Gemeentelijke regelgeving

Leidraad invordering van fiscale- en privaatrechtelijke geldschulden gemeente Aa en Hunze

Gemeente Aa en Hunze · geldt sinds 1 januari 2026

Aanhef

Besluit

-Dat het Besluit van de invorderingsambtenaar van de gemeente Aa en Hunze houdende regels omtrent de Leidraad Invordering 2019 wordt ingetrokken.

-Dat dit besluit in werking treedt op 1 januari 2026.

Hoofdstuk 4 Acties door belastingschuldige

4.8 Uitstel van betaling (art 25 IW)

4.8.1 Uitstel van betaling algemeen

Er zijn 3 redenen op grond waarvan een uitstelverzoek kan worden ingediend:

-de belastingschuldige is het niet eens met de hoogte van de aanslag en heeft bezwaar ingediend;

-de belastingschuldige kan de aanslag niet binnen de betalingstermijn(en) betalen omdat hij geen of onvoldoende geld heeft;

-de belastingschuldige heeft zich gemeld bij schuldhulpverlening en de schuldhulpverlener wil starten met de minnelijke schuldsanering natuurlijke personen (MSNP). Regels voor uitstel van betaling in dit geval staan vermeld in artikel 4.13.1

De invorderingsambtenaar kan in een brief (beschikking) en onder zijn voorwaarden een belastingschuldige uitstel van betaling verlenen. Als uitstel wordt verleend wordt de invordering stopgezet. De invorderingsambtenaar kan hier van afwijken als hij vreest dat de belangen van de gemeente worden geschaad of als er misbruik gemaakt wordt van het uitstel van betaling.

De invorderingsambtenaar verleent geen uitstel van betaling voor de volgende belastingaanslagen:

-marktgelden;

-precariobelasting;

-toeristenbelasting.

4.8.2 Aanvragen van uitstel van betaling

De belastingschuldige kan op 5 manieren uitstel van betaling aanvragen:

-via het aanvraagformulier ‘uitstel betaling gemeentelijke belastingen Aa en Hunze’ op website:

aanvraagformulier uitstel betaling gemeentelijke belastingen Aa en Hunze.

-per e-mail: dwanginvordering@aaenhunze.nl

-per post: gemeente Aa en Hunze p/a Postbus 93, 9460 AB Gieten

-per telefoon: 088-12 30 900

-via het bezwaar of beroepschrift

4.8.3 Uitstel van betaling in verband met bezwaar of beroep

Het indienen van een bezwaar of beroep geeft niet automatisch uitstel van betaling van de belastingaanslag.

De belastingschuldige moet in zijn bezwaar vragen om uitstel van betaling.

Uitstel van betaling wordt door de ontvanger alleen verleend voor het deel van de aanslag waar het belastingschuldige bezwaar tegen maakt (het betwiste bedrag). Het niet betwiste bedrag moet gewoon op tijd betaald worden.

Het uitstel van betaling eindigt automatisch als er uitspraak is gedaan op het bezwaar of het beroep.

4.8.4 Uitstel van betaling omdat de belastingschuldige de aanslag niet op tijd of in één keer kan betalen

Als de belastingschuldige de belastingaanslag niet op tijd of in één keer kan betalen dan kan hij een betalingsregeling aanvragen. Een betalingsregeling is een vorm van uitstel van betaling waarbij de invorderingsambtenaar de voorwaarde stelt dat er iedere maand een deel van de aanslag wordt betaald. De invorderingsambtenaar kan ook aanvullende voorwaarden stellen.

Een betalingsregeling heeft alleen zin als de betalingsproblemen van belastingschuldige niet structureel zijn. Als de betalingsproblemen structureel zijn wordt er geen betalingsregeling afgesproken.

4.8.4.1 Betalingsregeling voor particulieren én ondernemers

Omdat de meeste belastingen jaarlijks worden opgelegd streeft de invorderingsambtenaar naar een betalingsregeling waarbij de openstaande aanslag volledig betaald is voordat de nieuwe belastingaanslag wordt opgelegd. Dit doet hij om een opstapeling van schulden zoveel mogelijk te voorkomen.

Verder geldt dat een betalingsregeling maximaal 12 maanden duurt. De betalingsregeling start vanaf de datum waarop de regeling is verleend. Alleen als de invorderingsambtenaar vindt dat er bijzondere omstandigheden zijn, kan hij de belastingschuldige een langere termijn geven.

