verwerkingsproces.

Derde gesprek (na 4-6 weken 9 (of eerder voor zover nodig)

Naast emotionele ondersteuning gaat het tijdens het derde gesprek om de terugblik op de

gebeurtenis en de periode daarna. Het is belangrijk om stil te staan bij eventuele veranderingen in

de kijk op het ambt en het functioneren daarbinnen, het privéleven en persoonlijke beleving. Bij

mogelijke signalen op stagnatie van het verwerkingsproces is het zinvol om de betrokkene in ieder

geval door te verwijzen naar professionele hulpverlening, waarbij de kosten, voor zover deze niet

worden gedekt door de zorgverzekeraar, door de gemeente worden gedekt.

De gesprekken kunnen worden gevoerd door de gemeentesecretaris en/of griffier en/of de

burgemeester.

6.4 Aangifte doen en schade verhalen.

•Als er sprake is van strafbare feiten, doet de gemeente daarvan, met instemming van de

getroffen ambtsdrager, aangifte. De gemeente staat zo voor zijn ambtsdragers en ontlast deze

ook.

•Over de aangifte wordt niet gecommuniceerd, tenzij de betreffende politieke ambtsdrager

daarmee instemt ten behoeve van het onderzoek.

•Van de getroffen politieke ambtsdrager wordt verwacht dat hij/zij als benadeelde medewerking

verleend aan het politieonderzoek.

•Het OM wordt, voor zover nog niet betrokken in een eerdere fase, door de politie of

burgemeester op de hoogte gesteld bij een dreigingsmelding en/of een aangifte.

•Bij een acute, ernstige dreiging tegen een persoon ligt de verantwoordelijkheid voor de

beslissing over het treffen van beveiligingsmaatregelen, in het kader van de strafrechtelijke

handhaving en het bewaken en beveiligen, bij de Hoofdofficier van Justitie en doet de politie

voorstellen over de te neme maatregelen. (artikel 1, lid 2 Politiewet, aanwijzing beveiliging van

personen, objecten en diensten)

•Als de burgemeester zelf onderwerp is van acute, ernstige dreiging, blijft de Hoofdofficier van

•Justitie verantwoordelijk en kan worden overlegd met de Nationaal Coördinator

•Terrorismebestrijding en Veiligheid van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Als de

burgemeester slachtoffer is, wordt tevens de Commissaris van de Koning op de hoogte

gesteld.

•De werkgever is, ook als sprake is van een “fictief dienstverband” verplicht de Inspectie SZW

binnen 24 uur te waarschuwen als sprake is van een ernstig incident waarbij een politieke

ambtsdrager lichamelijk of geestelijk letsel oploopt, in het ziekenhuis moet worden

opgenomen, blijvende schade overhoudt aan de gezondheid of overlijdt aan de gevolgen.

•De gemeentesecretaris en/of de griffier bewaken terugkoppeling aan de benadeelde en

desgewenst aan het Presidium over de strafrechtelijke vervolging en de resultaten daarvan.

•Schade aan persoonlijke eigendommen of aanvullende kosten die een benadeelde moet

maken door het incident worden in eerste instantie vanuit de gemeente vergoed aan de

benadeelde. De gemeente verhaalt de kosten op de veroorzaker.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.