Een betalingsregeling kan maximaal 1 keer worden afgesproken. Uitzondering hierop is als de invordering is overgedragen aan het NBK. Dan kan het NBK eventueel nog 1 keer akkoord gaan met een nieuwe betalingsregeling.

4.9 Tweede verzoek voor uitstel van dezelfde aanslag (herhaald verzoek)

4.9.1 Verrekening van teruggaven

Tijdens de loop van de betalingsregeling worden teruggaven of andere uit te betalen bedragen verrekend. De verrekening kan wel tot gevolg hebben dat het aantal termijnen dat de belastingschuldige moet aflossen wordt verminderd en/of de laatste aflossing afwijkt van het overeengekomen bedrag.

4.9.2 Uitstel in verband met faillissement, WSNP en surseance van betaling

De invorderingsambtenaar kan tijdens de wettelijke schuldsaneringsregeling onder de gebruikelijke voorwaarden uitstel van betaling verlenen voor belastingaanslagen waarvoor de wettelijke schuldsaneringsregeling niet geldt. Faillissementsschulden en belastingaanslagen waarvoor de wettelijke schuldsanering geldt, vallen niet onder een betalingsregeling.

4.9.3 Wanneer wordt een betalingsregeling beëindigd?

De betalingsregeling wordt in ieder geval beëindigd als:

-de belastingschuldige zich niet houdt aan de voorwaarden van de betalingsregeling;

-blijkt dat de belastingschuldige onjuiste gegevens heeft verstrekt;

-de reden voor de betalingsregeling is komen te vervallen;

-de belastingschuldige is toegelaten tot de minnelijke of wettelijke schuldsaneringsregeling voor natuurlijke personen.

Als de belastingschuldige een betalingstermijn van de betalingsregeling niet heeft betaald voldoet hij niet aan de voorwaarde van de betalingsregeling.

4.9.4 Invordering voortzetten

Als de invorderingsambtenaar geen nieuw uitstel van betaling geeft of het uitstel stopt, of als het beroep tegen de afwijzing van het uitstel is afgewezen, wordt de invordering na 10 dagen opgestart dan wel voortgezet.

4.9.5 Beroep

De belastingschuldige kan beroep aantekenen in de volgende gevallen:

-zijn verzoek om uitstel van betaling is afgewezen;

-een eerder verleend uitstel is ingetrokken.

Het beroepschrift moet binnen 10 dagen na dagtekening van de beschikking worden ingediend bij de invorderingsambtenaar, maar moet worden gericht aan het college van B&W.

Als blijkt dat het beroepschrift onvoldoende gemotiveerd is, wordt de belastingschuldige verzocht om het beroepschrift nader te motiveren.

Als het college van B&W op het beroepschrift heeft beslist, wordt de beslissing bekendgemaakt aan de belastingschuldige en/of zijn gemachtigde. De motivering wordt vermeldt in een brief.

4.10 Kwijtschelding (art. 26 IW)

4.10.1 Beleidskeuzes kwijtschelding

In artikel 255 van de Gemeentewet staat dat de gemeente bij het verlenen van volledige of gedeeltelijke kwijtschelding moet voldoen aan de regels die de Minister van Financiën heeft vastgesteld op basis van artikel 26 van de Invorderingswet. Deze regels staan in de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 (UR IW).

De gemeente kan binnen de wettelijke grenzen afwijken van de regels die in de UR IW staan. De mogelijkheden hiervoor zijn vastgelegd in de Gemeentewet, de UR IW en de Regeling Kwijtschelding belastingen voor medeoverheden.

De afwijkende regels staan in de door de gemeente opgestelde kwijtscheldingsverordening. Deze verordening is gepubliceerd op overheid.nl

Gemeenteblad 2023, 117447 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen

4.10.2 Noordelijk Belastingkantoor (NBK)

De beoordeling van kwijtscheldingsverzoeken voor gemeentelijke belastingen van de gemeente Aa en Hunze wordt uitgevoerd door het NBK.

Beroepschriften omtrent de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen worden eveneens inhoudelijk door het NBK beoordeeld. De ondertekening geschiedt door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aa en Hunze.

De gemeente Aa en Hunze volgt het kwijtscheldingsbeleid van het NBK dat is vastgelegd in artikel 26 van de Leidraad invordering Noordelijk Belastingkantoor. Tevens is de door de gemeenteraad van Aa en Hunze vastgestelde kwijtscheldingsverordening van toepassing.

4.10.3 Kwijtschelding ondernemers voor privé belastingen

Voor belastingschuldigen die een bedrijf hebben of zelfstandig werken, gelden voor bepaalde gemeentelijke belastingen (die niet direct met hun werk te maken hebben) dezelfde kwijtscheldingsregels als voor andere natuurlijke personen.

De beoordeling van de aanvraag gebeurt op basis van het inkomen dat iemand heeft en het vermogen dat hij of zij bezit, bijvoorbeeld uit loon, een uitkering, enzovoort.

Bij de beoordeling van het netto-inkomen wordt gekeken naar de aangifte inkomstenbelasting en de winst- en verliesrekening van het jaar waarin de kwijtschelding wordt aangevraagd.

Bij het beoordelen van het vermogen (aan de hand van de winst- en verliesrekening) wordt het bedrijfsvermogen dat nodig is voor het bedrijf, niet meegerekend.

4.13 Insolventieprocedures

4.13.1 De minnelijke schuldsaneringsregeling (MSNP) door leden van de NVVK of gemeenten

Stabilisatiefase

In deze fase worden de inkomsten en uitgaven van de belastingschuldige in kaart gebracht en gestabiliseerd. Lopende invorderingsmaatregelen worden opgeschort. Als de invorderingsambtenaar van de schuldhulpverlener een melding over de stabilisatie-overeenkomst ontvangt, wordt de invordering voor maximaal 240 dagen (8 maanden) stopgezet.

Voorwaarden MSNP

Als de schuldhulpverlener meldt dat er een schuldregelingsovereenkomst is afgesloten, krijgt de belastingschuldige uitstel van betaling voor maximaal 18 maanden, onder de volgende voorwaarden:

-De regeling geldt voor natuurlijke personen (mensen dus).

-De schuldhulpverlener is lid van de NVVK (Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet) of de regeling wordt uitgevoerd door een gemeente.

-De schuldregeling is opgesteld volgens de Gedragscode Schuldhulpverlening van de NVVK, of een gelijkwaardige overeenkomst en waarbij voor de berekening van de aflossingscapaciteit wordt uitgegaan van de door Recofa (is een landelijk overlegorgaan van rechters-commissaris in insolventieprocedures).

-Voor ondernemers is de regeling opgesteld volgens specifieke regels (Module Schuldregeling voor ondernemers van de NVVK).

-Er een redelijke verwachting is dat het bedrijf of zelfstandig beroep van de belastingschuldige na de regeling levensvatbaar blijft.

-Het waarschijnlijk is dat de belastingschuldige in aanmerking komt voor een dwangakkoord.

-Aan het eind van de regeling wordt er een bedrag betaald dat gelijk is aan wat er anders bij een wettelijke schuldsanering zou worden verkregen.

Het uitstel van betaling begint vanaf de datum van de schuldregelingsovereenkomst. Na het afsluiten van de overeenkomst onderzoekt de schuldhulpverlener binnen 120 dagen (maar uiterlijk 240 dagen) of een regeling met de schuldeisers kan worden bereikt.

Op welke belastingaanslagen is het uitstel van toepassing?

Het uitstel geldt voor belastingaanslagen tot en met de datum van de schuldregelingsovereenkomst. Ook is de regeling van toepassing op belastingaanslagen die normaal gesproken niet worden kwijtgescholden.

Gevolgen van het MSNP- uitstel

-Als er een schuldregeling tussen de belastingschuldige en de schuldeisers wordt bereikt, vervallen eventuele beslagen die eerder zijn gelegd.

-Er kan verrekening plaatsvinden met belastingteruggaven die te maken hebben met belasting die is ontstaan tot de dag waarop het afschrift van de stabilisatie-overeenkomst is ontvangen.

-Als de belastingschuldige vraagt om kwijtschelding van belastingen die zijn ontstaan na de datum van de schuldregelingsovereenkomst, wordt het verzoek behandeld volgens het bestaande beleid.

Intrekken uitstel tijdens de MSNP

De invorderingsambtenaar kan het uitstel intrekken als:

-De schuldhulpverlener niet binnen 240 dagen na de datum van de schuldregelingsovereenkomst heeft aangegeven dat de schuldregeling doorgaat.

-De belastingschuldige probeert om zijn schuldeisers te benadelen.

-Hij daarvoor een andere goede reden heeft.

De invorderingsambtenaar trekt het uitstel pas in nadat hij de schuldhulpverlener schriftelijk heeft laten weten dat hij dat van plan is, en de belastingschuldige veertien dagen de tijd heeft om zijn verplichtingen correct na te komen.

Na de toepassing van de MSNP-regeling

De belastingaanslagen die betrekking hebben op de periode waarin MSNP van toepassing was zullen worden kwijtgescholden. Dit gebeurt alleen als de belastingschuldige zich tijdens de MSNP-regeling aan de afspraken heeft gehouden.

4.13.2 Minnelijke schuldsanering door anderen dan NVVK-leden of gemeenten

Hoe vindt beoordeling van het verzoek plaats?

Verzoeken voor een minnelijke schuldsanering, ingediend door een persoon of organisatie die geen NVVK-lid of gemeente is, worden door de invorderingsambtenaar beoordeeld op basis van de volgende overwegingen:

-Is het voorstel goed en duidelijk vastgelegd?

-Is het voorstel het hoogste wat de belastingschuldige financieel kan bieden?

-Is een eventueel faillissement of schuldsanering voordeliger voor de belastingschuldige?

-Heeft invorderingsambtenaar kans om evenveel of meer te krijgen als het faillissement of de schuldsanering doorgaat?

-Is er al eerder een soortgelijk geval geweest dat als voorbeeld kan dienen?

-Hoe belangrijk is het voor de invorderingsambtenaar om datgene wat afgesproken is, volledig te ontvangen?

-Hoe groot is het aandeel van de weigerende invorderingsambtenaar in de totale schuld?

-Staat de weigerende invorderingsambtenaar alleen tegenover de andere schuldeisers die wel akkoord zijn met het voorstel?

-Is er eerder een poging geweest om een schuldregeling te treffen die niet goed is uitgevoerd?

Als na beoordeling blijkt dat kan worden ingestemd met het verzoek, dan verleent de invorderingsambtenaar voor 18 maanden uitstel van betaling.

4.14 Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP)

Als de belastingschuldige aan bepaalde voorwaarden voldoet, kan de rechter hem toelaten tot de WSNP. De WSNP stopt na 18 maanden. Deze termijn kan worden verlengd tot 5 jaar.

Gevolgen van de WSNP

-Als de rechter beslist dat de belastingschuldige een schone lei krijgt omdat hij zich aan alle afspraken heeft gehouden, dan stopt de WSNP. De belastingschulden die onder de WSNP vallen, zullen niet meer worden ingevorderd. Als er geen sprake is van een schone lei kan de invorderingsambtenaar de invordering hervatten.

-Als de belastingschuldige vraagt om kwijtschelding van belastingen die zijn ontstaan na de datum van de schuldregelingsovereenkomst, wordt het verzoek behandeld volgens het bestaande beleid.

Nieuwe schulden

(Nieuwe) belastingschulden die ontstaan vallen niet onder de werking van de WSNP en moeten volledig worden betaald. Hiervoor kan wel kwijtschelding aangevraagd worden.

Hoofdstuk 5 (Vervolg)acties invorderingsambtenaar

5.4 Aansprakelijk voor belastingschuld van een ander (art. 32 tot en met 57a IW)

5.4.1 Uitstel bij aansprakelijkheid

Uitstel van betaling kan ook worden verleend aan iemand die aansprakelijk is gesteld. De regels (het beleid) bij uitstel aan een aansprakelijkgestelde komen overeen met de regels voor uitstel aan een belastingschuldige.

5.4.2 Bezwaar tegen de aansprakelijkstelling

De aansprakelijkgestelde kan een bezwaarschrift indienen tegen zowel de aansprakelijkstelling zelf als tegen de belastingaanslag. Dat laatste kan alleen als de oorspronkelijke belastingschuldige niet al bezwaar heeft gemaakt. Als de invorderingsambtenaar het bezwaarschrift heeft afgewezen, kan de aansprakelijkgestelde een beroepschrift indienen bij de rechtbank. Tegen de uitspraak van de rechtbank staat vervolgens hoger beroep open bij het gerechtshof.

Tegen de schriftelijke uitspraak van het gerechtshof kunnen zowel de aansprakelijkgestelde als het college van B&W respectievelijk het dagelijks bestuur eventueel in cassatie gaan. Cassatie vindt plaats bij de hoogste rechterlijke instantie van Nederland, de Hoge Raad. De Hoge Raad bekijkt of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd in een juridisch geschil.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.